John Lennon (1940-1980); Welterusten, Welterusten, tot morgen

Er is een lange lijst van popmusici die voortijdig en op het hoogtepunt van hun roem overleden. Ze hebben allemaal een 'zwanezang', een laatste, veelbetekenend nummer. In deze serie, waarbij de publikatiedag samenvalt met de sterfdatum van de musicus, vandaag John Lennon, die precies vijftien jaar geleden overleed.

'April is the cruellest month', schreef T.S Eliot in 'The Burial of the Dead', het eerste deel van The Waste Land. Maar zijn stelling gaat niet altijd op. In de rock 'n' roll is geen maand zo wreed als december. Zes popsterren van wereldformaat lieten in de donkere dagen rondom Sinterklaas en kerst voortijdig het leven: Frank Zappa en Roy Orbison, die slachtoffer werden van gezondheidsproblemen, Otis Redding, die omkwam bij een vliegtuigongeluk, Sam Cooke en Johnny Ace, die stierven aan pistoolwonden, en natuurlijk John Lennon, die vandaag precies vijftien jaar geleden werd vermoord voor zijn appartement in New York.

Lennon kwam die avond van de 8ste december 1980 samen met zijn vrouw Yoko Ono terug uit de opnamestudio. Toen hij uit de auto stapte en naar de voordeur van het Dakota-flatgebouw aan Central Park liep, werd hij dodelijk geraakt door vier dum-dumkogels in de rug. De moordenaar, de 25-jarige Mark Chapman, rende niet weg, maar ging staan lezen in het boek The Catcher in the Rye van J.D. Salinger en liet zich rustig inrekenen door de politie. Een motief voor zijn daad gaf hij niet; psychiatrisch onderzoek maakte duidelijk dat hij geobsedeerd was door Lennon, die hij afwisselend beschouwde als de duivel en God. Zes uur voordat hij zijn 38.Special afvuurde, had hij nog bij zijn idool gebedeld om een handtekening op een platenhoes.

Het album dat Chapman Lennon liet signeren was het half november verschenen Double Fantasy, de eerste plaat die Lennon sinds 1975 had uitgebracht. Vijf jaar lang had de ex-Beatle zich als househusband gewijd aan de opvoeding van zijn zoontje Sean; vijf jaar lang had hij naar eigen zeggen geen gitaar aangeraakt. Totdat tijdens een zomervakantie met Sean de liedjes 'als diarree' tot hem kwamen; door de telefoon zong hij ze voor aan Yoko Ono, die per ommegaande 'reply songs' componeerde. Binnen twee weken hadden ze er samen 22, die voor het grootste deel terechtkwamen op Double Fantasy, en voor de rest op het drie jaar na Lennons dood uitgebrachte Milk And Honey.

In de dertien autobiografische liedjes die Lennon schreef voor zijn laatste albums brengt hij een ode aan zijn gezinsleven en becommentarieert hij zijn lange retraite uit de wereld van de rock 'n' roll. '(Just Like) Starting Over' heet het openingsnummer van Double Fantasy, en in 'Watching The Wheels' maakt hij duidelijk dat hij niet, zoals voorheen, als ex-Beatle en rocklegende geleefd wil worden: 'No longer riding on the merry-go-round/ I just had to let it go'. Lennons toon is opgetogen, veel optimistischer dan je gewend bent van de chronisch depressieve en doorgaans cynische popster; dood en verderf zijn op een veilige afstand gehouden.

Het laatste liedje dat door John Lennon werd geschreven, is volgens Yoko Ono 'Grow Old With Me'. Het is een hymne op het huwelijk die werd geïnspireerd door een negentiende-eeuws gedicht van Robert Browning. Als we Ono mogen geloven, hoopte Lennon dat het een standard zou worden, een lied dat bij huwelijksinzegeningen in de kerk gespeeld zou worden. Maar hij kwam er niet meer aan toe om het passend te arrangeren. De versie die op Milk And Honey terecht is gekomen, is een met de cassetterecorder opgenomen ruwe schets, net zo weinig uitgewerkt als de nagelaten Lennon-compositie 'Free As A Bird', die nu als Beatle-nummer de hitparade bestijgt.

Als zwanezang schiet 'Grow Old With Me' tekort; omdat het onvoltooid is, en ook omdat tekst en muziek nog(al) karakterloos zijn. Maar tussen de dertien laatste songs van John Lennon zit er één die wel een passend vaarwel is voor de man die de wereld klassieken als 'In My Life' en 'Working-Class Hero' gaf. 'Beautiful Boy' heet het, en het heeft een ereplaatsje op Double Fantasy.

'Beautiful Boy', een slaapliedje van vader Lennon voor zijn zoontje Sean, begint met zeegeluiden en een dromerig keyboard-thema dat net als Sean half Japans is. 'Sluit je ogen', zingt Lennon onder begeleiding van rustige gitaren, 'wees niet bang/ het monster is weg/ het is op de vlucht en je pappa is hier'; en twee coupletten later: 'Ik kan nauwelijks wachten/ om je op te zien groeien'. Als na vier minuten de laatste klanken verstorven zijn en de golven weer rollen, fluistert Lennon: 'Welterusten Sean. Tot morgenochtend.'

Natuurlijk is 'Beautiful Boy' in de eerste plaats een onschuldig wiegeliedje; maar de gebeurtenissen van de 8ste december 1980 hebben de roerende tekst een grimmige ondertoon gegeven. Wie het nummer nu hoort, verliest zich in sentimentele gedachten: hoe het monster weer terug kwam en Sean zijn vader op een ochtend niet meer zag; en hoe Lennon zijn zoontje nooit groot zag worden.

'Life is what happens to you while you're busy making other plans' zingt Lennon aan het einde van 'Beautiful Boy'. Was het maar waar. Veel vaker is het de dood die je inhaalt wanneer je nog vol met plannen zit.