Vier groeiremmers van HIV-virus geïsoleerd

Onderzoekers uit de Verenigde Staten en Duitsland hebben vier door het menselijk afweersysteem geproduceerde chemicaliën geïsoleerd die de groei van het aidsvirus (HIV) remmen. De vier verbindingen zorgen er waarschijnlijk voor dat mensen na een HIV-besmetting niet onmiddellijk ziek worden.

Een van de factoren is geïsoleerd bij apen die niet ziek worden van SIV, de apevariant van HIV. Deze factor komt ook bij mensen voor. De drie andere verbindingen zijn gevonden door onderzoek bij mensen die al langer dan tien jaar met HIV besmet zijn, maar nog geen aids hebben gekregen.

Deze langdurig overlevende, met HIV besmette mensen staan op het ogenblik volop in de belangstelling bij onderzoekers. Langdurig overlevenden zijn ofwel besmet met een verzwakte vorm van het virus, ofwel hun afweersysteem is zo aangepast dat hun lichaam de virusgroei langdurig kan onderdrukken. Ze kunnen daardoor de weg naar nieuwe, lichaamseigen en met DNA-technologie te produceren medicijnen wijzen. Geen van de onderzoekers durft overigens te voorspellen dat een van de verbindingen ooit een medicijn tegen aids zal worden.

De vier HIV-remmende verbindingen worden geproduceerd door de CD8+-cellen van het afweersysteem. CD8+-cellen zijn een van de vele soorten witte bloedcellen waarmee het menselijk afweersysteem indringers te lijf gaat. HIV groeit in een andere groep witte bloedcellen, de CD4-cellen.

De ontdekking van drie produkten van CD-8+-afweercellen komt op naam van prof. Robert Gallo en zijn medewerkers. Gallo werd bekend als mede-ontdekker van HIV, maar moest na een fraudebeschuldiging de eer aan de Franse hoogleraar L. Montagnier laten. Gallo heeft de verbindingen RANTES, MIP-1-alfa en MIP-1-beta geïsoleerd uit vloeistoffen rond gekweekte CD8+-cellen. Het Amerikaanse tijdschrift Science publiceert Gallo's onderzoekverslag volgende week, maar het nieuws erover is al vrijgegeven omdat het concurrerende tijdschrift Nature vandaag een brief van de Duitse onderzoeker Reinhard Kurth publiceert waarin hij interleukine-16 als HIV-onderdrukkende verbinding uit CD8+-cellen noemt.

Inmiddels is de strijd losgebarsten over de vraag welke van de vier verbindingen het beste werkt. Onderzoeker Jay Levy, die in 1989 voor het eerst vaststelde dat CD8+-cellen een stof produceren die de groei van HIV remt, maar er sindsdien nog niet in is geslaagd om deze langgezochte Levy-factor te vinden, beweert zelfs dat de echte Levy-factor nog steeds niet is gevonden.