Euthanasie

Eindelijk is binnen het openbaar ministerie iemand opgestaan die het heeft aangedurfd om te zeggen dat de euthanasiewet een monstrum is, of hij wordt monddood verklaard en mag geen euthanasiezaken meer behandelen. En dat nog wel door een D66-minister, de partij die in het verleden geijverd heeft voor een goede euthanasiewetgeving. De huidige euthanasiewet moet in de ogen van D66 toch ook een juridisch prul zijn.

Naast het feit dat de euthanaserende arts zich in feite zelf aan moet geven, moet hij in de euthanasie-uitvoering zich ook nog bedienen van een protocol dat volstrekt onwerkzaam is. Hij moet o.a. een tweede arts consulteren, die geplaatst wordt in een positie als rechter (hij beoordeelt of de euthanaserend arts tot een goed besluit is gekomen), getuige (als de euthanaserend arts toch vervolgd wordt), medeplichtige (hij had het kunnen voorkomen).

Het is te hopen dat de commissie die zich bezig houdt met de evaluatie van de euthanasiepraktijk na de wetgeving, de uitspraak van mr. R. Drenth uit Groningen, meeneemt, en zwaar laat wegen.