Kamer verwerpt afgezwakte motie tegen Dijkstal

DEN HAAG, 7 DEC. Een motie van het CDA waarin kritiek werd geleverd op de uitspraken van minister Dijkstal (binnenlandse zaken) over artikel 23 van de grondwet, is gisteren in de Tweede Kamer met een grote meerderheid verworpen. De uitspraak kreeg behalve van het CDA alleen de steun van de drie kleine christelijke fracties SGP, GPV en RPF en het Algemeen Ouderenverbond, samen goed voor nog geen derde van de stemmen.

Aanvankelijk had CDA-fractievoorzitter Heerma zelfs een motie van afkeuring ingediend. Dit is één van de zwaarste middelen uit de parlementaire praktijk. Als een dergelijke motie wordt aangenomen rest de betrokken minister of staatssecretaris niet anders dan aftreden. Dit kwam Heerma afgelopen dinsdag op kritiek van de andere fracties te staan. Al aan het einde van het debat bond Heerma in, toen VVD-fractievoorzitter F. Bolkestein vroeg of hij “gezien de volstrekt duidelijke antwoorden van de minister” zijn motie nog wilde handhaven. “Dat laat ik morgenmiddag weten”, antwoordde Heerma. “Als de heer Heerma wil wachten met het antwoord op de vraag of zijn fractie een motie van afkeuring indient, zeg ik andermaal dat dit zijn betoog niet versterkt”, zei vervolgens Bolkestein.

Gisteren kwam de CDA-fractieleider na uitvoerig beraad vlak voor de stemming met een afgezwakte motie waarin alleen nog maar werd uitgesproken dat de uitlatingen van minister Dijkstal de waarde van de grondwetsbepaling “miskenden”. Dit was voor de kleine christelijke fracties aanleiding om deze motie wel te steunen. GPV-fractievoorzitter Schutte zei: “Ik vind dat wij over deze zaak het inhoudelijke debat moeten voeren. Dat debat wordt niet gediend door nu deze minister te proberen te beletten om het debat mee te voeren.”

D66-fractievoorzitter Wolffensperger leverde gisteren opnieuw felle kritiek op de handelwijze van Heerma. “Als je een nacht lang moet nadenken over de vraag of je een motie van wantrouwen handhaaft, doet dat niet toe aan de waarde van je argumenten en de sterkte van je stelling”, zei hij. Hij zei het gevoel te hebben dat het punt dat Heerma wilde maken geleidelijk aan als “sneeuw voor de zon” was weggesmolten.