Mogen horen

NIET MINDER DAN 146 vragen stelde de Tweede Kamer naar aanleiding van de rapportage van het ministerie van defensie over de gebeurtenissen afgelopen zomer rond de val van de enclave Srebrenica in het voormalige Joegoslavië. Het zogeheten debriefingsrapport dat minister Voorhoeve (defensie) eind oktober presenteerde was de zoveelste verantwoording in een lange reeks. Eerder waren er al brieven en veelvuldig overleg met de Tweede Kamer aan voorafgegaan. En hoewel Voorhoeve niets liever zou willen, lukt het maar niet het boek Srebrenica te sluiten. Telkens duikt er weer nieuwe informatie op, gevolgd door de standaardreactie van Voorhoeve dat de zaak tot de bodem moet worden uitgezocht.

Vaak gaat het hierbij om incidenten, althans afgezet tegen het grote drama dat er in juli in de enclave heeft plaatsgehad. Dat neemt niet weg dat de verbrokkelde informatie over wat er precies is gebeurd, het grote aantal misverstanden en communicatiestoornissen een weinig opwekkende indruk achterlaten als het gaat om de organisatie van het ministerie van defensie. Nu er al zoveel 'errata' zijn verschenen, is het begrijpelijk dat de Tweede Kamer enige aarzeling toont om het boek definitief te sluiten. Temeer daar de Kamer aan de vooravond staat van het besluit om wederom Nederlandse militairen naar Bosnië te sturen.

DE ANTWOORDEN OP de schriftelijke vragen van de Tweede Kamer die Voorhoeve vorige week heeft verstrekt, hebben bij een deel van de volksvertegenwoordiging nieuwe vragen opgeroepen. Voor de fracties van het CDA en GroenLinks was dit aanleiding om te verzoeken om een hoorzitting. Maar of deze wens gehonoreerd zal worden is onzeker, nu de VVD-fractie heeft uitgesproken hier geen behoefte aan te hebben. Vervolgens zijn ook de twee andere regeringsfracties PvdA en D66 gaan twijfelen of zij het verzoek zullen steunen.

Daarmee zit de Kamer weer met het klassieke probleem van kiezen tussen lam of leeuw. Coalitie-overwegingen dwingen tot lam, hoewel de controlerende taak van de Kamer de opstelling van een leeuw rechtvaardigt. Het blijft curieus: volksvertegenwoordigers die geen behoefte hebben aan nadere informatie. Het middel van de hoorzitting is tamelijk onschuldig. Temeer daar het nog altijd de minister is die toestemming moet geven als er sprake is van het horen van ambtenaren.

HET BELANGRIJKSTE IS dat een deel van de Kamer zich onafhankelijk van het ministerie van defensie wenst te informeren. De meerderheid kan dat om politieke redenen blokkeren. Maar die meerderheid gaat daarmee dan wel erg lichtvaardig met de rechten van het parlement om.