Onder nieuwe man geen respijt bij Philips

ROTTERDAM, 5 DEC. Komt na de saneerder Jan Timmer een bouwer aan de macht bij Philips? Kunnen de medewerkers eindelijk achteroverleunen om terug te zien op vijf jaren van ontberingen? Timmer zal de geschiedenis ingaan als de man die Philips met operatie Centurion van de rand van de afgrond weghaalde. Zijn opvolger moet de manager worden die het ingezette offensief op de wereldmarkt met hernieuwde energie voortzet. Maar de harde hand waarmee Timmer de heropvoeding van de Philips-gemeenschap doorvoerde zal met de aanstelling van Cor Boonstra niet wijken. Philips' raad van commissarissen, waarvan voorzitter en ex-Unilever-topman Floris Maljers tijdens zijn onderhandelingen over de redding van Fokker tijd wist vrij te maken om de opvolging van Timmer te dirigeren, blijkt met Cor Boonstra te hebben gekozen voor de voortzetting van de harde lijn: wie Boonstra's tempo en inzet kan bijbenen blijft welkom in het management van Philips. Wie dat niet kan, kan beter gaan. “Hier wordt topsport bedreven. Sommige mensen houden niet van topsport”, zei hij twee jaar geleden tegen deze krant over zijn rigide personeelsbeleid bij de Amerikaanse voedingsmiddelengigant Sara Lee, waar hij het in 1993 bracht tot tweede man in het bestuur. “Je mag je niet als koekoeksjong nestelen in een milieu waar anderen wel prestatiegericht zijn.” Ook na het vertrek van Timmer zal het management van Philips geen minuut rust worden gegund.

Niet alles zal veranderen in het tijdperk-Boonstra. Hoewel Philips volop meeloopt in de globaliseringsrace, uitte hij recentelijk nog zijn zorg om het maatschappelijke risico van een al te drieste blootstelling aan de wereldmarkt. “Je kan je als economie nooit verdedigen tegen landen waar geheel wordt voorbijgegaan aan onze levensstandaard. Daartegen zal je nooit kunnen concurreren. We hebben in Europa de tijd nodig om nieuwe banen te creëren, bij te scholen. Dat zijn we verplicht aan de samenleving.” Daar klinkt niet alleen Timmers verborgen sociale karakter in door, maar ook de visie op mondiale concurrentie van Boonstra's verre voorganger Wisse Dekker.

Maar Boonstra's voorliefde voor Azië als nieuw zwaartepunt voor Philips zal de huiver er bij de Nederlandse bedrijven niet minder om maken. Juist voor die taak trok Timmer Boonstra, kort na diens plotselinge vertrek bij Sara Lee, aan.

Pag.16: Boonstra, keihard en doortastend bestuurder

Cor Boonstra zal per 1 oktober volgend jaar de eerste 'buitenstaander' worden die Philips leidt, maar is zeker niet de eerste in de raad van bestuur. In korte tijd wist Timmer zich vanaf het begin van de jaren negentig te omringen met een nieuw team van bestuurders van buitenaf. Financiële man Dudley Eustace kwam van British Aerospace, Henk Bodt gaf zijn toppositie bij Océ van der Grinten op voor Philips, Pierre Everaert deed hetzelfde bij Ahold. Nog geen twee jaar geleden kwam daar Boonstra bij. En begin dit jaar aanvaardde de vertrekkende Unilever-voorzitter Floris Maljers de voorzittershamer van de raad van commissarissen. Met de impliciete voorkeur voor managers uit de sterk op marketing gerichte voedingssector gaf Philips aan voorgoed te willen afrekenen met het imago meer verstand te hebben van techniek dan van de markt.

Telkens kwam de aanstelling van een nieuwe buitenstaander als een verrassing. Maar Boonstra's opwachting bij Philips spande begin 1994 de kroon. Nadat hij halsoverkop, en om nog steeds onopgehelderde redenen, vertrok bij zijn vorige Amerikaanse werkgever Sara Lee, wist Timmer hem razendsnel in te lijven.

Boonstra, toen 56, had al de reputatie een doortastend en keihard bestuurder te zijn, die leeft bij financiële doelstellingen en het waarmaken van gewekte verwachtingen. Na zijn loopbaan in 1955 te zijn begonnen bij Unilever trad hij in 1966 in dienst bij de Zuivel Handels Maatschappij, die onder zijn hand uit zou groeien tot een klein imperium van rijdende SRV-wagens. Het Amerikaanse voedingsmiddelenconcern Sara Lee trok hem in 1974 aan als eerste man voor dochterbedrijf Intradal, producent van voedings- en verzorgingsmiddelen. Toen Sara Lee later ook Douwe Egberts kocht, werd Boonstra leider van Sara Lee/DE, de internationale werkmaatschappij, en bracht het in 1993 tot tweede man bij Sara Lee zelf in Chicago. De expansie in Azië werd een van de zwaartepunten in zijn portefeuille - dezelfde taak die hem later bij Philips zou wachten. Het strenge financiële regime dat onder Eustace bij Philips is teruggebracht, zal door Boonstra worden gekoesterd.

Al in Nederland stond Boonstra er om bekend zonder mededogen af te rekenen met managers die niet konden voldoen aan de hoge eisen die hij stelde. Dat zou ook de reden zijn voor zijn plotselinge vertrek bij Sara Lee.

Boonstra hield het later op de aanslagen die zijn onophoudelijk pendelen tussen het Amerikaanse hoofdkantoor in Chicago en Sara Lee/DE in Utrecht op zijn lichaam en geest pleegden. In de VS prevaleerde de lezing dat hij bij Sara Lee zelfs voor Amerikaanse maatstaven te hard zou zijn geweest, en had moeten vertrekken na een opstand in Sara Lee's tweede echelon van bestuurders.

Dat is een risico dat Philips' president-commissaris Maljers, bij wiens Unilever-concern Boonstra destijds zijn loopbaan begon, moet hebben afgewogen. Het behoud van het momentum dat Timmer weer bij Philips heeft weten terug te brengen, weegt daar met de aanstelling van can do-manager Boonstra (om een van Timmers angelsaksische krachttermen te gebruiken) klaarblijkelijk tegenop. Niet alleen het Philips-management, maar ook de concurrentie kan zijn borst natmaken.