Stikstofoxyde dempt agressief gedrag

Als in de hersenen van mannetjesmuizen het gen voor de aanmaak van stikstofoxyde wordt uitgeschakeld, gaan deze dieren een buitengewoon agressief gedrag vertonen. Bovendien raken ze seksueel ontremd. Stikstofoxide (NO) wordt door hersencellen gebruikt als overdrachtsstof en speelt daar dus blijkbaar een rol bij het reguleren van emotioneel bepaald gedrag (Nature, 23 nov.).

NO stond vroeger vooral berucht om zijn aandeel in de luchtvervuiling. Sinds enige jaren is echter bekend dat NO allerlei belangrijke functies vervult in het menselijk lichaam, bijvoorbeeld bij het verwijden van bloedvaten en in het afweersysteem bij de bestrijding van ziekteverwekkers. In 1989 ontdekte Solomon Snyder van de John Hopkins-universiteit in Baltimore dat NO ook als overdrachtsstof wordt gebruikt in de hersenen. Om te achterhalen welke functie deze stof daar precies vervult, creëerde Snyder zogenoemde 'knock-out muizen'. Bij dergelijke muizen wordt één bepaald gen uitschakeld, in de hoop zo de functie daarvan op te sporen.

In eerste instantie leek er weinig te veranderen aan het gedrag van de NO-loze muizen. De dieren werden in groepjes van 5 bij elkaar in een kooi gehouden. Het viel echter op dat er in de kooien met mannetjesmuizen 's ochtends geregeld een of meer dode dieren lagen. De onderzoekers begonnen de mannetjesmuizen 's nachts te observeren en ontdekten dat deze elkaar ongekend agressief te lijf gingen. NO-loze mannetjesmuizen bleken zeker 3 tot 4 keer zo agressief als gewone. Verder bleven ze zelfs doorvechten als hun tegenstander zich overgaf door zich op zijn rug te rollen. Geconfronteerd met een vrouwelijke muis vertoonden de mannetjes ongeremd seksueel gedrag. Ze bleven zelfs niet loopse vrouwtjes beklimmen, terwijl die toch met een luid piepend protest aangaven dat ze daarvan niet gediend waren. Vrouwelijke knock-out muizen gedroegen zich overigens heel normaal.

Het is nog onduidelijk of dit alles ook voor mensen opgaat. Pas geleden is er een verband gelegd tussen verhoogde agressie bij de mens en afwijkingen in het gen voor het enzym MAO-A. Muizen die dit gen missen zijn inderdaad ook agressiever, maar daarnaast duidelijk ziek: ze trillen, kunnen zich moeilijk staande houden, zijn angstig en blind. NO-loze muizen zijn daarentegen zo te zien lichamelijk geheel gezond: ze vertonen geen neuroanatomische of fysiologische afwijkingen en in hun bloed zit een normale hoeveelheid van het mannelijke geslachtshormoon testosteron. Toch zijn de seksuele en agressieve afwijkingen bij mannetjesmuizen zonder NO veel uitgesprokener dan bij het wegvallen van het gen van MAO-A. NO lijkt dus een belangrijke mediator te zijn voor emotioneel bepaald gedrag. Waarom dat zo is, blijft echter onduidelijk. In een commentaar wordt geopperd dat neuronen in het limbische systeem - een wat onduidelijke verzameling hersenkernen die een rol spelen bij emotioneel gedrag - stikstofoxide als overdrachtsstof gebruiken.