Faithfull stelt gebutste stem in dienst van Kurt Weill

Concert: Marianne Faithfull sings Kurt Weill, met Paul Trueblood (piano). Gehoord: 5/12 in het Muziektheater, Amsterdam.

Tien jaar geleden kreeg Marianne Faithfull het verzoek mee te werken aan een plaat met songs van Kurt Weill. Ze zong diens dodelijk sarcastische Ballad of a Soldier's Wife (Soldatenweib) en gaf de woorden van Brecht een explosieve lading. “Ik had altijd gedacht dat Weill nogal zwaar was en niets voor mij,” zei ze later. “Blijkbaar heb ik niet altijd de juiste kijk op mijzelf.”

Vijf jaar geleden speelde ze in Dublin de rol van Jenny in een Engelstalige uitvoering van de Dreigroschenoper en ik wou dat ik dat had gezien. Zoals ze gisteravond in het bijna uitverkochte Muziektheater in Amsterdam het schrijnende Surabaya Johnny en de verlangende Kanonensong liet horen, met alle Weimar-wanhoop tussen de regels door - zo kunnen het er maar weinigen. En haar Mack the knife maakte, na de betekenisloos verswingende versies van zoveel anderen, eindelijk weer eens duidelijk waar dat nummer over gaat.

In juli was Marianne Faithfull nog hier met haar pop-repertoire en veel te luidruchtige rock-groep daarbij. Nu verzorgde ze, slechts begeleid door de expressieve pianist Paul Trueblood, een aan de muziek van Kurt Weill (1900-1950) gewijd recital dat haar, méér nog dan in juli, liet zien als een formidabel chansonnière die haar gebutste stem geheel in dienst kan stellen van wat tekstschrijver en componist voor ogen moet hebben gestaan. Beurtelings uitdagend, cynisch en intens verstild zong ze de nummers die zo vaak inhoudsloos worden vertolkt. Maar ook minder bekende, zoals het rauwe Complainte de la Seine (in vrijwel vlekkeloos straatmadelieven-Frans), en als extra attractie een tweetalig Falling in love again/Ich bin von Kopf bis Fusz - niet van Weill, maar van Friedrich Holländer - dat minstens zo prikkelend en tegelijk blasé klonk als het ooit van Marlène Dietrich is geweest.

Haar allure en aangeboren chic maken, dat Marianne Faithfull het bij zo'n optreden zonder elke vorm van opsmuk of effectbejag kan stellen. Ze laat zich ook niet haasten; in alle rust, soms zelf tergend langzaam, dronk ze van haar water en cognac, stak af en toe een sigaret op en keuvelde wat over Weill en over haar overleden vriend Harry Nilsson, die opgebaard klaar stond, maar de avond vóór de begrafenis door de aardbeving van Los Angeles met kist en al in een gat in de aardbodem verdween. Het was alsof ze ons een avond lang in vertrouwen nam en zong wat ze zelf het mooiste vindt. En dat is heel mooi, bij een zangeres als zij.