Straffen Van der Valken hoger dan geëist

DEN HAAG, 5 DEC. De Haagse rechtbank heeft gisteren zeven leden van de horeca-familie Van der Valk aanzienlijk hogere straffen opgelegd dan de officier van justitie twee weken geleden had geëist. De vier terechtstaande mannen, 'Ome' Arie van der Valk, zijn zoons Ben en Lucas en zijn neef Gert-Jan, werden veroordeeld tot 30 maanden maanden cel, waarvan 10 voorwaardelijk plus een boete van een half miljoen gulden per persoon.

Voor de echtgenotes van de drie jongere Van der Valken viel de straf eveneens hoger uit dan de eis, hoewel zij niet de gevangenis in hoeven wegens de zorg voor hun gezinnen. De familie toonde zich zeer geschokt door het vonnis en gaat in beroep. Nog tijdens het voorlezen van de uitspraak door rechtbank-president mr. L. Verheij liepen Arie's zoons Ben en Lucas verontwaardigd de rechtszaal uit. Ook advocaat mr. L. Spigt kon zijn boosheid nauwelijks verbergen en schold op opdringerige cameraploegen.

De rechtbank acht bewezen dat betrokkenen in de motels en restaurants die zij leiden, zich jarenlang opzettelijk en stelselmatig schuldig hebben gemaakt aan het verzwijgen van omzet en het invullen van veel te lage belastingaangiften. Ook hadden ze werknemers zwart of grijs in dienst, waardoor te weinig premies en loonbelasting werden afgedragen. Hierbij is valsheid in geschrifte gepleegd door loonstaten en andere formulieren onjuist in te vullen. Het nadeel voor de staat loopt in de tientallen miljoenen guldens.

De Van der Valken is vooral zwaar aangerekend dat ze consequent administratieve bescheiden weggooiden om onderzoek door de fiscus te bemoeilijken. Hierdoor valt volgens de rechtbank niet te berekenen wat de precieze omvang van de fraude is. Maar volgens mr. Verheij staat wel vast dat het in de Van der Valk-affaire gaat om een “fraudezaak van aanzienlijke omvang” waarin de zwaarste straf - drie jaar waarvan 6 maanden voorwaardelijk - op z'n plaats zou zijn. Dat die zwaarste straf toch niet werd opgelegd is omdat de verdachten “harde werkers zijn die ook goede dingen tot stand hebben gebracht”.

De rechtbank veegde vrijwel alle argumenten van de verdediging van tafel. Een eigen getuigenverhoor door de verdediging noemde mr. Verheij “van beperkte waarde” omdat politie en justitie er niet in waren gekend. Ook het argument van de verdedigers dat het vervolgen van slechts zeven leden van de omvangrijke familie Van der Valk een “willekeurige selectie” is, bestreed de rechtbank.

Bens vrouw Marion (Motel Akersloot) en de echtgenote van Gert-Jan, Elfi (Motel Tiel), kregen 240 uur dienstverlening en een voorwaardelijke celstraf van zes maanden. Beiden waren betrokken bij de administratie en het aannemen van personeel. Lucas' vrouw Helen (restaurant De Brug en het motel bij Schiphol) had geen administratieve werkzaamheden en kreeg 180 uur dienstverlening en vier maanden cel voorwaardelijk. Tegen hen waren voorwaardelijke straffen geeist van zes tot negen maanden cel. Voor alle verdachten geldt een proeftijd van twee jaar.

“Dit vonnis schiet zijn doel volstrekt voorbij”, zei advocaat Spigt na een kort beraad met de familie. “Het veroorzaakt enorme wrevel in de familie. Die vindt dat alles wat in hun voordeel is aangevoerd terzijde is geschoven. De strafmaat haalt juist dàt naar boven waarvan we nu afstand proberen te nemen. Dit is geen stimulans voor de verandering die de familie binnen het concern in gang heeft gezet”, zei de verdediger. Tijdens het proces hebben de verdachten en hun verdedigers bij herhaling betoogd dat het Van der Valk-concern van de fouten uit het verleden heeft geleerd, dat de structuur van het bedrijf wordt veranderd en de administratie wordt verbeterd.

De rechtbank beschouwde de schikking van 213 miljoen gulden aan achterstallige belasting en premies die de familie op de voorlaatste dag van het strafproces met de fiscus heeft getroffen als “een bereidheid iets goed te maken”. Maar juist aan de hoogte van de schikking verbindt de rechtbank ook de conclusie dat het hier “een fraudezaak van grote omvang” betreft. “Bovendien”, merkte president Verheij op, “kwam de schikking wel erg te elfder ure.”

Officier van justitie H. van Verschuer had het akkoord wèl als matigende factor meegewogen toen zij twee weken geleden haar eisen formuleerde. De officier had tegen de drie jonge Van der Valken anderhalf jaar cel geëist, waarvan zes maanden voorwaardelijk, en een boete van 750.000 gulden. Tegen de 65-jarige 'ome' Arie eiste zij vanwege zijn leeftijd een lagere straf van twaalf maanden, waarvan de helft voorwaardelijk, en een boete van 1,5 miljoen gulden. Ook liet zij meewegen dat de rol van Arie binnen het concern in de nabije toekomst vrijwel zou zijn uitgespeeld.

De rechtbank gaat hierin niet mee. Zij laat Arie's leeftijd geen rol spelen en vindt dat hij als financiële man binnen het Van der Valk-concern een grote invloed had maar die zeggenschap niet heeft gebruikt om aan de misstanden een eind te maken. “Arie kon zelfs de bevoorrading van de vestigingen stoppen als zij niet voldoende geld afdroegen”, aldus mr. Verheij. Verder acht de rechtbank bewezen dat Arie verantwoordelijk was voor het betalen van zwarte lonen in de zilverfabriek in Voorschoten, waarvan hij directeur is. Arie van der Valk werd vooral aangerekend dat hij tijdens het proces nauwelijks blijk had gegeven van zijn verantwoordelijkheden en zijn laakbaar gedrag. “Hij heeft zich in veel opzichten van den domme gehouden, hetgeen voor de toekomst het ergste doet vrezen”, aldus de rechtbank.

President Verheij liet weinig heel van het beeld dat de verdediging van de verdachten had proberen te schetsen: dat van hardwerkende mensen die vooral oog hadden voor wat er op de werkvloer gebeurde en die door tijdgebrek en onkunde te weinig aandacht besteedden aan de administratie. “Dat beeld is niet correct. De verdachten hebben zich tussen 1990 en 1994 opzettelijk en stelselmatig schuldig gemaakt aan fraude en valsheid in geschrifte en daaraan feitelijk leiding gegeven. Omzet werd bewust afgeroomd, en dat lag niet aan storingen aan het kassasysteem. Verder werkte een groot aantal werknemers zwart, en ook dit is de verantwoording van de leidinggevenden.”