Kapitalisme maakt meer kabaal dan socialisme

In Amsterdam wordt altijd iets verbouwd, gebouwd, afgebroken of aangelegd. Hoe vaak werden mijn verkenningstochten langs de opengebroken straten niet door drilboren en heimachines begeleid. En toen ik daarover begon te zeuren, bleek dat ik te eendimensionaal redeneerde. Als er veel gebouwd wordt, kreeg ik te horen, gaat het goed met de economie. En als het goed gaat met de economie, hoeven wij ons geen zorgen te maken over bezuinigingen en worden wij dus voorlopig niet ontslagen. En bovendien, er blijft zelfs geld over voor iets moois, voor kunst en cultuur.

Zo leerde ik, die tijdens mijn studie aan de universiteit van Moskou slechts de simpele lessen 'politieke economie' over meerwaarde en uitgebuite proletariërs had gehad, om dingen in één groot kapitalistisch verband te zien. Ik moet hieraan toevoegen dat ik niet onvoorbereid in het vrije Westen aankwam. Voor mijn vertrek werd ik op het paspoortenbureau in Tallinn - toen nog Sovjet-Unie - gewaarschuwd dat het kapitalisme in Nederland echt was en meedogenloos. Maar dat het ook zo buitengewoon lawaaierig was, zeiden ze er niet bij.

Al in mijn eerste weken in Nederland werd ik geconfronteerd met de dadendrang van de Westerse mens. De buren gingen hun huis verbouwen. Om zeven uur 's ochtends werd ik door boren en schuurmachines uit mijn slaap gerukt. Ik werd ook uitstekend op de hoogte gehouden van alle hits, want Sky Radio begeleidde non-stop het werk van de bouwvakkers. Na vier maanden was het huis een paleisje.

Nu woon ik in een zogenaamde 'rustige buitenwijk', waar ik systematisch door allerlei lawaaierige menselijke activiteiten wordt geteisterd. Ten minste drie keer per jaar wordt het fietspad voor ons huis opengeboord, in een kuil wordt dan een pompmachine geplaatst die een enorme herrie maakt. De huizen tegenover ons worden gerenoveerd. Drie flats hebben wij al overleefd, nu komen er nog een paar en over vier jaar is het afgelopen. Dan woon ik ongetwijfeld op een toplocatie.

In onze groene wijk heeft de plantsoenendienst zijn handen vol. Zodra de grassprietjes in het plantsoentje drie centimeter boven de grond uitsteken, komt er een gigantische grasmaaimachine aanrijden die brullend orde op zaken stelt. Deze razende monsters observerend, kan ik me de oerangst van boeren voorstellen bij het zien van de eerste tractoren. Dat ze hier niet gewoon een mannetje met een zeis naar toe sturen om fluitend en milieuvriendelijk het gras te maaien! Niet minder onzinnig lijken mij die oorverdovende ondingen, waarmee tegenwoordig onkruid wordt weggehaald. Wat moet dat een hel zijn voor de arbeider die de hele dag met oorbeschermers giftige uitlaatgassen loopt in te ademen. Geen ongezonder beroep dan dat van tuinman tegenwoordig. Even belachelijk is de manier waarop de techniek wordt toegepast bij het opruimen van herfstbladeren: met een soort blaasapparaat worden de bladeren luidruchtig van het gras op het asfalt - of omgekeerd, dat is me nooit duidelijk geweest - geblazen. De goede oude bezem en hark zijn opgeofferd aan de dolgedraaide techniek. Als de laatste bladeren door de parkdienst zijn weggeblazen, begint alweer het Sinterklaas-seizoen. Dus worden wij in het winkelcentrum via alle luidsprekers geplaagd door krijsende kinderstemmen die doordringend Sinterklaas-liedjes verkrachten om aldus een gezellig koopsfeertje te creëren.

Vergeleken hiermee was de voormalige Sovjet-Unie een oase van rust. Simpelweg omdat er nooit iets gebeurde. Er werd geen gras gemaaid, er werden geen huizen verbouwd, er waren geen winkelcentra en de economie groeide alleen op papier.

Elke wijk had gewoon zijn schoonmaakster, meestal een wat oudere vrouw, die in de zomer met de bezem de straat veegde en in de winter met een grote spa sneeuw ruimde. En af en toe kwam er een vuilniswagen langs.

Toch had ook het communisme zijn specifieke 'herriecultuur'. Keihard en massaal uitgevoerde patriottische liederen, marsen en leuzen vormden het belangrijkste onderdeel van de ideologische brainwash. Maar gelukkig bleef de schade door de technische achterstand in het land beperkt.

Nu brengt het beginnende kapitalisme de commerciële geest en nieuwe technische mogelijkheden met zich mee. Het tijdperk van het continue lawaai kan ook daar een aanvang nemen.