De gebeurtenissen van 1995

FRANKRIJK STAAKT en de regering van premier Juppé gaat door met de strijd. Met een grimmigheid die herinneringen oproept aan 'de gebeurtenissen van 1968', zoals de aanval op de Franse staat door het front van studenten en arbeiders een generatie geleden eufemistisch werd genoemd, zet de confrontatie tussen de autoriteiten en de vakbeweging zich voort. Terwijl de stakingen zich uitbreiden van de staatsafhankelijken tot de particuliere sector, heeft premier Juppé gisteren in de Assemblée Nationale en voor de televisie herhaald dat de regering niet zal wijken. In 1968 ging het om een revolte voor politieke en culturele verandering, de gebeurtenissen van 1995 zijn een beweging voor behoud van verworven sociale rechten.

Het conflict over de bezuinigingen op de sociale zekerheid, beperking van de 'goudgerande' pensioenrechten van ambtenaren en reorganisatie van de verliesmakende staatsbedrijven is door Juppé in het historische kader geplaatst van de keuze tussen “verandering of neergang” van Frankrijk binnen Europa en de wereld. Daar is niets te veel mee gezegd, want als Frankrijk er niet in slaagt om zijn overheidsfinanciën, in het bijzonder de sociale zekerheid, op orde te brengen, dan mist Frankrijk de aansluiting bij de Europese Monetaire Unie en gaat het leerstuk van het Franse Europabeleid, de gemeenschappelijke munt, in 1999 niet door.

MAAR ER IS veel meer aan de hand dan verzet tegen een hoognodige sanering van de sociale tekorten die de gaullist Chirac aantrof na veertien jaar Frans socialisme onder Mitterrand. Chirac had in zijn verkiezingscampagne zoveel tegenstrijdigheden beloofd en hij was ongeloofwaardig als de president die een einde zou maken aan de 'sociale uitsluiting' in Frankrijk met zijn gemarginaliseerde allochtonen en drie miljoen werklozen. Na een half jaar flirt met een nationalistische eigen weg besloot de technocratische bestuurselite van Frankrijk dat het tijd was om de Europese kaart te spelen en Frankrijk op het laatst denkbare moment te laten voldoen aan de voorwaarden van het Verdrag van Maastricht. Per decreet en zonder enig debat joeg de regering-Juppé een ombuigingspakket door het parlement, dat niet alleen verbazingwekkend was wegens de financiële ambities, maar vooral omdat het een grondige wijziging in het sociale contract tussen de overheid en de bevolking betekende. Bij ontstentenis van politieke oppositie kwam het verzet op gang in de straten.

DIT IS HET VERZET tegen de arrogantie van de technocratie, tegen de 'énarques', de bestuurselite van de Écoles nationales, die geen rechtstreekse band onderhouden met het volk, tegen de grillige president die in de eerste verkiezingsronde slechts twintig procent van de kiezers trok. Chirac, begin deze week nadrukkelijk afwezig van het strijdgewoel op een rondreis door Franstalig Afrika, liet uit Cotonou (de hoofdstad van Benin) van zich horen. Terwijl Parijs vastliep in één grote file en de economie knarsend tot stilstand kwam, zei de president dat de hervormingen van de sociale zekerheid al te lang vooruit geschoven waren en dat hij niet voor gemakkelijke oplossingen koos.

IN MEI 1968 REISDE president De Gaulle op het hoogtepunt van de studentenrevolte in het geheim naar de basis van het Franse Rijnleger in Baden Baden om zich van steun van het Franse leger te verzekeren. Het is toeval, maar morgen heeft Chirac in Baden Baden een onderhoud met bondskanselier Kohl. Duitsland is nu Frankrijks anker in Europa. De nabije toekomst van Frankrijk en Europa hangt af van de Duitse bereidheid tot nog meer geduld met de Fransen om binnenslands orde op zaken te stellen. En natuurlijk ook van de vastbeslotenheid van de Fransen om hun straatacties en stakingen tegen de regering voort te zetten. Die onbeminde regering verkeert in het nauw.