Benelux kiest voor 'euro' als Europese munt

BRUSSEL, 6 DEC. De landen van de Benelux vinden dat de nieuwe Europese munt euro moet gaan heten. De premiers van de drie landen hebben gisteravond gezamenlijk hun voorkeur uitgesproken voor die naam.

De premiers Kok, Dehaene en Junckers spraken ook hun steun uit voor het Duitse voorstel te komen tot een 'stabiliteitspact', waarin afspraken worden gemaakt over financiële discipline in de Europese landen na de totstandkoming van de Europese Monetaire Unie (EMU). Zo'n stabiliteitspact mag echter niet leiden tot nieuwe instellingen. De Duitse minister van financiën Waigel wil dat na de realisering van de EMU begrotingstekorten van de deelnemende landen de 1 procent niet overschrijden op straffe van een boete.

De Europese regeringsleiders moeten over enkele weken tijdens de top in Madrid een naam geven aan de Europese munt. Een aantal EU-lidstaten zal in 1999 een monetaire unie aangaan, waarbij de nationale munten aan elkaar worden geklonken. Enkele jaren later zullen de nationale bankbiljetten en geldstukken worden vervangen door nieuw Europees geld.

Over de naam van de nieuwe Europese munt wordt al lange tijd gespeculeerd. Frankrijk heeft zich tot nu voorstander getoond van de naam ecu, waarmee op dit moment de Europese rekeneenheid wordt aangeduid. Het was Duitsland dat het idee opperde om het voorvoegsel euro in te voeren. “Ik ben voor euro, met bij ons de toevoeging mark zodat blijkt dat de nieuwe munt net ze stabiel is als onze geliefde Deutschmark”, aldus Waigel gisteren nog in het blad Bild. Dat plan is nu overgenomen door de Benelux.

Met het voorvoegsel euro kan elk land de naam van de eigen munt behouden. Nederland krijgt dan de 'eurogulden'. De verwachting is dat na verloop van tijd in het dagelijkse taalgebruik slechts de 'euro' overblijft.

De premiers van België, Nederland en Luxemburg overlegden gisteren over de lijn die ze gaan volgen op de Europese top in Madrid. Dergelijke bijeenkomsten aan de vooravond van Europese toppen zijn sinds enkele jaren gebruikelijk. De Benelux streeft ernaar zoveel mogelijk gezamenlijk op te trekken binnen de EU, zodat er tegenwicht kan worden geboden aan grote EU-leden als Frankrijk en Duitsland.

Beleefdheidshalve benadrukten de drie premiers niet ten koste van alles te willen vasthouden aan euro. Als tijdens de top van Madrid overeenstemming wordt bereikt over een alternatieve naam, is dat ook goed.

De Benelux-landen zien het liefst dat eind 1997 wordt besloten welke EU-lidstaten rijp zijn voor de monetaire unie. Premier Kok zei echter niet al te zwaar te hechten aan dat tijdstip. Het besluit mag ook begin 1998 vallen, aldus de Nederlandse premier. Frankrijk wil een besluit begin 1998 om te voorkomen dat het besluit inzet wordt van de Franse parlementsverkiezingen in de lente van dat jaar. Duitsland wil een besluit op een later tijdstip, omdat de begrotingsgegevens over 1997 dan accurater zijn.

De Benelux wil dat Madrid nieuwe afspraken oplevert om de werkgelegenheid te bevorderen. Bestrijding van de werkloosheid binnen Europa staat op elke top hoog op de agenda. (ANP)