Grondwetdebat wordt CDA-onderwijsdebat

DEN HAAG, 6 DEC. “We weten allen dat het CDA een- en andermaal artikel 23 in de hand heeft genomen om decentralisatie tegen te houden”. Aldus VVD-fractievoorziter Bolkestein gistermiddag in de Tweede Kamer. En daarmee ging het niet meer over minister Dijkstal en de grondwet maar over de onderwijspolitiek van het CDA.

Vorige week was het minister Dijkstal van binnenlandse zaken die midden in de frontlinie stond. Nog voordat het weekblad Elsevier met Dijkstals omstreden uitspraken over het schrappen van artikel 23 van de grondwet was verschenen, hadden diverse fractievoorzitters er al afstand van genomen. Het spoeddebat in de Tweede Kamer moest de vrijwel 'Kamerbrede' verontwaardiging een formele status geven. Althans dat was de bedoeling van de oppositieleider Heerma die een motie van afkeuring bij zich had. Maar precies datgene waar CDA-senator Postma vlak voor aanvang van het debat via de EO-radio voor had gewaarschuwd, voltrok zich gisteren in de Tweede Kamer. “Onverstandig” had hij het van het CDA gevonden door zo moord en brand te roepen over de woorden van Dijkstal. Tijdens het interpellatie-debat in de Tweede Kamer leek de oude schoolstrijd inderdaad zo nu en dan even terug.

Natuurlijk ging het allereerst over de uitspraken van minister Dijkstal die, zo vonden de meeste woordvoerders, ongelukkig waren geweest. Maar nog veel meer ging het over de wijze waarop het CDA door de jaren heen met artikel 23 was omgesprongen om wijzigingen in het onderwijs tegen te houden. De discussie die volgens Dijkstal zo hard nodig was, werd zodoende een week reeds later gevoerd. En opeens was het niet langer minister Dijkstal die in de hoek zat, maar de CDA-fractievoorzitter.

Volgens D66-fractievoorzitter Wolffensperger wordt er te vaak een beroep gedaan op artikel 23 bij gebrek aan andere argumenten. “Ik wacht op voorbeelden”, zei Heerma tegen de D66-fractievoorzitter. Hij kreeg ze. Wolffensperger: “Dat is bijvoorbeeld het geval geweest bij de discussie over de decentralisatie van het onderwijs. Dat is geweest bij de discussie over de vormgeving van de onderwijsraad. (...) Ik herinner aan de discussie over de evolutietheorie.” Heerma: “Het zijn allemaal voorbeelden van het afgelopen jaar”. Wolffensperger: “Dat vroeg u toch, mijnheer Heerma?”