Angenent snelste op Drents natuurijs

VEENOORD, 7 DEC. Henk Angenent gooide gisterochtend zijn sporttas met noren achter in de auto, liet zijn spruitenkwekerij bij Alphen aan de Rijn achter zich en reed de ruim tweehonderd kilometer naar de ijsbaan in het Drentse Veenoord. 's Middags werd daar de eerste schaatsmarathon op natuurijs van het seizoen gereden. Angenent vertrok met een missie: “Ik wilde afrekenen met de Klerk's-ploeg.”

Na een uur en tien ronden kwam de 28-jarige Angenent op de baan van ijsvereniging Veenoord als eerste over de gele streep. Op het laatste rechte stuk had hij afstand genomen van zijn enige overgebleven belager, provinciegenoot Ruud Borst, van het team dat Angenent zo graag zijn achterste wilde laten zien. Borst was de enige die Angenent in de finale kon bijhouden. Evert van Benthem haakte voortijdig af, evenals Lammert Huitema, die dit seizoen op kunstijs vrijwel alles had gewonnen wat er te winnen was. Piet Kleine en Yep Kramer reden steeds voorin, haalden koplopers vaak op het lange rechte stuk tegenwind terug en namen deel aan ontsnappingsacties. Maar zij slaagden er niet in de slotfase op de ijskoude baan naar hun hand te zetten.

In de dagen voorafgaand aan de wedstrijd hadden de organisatoren de weerberichten nauwlettend gevolgd. Op de baan aan de Van Goghweg in het gehucht Veenoord hadden ze immers weer de tomeloze ambitie om de eersten te zijn die in het schaatsseizoen een marathon op natuurijs op de kalender kunnen zetten. “Als de weersvooruitzichten zo blijven, is er niks aan de hand”, zei ijsmeester Jacob-Jan Sieben, huisschilder te Nieuw-Amsterdam, ruim een etmaal voor de wedstrijd.

De formule die in Veenoord voorafgaand aan een marathon wordt toegepast, had dit keer opnieuw succes. Een giertank wordt steeds gevuld met water uit de nabijgelegen vaart, waarna de inhoud met behulp van een tractor even zovele keren wordt uitgereden over de sintelbaan die het bikkelharde voetbalveld omringt. Met behulp van de de tank, die 5.000 liter water bevat, wordt in totaal 200.000 liter uitgesproeid. Elk rondje komt er een millimeter water bij, tot er een enkele centimeters dikke ijsbaan ligt. IJsvereniging Veenoord slaagde er voor de negende keer in om de eerste te zijn. Dat gebeurde met de hete adem van andere plaatsen in de nek.

Aan de buitenkant van de baan steekt op sommige plaatsen nog een sintel boven het ijsoppervlak. Op die plaatsen, waar het ijs het dunst is, zijn nog goed de visgraatsporen van de tractor zichtbaar.

Als de honderd A-rijders nog geen vijf ronden hebben afgelegd - een lang kleurrijk lint dat zich over de volledige lengte van de rechte stukken op de baan uitstrekt - wordt Eric Feenstra uit Abbekerk door een uitstekende sintel uitgeschakeld. Vloekend rijdt hij zijn laatste meters, op weg naar zijn begeleider, die hem over een reclamebord zijn trainingsjack aangeeft. Terwijl hij zijn beschadigde schaats bekijkt en het ijzer met zijn handschoen schoonveegt, probeert zijn begeleider hem op te beuren. “Je zat wel lekker voorin.” Dat maakt het voor de rijder alleen maar erger. “Ik heb verdomme niet eens vijf rondjes gereden.”

Henk Angenent reed gisteren een onopvallende wedstrijd, totdat het er echt op aankwam. Tempobeulen als Kleine, Kramer, Arnold Stam en Fausto de Marreiros eisten hoofdrollen voor zich op. Ze gingen voor de zege, maar moesten genoegen nemen met premies van de machinefabriek, het tankstation en de plaatselijke bedrijven die gespecialiseerd zijn in zaken als laadschopverhuur, containers, caravans en elektrotechniek. De ijsmeester had gisteren twee petten op. Als middenstander deelde ook hij premies uit.

Beurtelings trotseerden de toppers in koppositie de paar graden vorst en de straffe oostenwind, de twee elementen die samen een chill factor creëerden die ertoe leidde dat het aanvoelde alsof het twintig graden vroor. De weersomstandigheden zorgden er ook voor dat de voorhoede van het peloton telkens met frisse tegenzin de jacht op ontsnapte rijders inzette.

Een taak die Kleine opvallend vaak op zich nam. Angenent en Borst gingen er op het juiste moment vandoor. De achtervolgers vielen stil; niemand had zin om voorop tegen wind te rijden en opnieuw tempo te maken om de twee leiders terug te pakken.

Onder een oorverdovende medley van Hollandse klassiekers als Tulpen uit Amsterdam en Pikketanussie gaf Angenent een uur na de wedstrijd zijn eigen persconferentie. Nagenietend nipte hij van zijn ijskoude pils. “De marathon van Veenoord is een begrip in Nederland. Het is fantastisch om die een keer te winnen. Ik sta toch maar mooi in het rijtje.”