Betoverende foto's uit een studio in Mali

Tentoonstelling: Counter Cultures: Self Evident (Photo International 1995). T/m 31 dec. in het Nederlands Foto Instituut, Witte de Withstraat 63, Rotterdam. Di-zo 11-17u. Cat. ƒ30,-

Niet bekend

Maar wie die foto's van de nu 72-jarige Keita in het Nederlands Foto Instituut (Rotterdam) onder ogen krijgt, kan niet anders dan concluderen dat hij de Richard Avedon van Mali is geweest. En beter nog; want waar Avedon zoals menig artistiek onderlegd vakbroeder de grootste moeite doet zijn foto's een zeggingskracht te geven die uitstijgt boven directe afbeelding van de persoon, slaagt Keita met de simpelste middelen schijnbaar moeiteloos in die opzet. Zijn betoverende foto's vormen daarmee het onmiskenbare hoogtepunt van de overigens nogal fletse tentoonstelling Self Evident.

Self Evident, met behalve werk van Keita nogal clichématige studioportretten van zijn historische collega Mama Casset (Senegal, 1908-1992) en speciaal voor deze tentoonstelling door Ingrid Pollard, Maxine Walker en Oladele Ajiboye Bamgboye (alle uit Engeland) gemaakte (zelf)portretten van moderne, experimentele signatuur, vormt in zijn eentje de jaarlijkse manifestatie Photo International. Een jaarlijkse grootschalige opzet zou namelijk te veel beslag leggen op tijd, geld en middelen, aldus het NFI. Vandaar dat er voortaan alleen in de 'even jaren' exposities op diverse lokaties plaatsvinden; in de 'oneven jaren' is het er slechts eentje, die in thematiek vooruit loopt op de échte manifestatie in het daaropvolgende jaar.

Counter Cultures luidt dat thema in 1995 (en dus in 1996), oftewel 'de identiteit van niet-westerse culturen binnen een dominante westerse cultuur'; volgens het NFI 'een actuele maatschappelijke discussie in de fotografie'. Dat is ondanks de ontegenzeggelijke relevantie van het thema wat Nederland betreft een nogal overdreven claim. Als hier iets op de agenda staat dan is het de digitalisering, of de gebrekkige publicatiekanalen voor documentaire fotografie, maar 'culturele identiteit'?

Anders ligt dat in Engeland, waar Self Evident werd samengesteld door Mark Sealy, directeur van Autograph, een centrum voor fotografen van Afrikaanse, Westindische of Aziatische afkomst. De discussie wordt daar al jaren met grote felheid gevoerd. In dat land kunnen foto's als die van Bamgboye waarin de fotograaf zelf naakt in de weer is met gekleurde voiles, slingers en een stoel, aanleiding vormen tot stevige, politiek gekleurde polemieken over de verbeelding van 'zwarte seksualiteit'. Daar vormen de zelfportretten waarin Maxine Walker zich afwisselend afbeeldt als tegendraadse rasta, kantoorjuffrouw of nachtclubzangeres de basis voor uitvoerige beschouwingen over 'de deconstructie van etnische vooroordelen'.

Die achtergrond maakt Self Evident in het land van oorsprong wel begrijpelijk, maar binnen de Nederlandse context komt ze nogal willekeurig en ongericht over, en hebben de samenstellende delen veel weg van puzzelstukjes uit een doos waarvan het deksel niet is meegeleverd. Daar kan ook de toelichting op de expositie weinig aan veranderen. Daarin worden alle goede bedoelingen verklaard uit de rol van de fotografie in de maatschappelijke beeldvorming en de stereotype weergave van culturele identiteit in 'de media'.

Nee, dan liever Seydou Keita met zijn ongedwongen portretten vol kleine, terloopse en vaak aanstekelijk onhandige details. Soms gebruikt hij rafelige achtergrondjes, die elders weer als vloerbedekking opduiken of gedrapeerd zijn over een stapel kussens. Ze zijn steevast te krap opgehangen waardoor er telkens een verweerd stukje muur of lemen vloer langs piept of de schoen die op de sleep van de jurk werd gezet omdat hij anders niet op de foto kon. Onvergetelijk is zijn portret van drie dames die zich glimmend van trots voor hun prachtige Peugeot laten fotograferen; de auto daarentegen zit onder het stof, en de chauffeur - of is het de heer des huizes? - staat maar half in beeld, nonchalant leunend op de motorkap.

Iedereen blikt serieus, maar losjes en ongedwongen in Keita's camera. Dat gebrek aan schroom geeft zijn portretten een grote openheid, en het verleent zijn zitters een bijna vanzelfsprekend zelfbewustzijn aan de vooravond van de dekolonisatie. En precies daarmee maakt hij onbedoeld toch die titel Self Evident als enige waar.