Vijf jaar podium voor experimentele mode; De inspiratie van Moda Mas Moda Mas 16 jubileum show, 10 dec. Zuiveringshal Westergasfabriek, Haarlemmerweg 8-10 Amsterdam. De show van 19u30 is uitverkocht, voor de show van 15u30 zijn nog kaarten verkrijgba...

Het was lachen en huilen tegelijk, toen het Amsterdams Uitbureau ruim een week voor de Moda Mas 16-jubileumshow meldde: uitverkocht. Alle 1200 plaatsen. De affiches moesten nog opgehangen worden, de pers zou nog schrijven; konden organisatrices Annemarie van der Heijden en Jonna Slappendel verder alleen nog maar nee verkopen? À la minute werd besloten om dan toch maar weer twee shows achter elkaar te houden. Al dachten Slappendel en Van der Heijden dat ze, door naar de grote accomodatie van de Westergasfabriek uit te wijken, eindelijk van het moordende tempo van twee, of soms zelfs drie achtereenvolgende shows af waren.

“'s Morgens om negen uur beginnen met modellen, weet je hoe moeilijk dat is”, verzucht Van der Heijden. “En al dat eten.” Voor ruim 100 mannequins, de mensen van de techniek, de 12 ontwerpers die nieuwe collecties tonen, de 80 (!) ontwerpers die al vaker deelnamen aan de Moda Mas-evenementen, en die aanstaande zondag met oud materiaal de 5-jarige geschiedenis van dit 'podium voor experimentele mode' zullen verbeelden.

Het begon in 1990 in discotheek Mazzo met een uit de hand gelopen mode-act van Slappendel en Van der Heijden, beide Rietveld-studenten. Daarna volgden drie keer per jaar shows afwisselend met kleding en accessoires, voor vrouwen en mannen. Eerst nog in Mazzo, later in de grotere zaal van Arena Amsterdam. Moda Mas 16 (in feite de 15de show, maar de 13de show op 13 november 1994 kreeg nummer 14) is het meest ambitieuze project van de stichting Moda Mas. Een stichting die door Slappendel en Van der Heijden met een vaste schare vrijwilligers en betaalde assistenten, en met behulp van subsidiegevers en sponsoren financieel draaiende wordt gehouden. Daarnaast werken ze ze onder de naam Keyx als stilistes, veelal in opdracht van tv-producenten.

Over cijfers willen ze niet praten, maar de begroting voor Moda Mas is in vijf jaar explosief gegroeid; “Ga maar na, een 60 meter lange zaal zonder verwarming, geen licht, geen geluid, geen podium, nog geen stoel staat er. Alles moeten we er in zetten.” De ontwerpers, voor een groot deel pas afgestudeerden, betalen ƒ 175 om mee te doen, voor velen een groot bedrag. Maar ze hebben het er voor over, want meedoen betekent: niet in een gat vallen na het eindexamen, gedwongen zijn om een nieuwe collectie te ontwerpen en te financieren, èn gaan behoren tot het netwerk dat Moda Mas.

Het zijn overigens niet alleen beginnende ontwerpers. Tassenontwerpster Maria Hees, van wie werk door het Museum of Modern Art in New York is aangekocht, jassenontwerpster Marjan Eradus, die een vaste kring van (buitenlandse) liefhebbers heeft, hoedenontwerpers Dirk Jan Kortschot en Edith Verhoeven, die op bijna geen enkele hoedenexposities in Nederland ontbreken, en bekende schoenontwerpers als Zjef van Besouw en René van den Berg zijn, of waren ooit van de partij.

Draagbaar, of verkoopbaar staat niet op de eerste plaats. Een collectie moet in vorm en silhouet een nieuw beeld oproepen, kwalitatief goed uitgevoerd zijn, en op originele wijze, vaak met zang, theater of dans gecombineerd, gepresenteerd worden. Alles wordt door de ontwerpers zelf bedacht; “het is niet zo van kleertjes inleveren en wij maken er een mooie show van.” Dat levert - met name de laatste jaren - een zeer afwisselend beeld op, met uiterst sobere en zwaarmoedige, intellectuele, en uitzinnige of ronduit absurde kleding, tassen, schoenen en hoofddeksels. “Toen we begonnen was het allemaal recycling bij de kleding, nu zie je dat bij de accessoires”, zegt Slappendel. “Het was ook extremer toen. Ontwerpers zijn nu zoekende, erg individueel bezig. Het zal het fin de siècle zijn,” veronderstelt Slappendel.

Het publiek vreet het. “We inspireren”, denkt Moda Mas. Niet alleen de vertegenwoordigers van de commerciële kledingbranche die er eens een idee oppikken, maar ook kunstenaars en vormgevers uit allerlei disciplines. Zo was er er vorig jaar nog een kok die na het zien van Moda Mas een culinaire mode-show ('Teest') organiseerde waarvan deel twee onlangs in de Amsterdamse Roxy plaatsvond. Wie zegt er nog dat Nederlanders niet tuk zijn op nieuwe mode?