Oosttimorezen opgepakt voor ondervraging

JAKARTA, 9 DEC. Een groep van 58 Indonesische en Oosttimorese jongeren die donderdag en gisteren de Russische ambassade in Jakarta bezet hield, wordt sinds gisteravond voor ondervraging vastgehouden in het hoofdbureau van politie.

Samen met 55 jonge activisten die het terrein van de Nederlandse ambassade binnendrongen, hadden zij aandacht gevraagd voor het lot van Oost-Timor, dat twintig jaar geleden werd overweldigd door Indonesische troepen.

De 58 verlieten gisteren per bus het Russische ambassadeterrein, na bemiddeling door Jan 'Poncke' Princen, bestuurslid van het Instituut voor Rechtshulp (LBH). Russische diplomaten hadden de bezetters gesuggereerd dat zij onder bescherming stonden van het Rode Kruis en dat zij zouden worden overgebracht naar het hoofdkwartier van de LBH, elders in Jakarta. Het Rode Kruis was echter niet betrokken bij de onderhandelingen en de bus, met onder de passagiers politiemannen in uniform en in burger, reed rechtstreeks naar het hoofdkwartier van de politie. Kort daarop gaf Princen toe dat hij door de Russen en de Indonesische autoriteiten was “belazerd”. Vanmorgen hadden hij en andere advocaten van de LBH nog geen toestemming om de 58 te bezoeken.

De betogers die sinds donderdag op het terrein achter de Nederlandse ambassade bivakkeren, zijn vanmorgen naar binnen gehaald, toen zo'n veertig agressieve tegenbetogers opdoken. Dezen rammelden aan het ambassadehek en scandeerden 'Stuur de volksverraders naar buiten'. Bij het gebouw waren enkele tientallen politiemannen en militairen op de been. Donderdag drong een pro-Indonesische knokploeg het ambassadeterrein binnen om de daar verblijvende bezetters aan te vallen. Deze stuitte echter op Nederlandse diplomaten die vervolgens de klappen incasseerden en daarbij verwondingen opliepen.

De actievoerders in de Nederlandse ambassade stellen zuiver politieke eisen. Die luiden: terugtrekking van de Indonesische strijdkrachten uit Oost-Timor, amnestie voor alle Oosttimorese politieke gevangenen en een volksraadpleging over de inlijving van Oost-Timor bij Indonesië. Diplomaten achten dit onrealistische verlangens, waaraan Nederland niet tegemoet kan komen, en overwegen een oplossing te forceren. Temeer daar men zich sinds het incident van donderdag zowel in Jakarta als in Den Haag grote zorgen maakt over de veiligheid van ambassade en personeel. Omdat de bezetters geen politiek asiel vragen, zou de internationale rechtsgrond voor onttrekking van de betogers aan het Indonesische rechtsgebied gaandeweg komen te vervallen. Een diplomaat zei echter dat “we de bezetters niet in dezelfde val zullen laten lopen als de activisten in de Russische ambassade”.

Die zaten vanmorgen nog steeds vast in het politiehoofdkwartier. Het hoofd woordvoering van de hoofdstedelijke politie, Imam Hariatna, zei vandaag dat zij worden vastgehouden voor ondervraging. Als de wettelijke termijn van 24 uur voor de voorlopige hechtenis is verstreken, moet over hun status worden beslist. “Als er onder hen personen zijn die worden verdacht van strafbare handelingen, kan de hechtenis worden verlengd en pas dan kunnen advocaten worden toegelaten”, aldus Hariatna.

De Indonesische minister van buitenlandse zaken, Ali Alatas, zei gisteren tegen verslaggevers het gewelddadige incident van donderdag in de Nederlandse ambassade te betreuren. Een woordvoerder van de ambassade zei echter zich “niet bewust te zijn en geen kennis te hebben genomen van enige officiële verontschuldiging door de Indonesische regering”.