Pulchri toont werk van jonge Chilenen

Tentoonstelling: Chileense visuele kunst van vandaag. Hedendaagse Chileense beeldende kunst uit de collectie van het Chileens Museum voor Moderne Kunst in Santiago. T/m 10 dec. Pulchri, Lange Voorhout 15, Den Haag. Di-vr 11-17u, zo 13-17u. Cat. ƒ45,-

De kunstwerken in de grote zaal in Pulchri trekken als een parade aan de bezoeker voorbij. Een bronzen beeld van grand old man Roberto Matta, een schilderij van de jonge kunstenaar Pablo Domínguez, foto's van Lotty Rosenfeld, een installatie van Carlos Lepe. Het is een verwarrende parade. Tachtig kunstwerken van evenzoveel kunstenaars, met als enige overeenkomst dat hun werk afkomstig is uit Chili en de afgelopen twintig jaar is ontstaan.

De Chileense samenstellers van de tentoonstelling hebben bewust 'fragmenten' willen presenteren die zijn losgeweekt uit het oeuvre van de kunstenaar en vrijgemaakt uit de Chileense historische en politieke context. Wat men de bezoeker wil aanreiken is een open vizier. De tentoonstelling wil niets bewijzen, niets illustreren. Gemeenschappelijke noemers zijn zoveel mogelijk vermeden om de individualiteit van iedere kunstenaar afzonderlijk te kunnen benadrukken.

Nieuwsgierig maakt Roberto Matta's sculptuur Navigateur (1990). De primitieve emblemen op het bronzen harnas van de stuurman staan op gespannen voet met het bijna beangstigende science fiction-karakter van het beeld. De navigator is geblinddoekt en de koers nog niet bepaald. Bijzonder is ook het kleurrijke Looking for America (1991) van Patricia Figueroa, waar het schip van Columbus als een prehistorische rotstekening in de verf is gekrast. Deze terloopse verwijzing naar de ontdekkingsreiziger heeft een genadeloze uitwerking op de onschuldige schoonheid van het landschap.

Chili's traumatische verleden, getekend door conquistadores en militaire junta, is onmiskenbaar en onontkoombaar in de kunstwerken aanwezig. Deze veroordeling tot de geschiedenis herinnert aan Gabriel García Márquez' toespraak bij de aanvaarding van de Nobelprijs, waarin hij zei dat zijn boeken nooit los van de 'monsterlijke realiteit' van Latijns Amerika gezien kunnen worden. Hij sprak daarbij het verlangen uit naar een nieuw Utopia waar een nageslacht, veroordeeld tot honderd jaar eenzaamheid, de kans zou krijgen tot wederopstanding, tot een nieuw begin.

Het landschap van een van de jongste kunstenaars op de tentoonstelling, Pablo Domínguez, lijkt vrede te hebben gesloten met wat Márquez de monsterlijke realiteit noemde. De rotsen en het water zijn zo intens en puur geschilderd dat de schilder zich werkelijk lijkt te hebben bevrijd van de ballast die zoveel Latijns-Amerikaanse landschapschilders kenmerkt. Hij verbeeldt het landschap als een spel van licht, kleur en schaduw en niet als een getuige van uitbuiting, onderdrukking en slavernij.