Azul: razendsnel talmen tussen zeven barkrukken

Voorstelling: Djazzex. Azul. Choreografie: Neel Verdoorn; muziek: José-Luis Greco. Darimana. Choreografie: Glenn van der Hoff; muziek: Albert van Veenendaal. Cell Walk. Choreografie: Glenn van der Hoff; muziek: Cecil Taylor. Gezien: 7/12 Theater aan het Spui, Den Haag. Aldaar t/m 8/12. Tournee t/m 2/5.

Choreograaf Glenn van der Hoff, geboren in Indonesië, zou ter gelegenheid van het Haagse Festival Indië/Indonesië een toepasselijke produktie maken. Maar zijn jazzdansgezelschap Djazzex werd achtervolgd met pech. Door blessures, een zieke repetitor en tijdnood moest het project worden afgeblazen. Nu brengt Djazzex één première, Azul van de andere huischoreograaf Neel Verdoorn, en daarnaast twee reprises.

Het merkwaardigst aan Azul is de muziek van José-Luis Greco, die heen en weer schiet tussen vliegtuig-achtig gebulder, elektronische bliebjes en grommende basgitaren, om steeds epaterender te worden in soms regelrechte synthesizer-kitsch. Charmante kitsch, dat wel, en het geldt ook voor de choreografie. Azul begint nog tamelijk streng, als de dansers soms alleen, dan weer in wisselende groepjes tussen de geluidsflarden door bewegen. Maar net als de muziek wordt de dans steeds anekdotischer. Er verschijnen acht vrolijk gekleurde barkrukken op een rij in het verder grijze decor, en dan volgt een kostelijke barscène. Helemaal aan de ene kant zit op zo'n kruk een meisje, aan de andere kant heeft een jongen zin in haar. Maar hij durft niet zo. Hij springt stoer over de zeven krukken die tussen hen in staan, slalomt er met ferme zwaaien van zijn been in moordend tempo tussendoor, maar haast zich even vaak weer terug naar af. Razendsnel talmen is het, mooi gedanst door Daan Wijnands.

Hij trekt wel vaker de aandacht, omdat hij een energieke krachtpatser is met een toch ingehouden, bijna tere stijl. Minder geslaagd want weinig gewaagd waren nogal wat andere bewegingen in Azul. Met name het hupse sprongetje op de plaats om daarna uit te halen in brede stappen lijkt inmiddels een klassieker bij Djazzex. In het derde deel van de choreografie wreekt zich dat. De verrassing van de eerste twee delen is er dan echt af.

Naast Glenn van der Hoffs sexy en heel jazzy choreografie Cell Walk uit 1992 voor twee danseressen op muziekfragmenten van Cecil Taylor, zit er toch nog een snufje Indonesië in het programma met Darimana uit 1989. Van der Hoff blikt terug op zijn jeugd met innemende, vaak trage dans op een lief Balinees wiegeliedje en gamelan-klanken, waarin een hier en daar geknikte hand, geflexte voet of korte trippelpasjes subtiel naar het Oosten verwijst. Veel grover is de kennelijk onvermijdelijke knipoog naar onze samenleving. De dansers moeten dan een colbert aan over hun Indische broek en gaan macho doen. Ongeveer zoals mannen in pakken in de Wehkamp-catalogus poseren. Dat is jammer en onnodig, want in het 'Indonesische' gedeelte was die multiculturele blik al als vanzelf geïntegreerd.

    • Margriet Oostveen