Een geheugenloze man; Debuut van de Oostenrijkse arts Melitta Breznik

Melitta Breznik: Nachtdienst. Eine Erzählung. Uitg. Luchterhand, 115 blz. Prijs: ƒ 41,70

'De open gemaakte borstkas is een janboel van orgaanresten, de hersenen gelig uiteenvloeiend, naast de muskaatkleurige halvemaan van de lever.' Deze zin staat op de eerste bladzijde van Nachtdienst, het debuut van de in Zürich levende 34-jarige Oostenrijkse arts Melitta Breznik. We zijn in de ruimte waar sectie verricht wordt op juist gestorven patiënten. Op de tafel ligt het overschot van een oude man, die aan de drank was. Een diagnose wordt gesteld, hulpkrachten ruimen de bloedvlekken op en naaien de overledene dicht. Dokter Breznik gaat verslag uitbrengen aan de verantwoordelijke arts.

Een routine-aangelegenheid. Maar al meteen laat Melitta Breznik blijken dat de wand tussen professionele distantie en persoonlijke emotie gaten vertoont. Bijna zonder overgang begint zij aan een gruwelijk In memoriam van haar vader, dat teruggrijpt naar diens Duitse, door nazi-dienstplicht vermoorde jeugd en zijn uitzichtsloze leven als fabrieksarbeider, en dat besluit met een door alcohol bevorderde dementie. Het is geen In memoriam waarbij de schrijver buiten schot blijft. De dochter in dit grauwe arbeidersmilieu haatte haar vader in haar jeugd, zij lag elke avond doodsbang wakker in afwachting van zijn thuiskomst. Soms was hij dan zo dronken dat hij woordeloos in bed tuimelde. Maar vaak ook schalden de jaloerse scheldpartijen op haar moeder door de arbeiderswoning, die de familie ten slotte overigens moest verlaten omdat vader ook met anderen in zijn omgeving onverzoenlijke ruzies maakte.

Toch is het boek in geen enkel opzicht een rigoureuze afrekening met de ouder onder wie het kind zo geleden heeft. Hier onderscheidt de schrijfster zich van andere in de provincie opgegroeide Oostenrijkse schrijvers als Roth, Jelinek en Turrini, die niet ophouden het post-fascisme en de gewelddadigheid van de generatie ouders aan de kaak te stellen. Melitta Breznik, afkomstig uit een dorpje onder de rook van een kleine fabriekstad in Stiermarken, bericht verzoeningsgezind over haar vader en het lot van velen van zijn generatie. En elk haatgevoel lijkt verdwenen als hij in zijn laatste levensjaren een ongevaarlijke, geheugenloze, verwoeste man is. Zijn vrouw is na jaren moed vatten ten slotte toch van hem weggelopen, zijn kinderen zijn praktisch uit zijn gezichtskring verdwenen.

Wat Nachtdienst tot een opmerkelijk, van begin tot eind overtuigend boek maakt is dat Breznik nergens afglijdt in sentimentele verdoezeling. Haar rapportage blijft glashelder, de details van haar herinneringen roepen haar jeugd op in al zijn gruwelijkheid, maar er is zelfbeklag noch verontwaardiging in haar levensverhaal, psychologische goedpraterij noch harde veroordeling. Ze bereikt dat door haar herinneringen af te wisselen met beschrijvingen van haar medische werk, waardoor duidelijk wordt dat haar emoties over haar jeugd, de gevoelens tegenover haar vader zich juist door de confrontatie met de vergankelijkheid en hulpeloosheid van de menselijke creatuur konden ontwikkelen van afschuw tot begrijpen en mededogen.

Toch is Melitta Brezniks debuut geen klinisch en afstandelijk verhaal. Nachtdienst is niet het relaas van een goed schrijvende arts die door professionele distantie haar jeugdtrauma's probeert kwijt te raken. Het is een literair debuut van ongebruikelijke kwaliteit omdat het die trauma's en emoties aan de teugel heeft, ze kan omzetten in ingehouden maar geladen, vaak prachtig proza. En ook omdat het de omslag naar mededogen en ten slotte onmiskenbare liefde van het opgegroeide kind, niet alleen voor de nu demente vader maar ook voor die van vroeger, volstrekt overtuigend in taal en beelden weet vorm te geven.