Nieuw middel bestrijdt HIV-virus beter

ROTTERDAM, 5 DEC. Het nieuwe anti-aidsmiddel ritanovir bestrijdt het HIV-virus in het bloed van aids-patiënten beter dan iedere combinatie van gangbare medicijnen. Dit blijkt uit onderzoek van onder meer prof.dr. S. Danner van het Academisch Medisch Centrum in Amsterdam. Het onderzoekverslag verschijnt op 7 december in het medisch-wetenschappelijke tijdschrift The New England Journal of Medicine.

Ritanovir behoort tot een nieuwe klasse van medicijnen tegen aids, de zogenaamde proteaseremmers. Danner heeft met collega's uit het Academisch Ziekenhuis in Utrecht en klinieken in Spanje en Australië aangetoond, dat patiënten minstens acht maanden baat hebben van ritanovir. Het middel van fabrikant Abbott werd gedurende 32 weken in vier doseringen aan 84 met HIV-geïnfecteerde patiënten gegeven. Bij de patiënten die de hoogste dosering kregen, daalde het aantal in het bloed circulerende virusdeeltjes sterk. Het aantal CD4+-cellen, de afweercellen die normaal door HIV worden vernietigd, steeg bij de meeste patiënten tot boven de 200 per kubieke millimeter bloed. Bij aids-patiënten ligt deze waarde vaak onder de 100. Bij patiënten die na het experiment van vier maanden ritanovir bleven slikken, bleef het effect aanwezig.

Proteaseremmers verhinderen de aanmaak van nieuwe virusdeeltjes. Protease is een enzym van het HIV-virus dat in actie komt als het virus nakomelingen maakt. In een geïnfecteerde cel ontstaat dan een lange eiwitketen die door protease in stukken wordt geknipt. Die fragmenten zijn de bouwstenen voor een nieuw virusdeeltje. Proteaseremmers verstoren de werking van het enzym protease. Het gevolg is dat de bouwstenen voor nieuwe virussen niet passen en er alleen 'kreupele' virusdeeltjes ontstaan.

De gangbare medicijnen tegen aids, met AZT als oudste en ddC, ddI en 3TC als nieuwere, werken op het moment dat een HIV-virus zichzelf in een gastheercel nestelt. AZT verhindert niet dat een eenmaal geïnfecteerde cel nog nieuw virus maakt, een proteaseremmer doet dat wel.

De bijwerkingen van ritanovir blijven beperkt tot jeuk en misselijkheid. Danner waarschuwt tegen te groot optimisme omdat bij alle middelen tegen aids uiteindelijk virusresistentie optreedt, waarna het middel geen effect meer heeft. Ook bij proteaseremmers is al resistentie beschreven. In het AMC zullen in de toekomst combinaties van ritonavir met bestaande medicijnen worden onderzocht. Danner verwacht daarvan een nog groter effect. Ritonavir is een van de drie proteaseremmers die op weg zijn naar registratie als medicijn. De eerste proteaseremmer zal waarschijnlijk begin vorig jaar in de Verenigde Staten door de Food and Drug Administration als medicijn worden geregistreerd.