Necrologieën

HUGH MASSINGBERD (red.): The Daily Telegraph Book of Obituaries

338 blz., MacMillan 1995, ƒ47,25

De necrologieën van de Times gelden als de voornaamste van Engeland, klassieke voorbeelden voor andere kranten; die van de Independent en de Guardian mogen er zijn; maar alleen de Daily Telegraph offreert behalve over de hoofdfiguren van onze tijd ook levensberichten over bijfiguren. Deze verbreding is bewerkt door Hugh Massingberd, acht jaar lang obituaries editor voordat hij zich in 1994 terugtrok op zijn huidige post van tv-criticus. Hij heeft nu een bloemlezing geredigeerd uit de stukken over bijfiguren. Volgens de ondertitel hebben hij en zijn medewerkers over eccentric lives willen vertellen. Dat wekt niet meteen vertrouwen; als Engelsen over hun eccentrics beginnen, hebben zij maar al te vaak de neiging te vooropgezet grappig te worden.

De recente doden in de stukken zijn niet veel wonderlijker geweest dan de lezer zelf, maar zij zien er verbazend uit als hun leven wordt samengevat. De restauranthouder Peter Langan zei tegen een bezoekster die klaagde over een dode kakkerlak in de wc: “Mevrouw, dat was er niet een van ons, al de onze zijn levend.” Mabel Strickland, de eigenares van de Times of Malta, klampte bij gelegenheid haar handen aan haar borsten en riep uit: “Als ik deze niet had was ik premier van Malta!” Mevrouw Wheeler, die zes maanden kreeg omdat zij haar minnaar had neergeschoten, werd na de uitspraak in een omhelzing met hem aangetroffen in een cel onder het gerechtsgebouw. Michael Bland, een dominee in Gloucestershire, had zijn gemeente zo van zich vervreemd dat hij jaren lang op zondag alleen zijn huishoudster in de kerk had.

De stukken hebben altijd een raamwerk van feiten van de levensloop, aangevuld met verhalen die uit oude kranten en van vrienden en kennissen afkomstig moeten zijn. Massingberd heeft zich laten inspireren door de zeventiende-eeuwse collectie van onvolledige biografietjes door John Aubrey, Brief Lives; de nieuwsgierige persoonlijke toon daarvan is niet precies nagedaan, maar de stemming is verwant.

Niet-Britse lezers zullen meestal even plezier beleven aan het boek en al gauw weer aan iets anders denken, want wat moet een Nederlands geheugen met al die onaanzienlijke Engelsen? Toch blijft er iets onvergetelijks van over. De zorgvuldigheid en de luchtig-ernstige verteltrant waarmee de bijfiguren behandeld zijn, zal de velen van ons die zichzelf ook bijfiguren voelen met herboren aandacht doen kijken naar hun eigen leven en dat van hun omgeving.