Opus One en Arena: kinderlijk gedoe met veel gepest en gedol

Voorstelling: Peter Pan door Opus One, vanaf 6 jaar. Choreografie: Krzystof Pastor, Frans Schraven e.a. Regie: John Yost. Gezien: 2/12, Cultureel Centrum Amstelveen. Inl 020-6125034.

Voorstelling: Gouden Bergen door Danstheater Arena, vanaf 4 jaar. Choreografie: Kim van der Boom. Regie: Lidwien Roothaan. Gezien: 30/11, De Vest Alkmaar. Inl 020-6230623.

Onlangs zag ik een mimevoorstelling in een zaal vol jonge kinderen. De vrolijke kleuren en dito muziekjes spatten je tegemoet en twee acteurs in kikkerpak haalden dolle toeren uit. Ondanks dat alles ventileerde een jongetje in mijn buurt zijn ongenoegen met steeds dreigendender stem: 'Meneer, zeg nou eens wat!' Zijn ongeloof en woede groeiden naar hysterische hoogte tot hij wegzakte in verongelijkt gemompel: 'Ze praten niet, dat vind ik zo stom!' Voor sommige kinderen hoort het woord er blijkbaar dringend bij, ook al is het overduidelijk wat de figuren op het toneel beleven.

Eenzelfde overtuiging leeft ook onder jeugddansgroepen. Bij Opus One - een gezelschap dat al dansend klassieke verhalen vertelt zoals Alleen op de wereld of Porgy en Bess - doen ze tenminste niet alleen aan praten, maar ook aan zingen. Het verhaal is deze keer Peter Pan; or the boy who wouldn't grow up, J.M. Barrie's stuk, dat in Londen al negentig jaar lang een terugkerende kerstattractie vormt. Het verhaal voert het publiek samen met Wendy en haar broertjes moeiteloos het slaapkamerraam uit naar het sprookjesachtige Nimmerland. Komische, griezelige en geheimzinnige scènes wisselen elkaar af en niets leuker dan een hond op het toneel (het kindermeisje) die vooral erg knap applaus kan halen.

Toch is de voorstelling voornamelijk oninteressant omdat alles glad en cliché is, omdat niemand eens uit de pas loopt en iedereen de tandpasta-grijns op het gezicht geschroefd is. Wendy is alleen maar schattig in haar rose kinderjurk met pofmouwen, Peter Pan komt niet verder dan branieachtig gestamp met de handen in de zij en kapitein Haak zwaait met zijn gelijknamige hand. De liedteksten zijn van het niveau 'Ze noemen me Peter/ Ik kan alles beter/ En ik groei voor geen meter' en de muziekband produceert een onafgebroken ratjetoe van stijlen, zodat het corps de ballet kan tonen dat men voor geen enkel dansgat te vangen is. De groep danst vier grote blokken - bij de zeemeerminnen, de indianen, de elfen en de piraten - die allemaal te lang duren en nauwelijks oorspronkelijkheid tonen. Alleen de piraten brengen met hun pittige tapdans even leven in de brouwerij, tot ook hun groepsvoetenwerk na zo'n tien minuten verzandt in monotoon geratel.

Danstheater Arena toont in Gouden Bergen een veel eigener gezicht. In de eerste plaats biedt een danskwartet het kleuterpubliek een fraai en vrolijk schouwspel, door zich op oneindig veel manieren langs de naar links schuin omhoog hellende vloer heen en weer te bewegen. Op heldere, aanstekelijke muziekjes wordt er achterstevoren en ondersteboven gesprongen, gegleden, gekropen, gebotst en geduwd. Eenmaal beneden gebeuren er ook nog prachtige acrobatische dingen met al die lijven, bijvoorbeeld waar er met een groeiende discussie een spartelende ruziekluwen ontstaat. Het is mooi gestileerd, kinderlijk gedoe met veel gepest en gedol.

Blijkbaar was dit niet voldoende en daarom zijn de dierenverhaaltjes van Toon Tellegen erbij gehaald. Als een soort raam dient de vertelling van Eekhoorn die zo graag zijn verjaardag op de maan wil vieren. Tussendoor worden flarden van andere verhalen gebruikt, zoals het bewaren van een feest in een trommel en een zich in duizend bochten wringend type dat aan de anderen vraagt of ze zijn gevoel kunnen zien zitten. Het is een toevoeging aan de voorstelling die naar beide kanten niet echt werkt. De bewegingen hebben op zichzelf al voldoende zeggingskracht en door Tellegen te reduceren tot een aantal anekdotes, wordt zijn op de milimeter precies verwoorde verhaaltjes weinig recht gedaan. Kim van der Boom en de haren kunnen heel goed vertrouwen op hun eigen discipline, zoals ook de drie dansers geen nadrukkelijk spelende actrice naast zich nodig hebben om hun zegje te doen.

    • Bregje Boonstra