Coach Bunnik: 'Ik neem zelf ontslag'

AMSTELVEEN, 4 DEC. Taco van den Honert noemde het “ongepast en onbegrijpelijk”, zijn collega-internationals van Amsterdam toonden zich eveneens verbaasd en de hoofdrolspeler zelf stak zijn verontwaardiging al helemaal niet onder stoelen of banken. “Ik ben op een onbeschofte manier behandeld en daardoor ernstig beschadigd”, zegt Bert Bunnik, die plotseling werd afgezet als assistent-bondscoach. “Als het bondsbestuur van de hockeybond een professionele organisatie meent te zijn, moet het ook zodanig optreden. Iets meer stijl en klasse had ik wel verwacht.”

Uiterlijk onbewogen, maar zichtbaar ontdaan deed Bunnik gisteren in het Wagenerstadion na afloop van de stadsderby tussen Amsterdam en Pinoké (2-1) zijn relaas. De nederlaag tegen de landskampioen deed de coach vanzelfsprekend pijn, maar viel in het niet bij Bunniks woede over de “weinig elegante handelswijze” van bondscoach Roelant Oltmans. “Ik weiger mijzelf te laten meeslepen in een affaire waarvoor ik zelf niet het startsein heb gegeven.”

Bunnik (42) werd afgelopen week naar eigen zeggen ongewild het slachtoffer van een conflict dat vooralsnog veel lijkt op een ordinaire machtsstrijd binnen de technische staf van de nationale mannenploeg. Oltmans zegde het vertrouwen in zijn assistent op zonder Bunnik zelf op de hoogte te brengen van diens aanstaande ontslag. “Ik heb het nieuws uit het zogenaamde circuit moeten vernemen. Dat steekt en niet zo'n beetje ook, zeker na drie jaar van intensieve samenwerking.”

Oltmans daarentegen beweert drie weken geleden zijn assistent reeds op de hoogte te hebben gebracht van de naderende breuk. “Waar het lek naar de pers zit, weet ik niet. Dat Bert ernstig teleurgesteld is, kan ik mij goed voorstellen. Maar dat 'via-via-verhaal' is onjuist. Voor het overige heb ik weinig behoefte om via de pers te communiceren. Ik treed niet in details. Dat doe ik liever rechtstreeks met de betrokkene”, aldus de bondscoach die vandaag een gesprek heeft met Bunnik. “Onder vier ogen voor zover ik weet.”

Naar het waarom zegt Bunnik alleen maar te kunnen gissen. “Als ik een controversieel figuur zou zijn, hoop ik de argumenten daarvoor te horen. De afgelopen drie jaar heb ik een open en eerlijke relatie met Oltmans onderhouden. Althans, zo heb ik dat altijd gezien. Speltechnisch hebben wij altijd op één lijn gezeten. Het enige verschil van mening dat wij ooit wel eens hebben gehad, betrof de discipline. Topsport stelt hoge eisen. Als je de top wil halen, moet je streng zijn.”

De ironie wil dat na het teleurstellende optreden van de Nederlandse ploeg bij de Champions Trophy in september de roep om meer discipline toenam. Tegelijkertijd rees de afgelopen maanden de indruk dat spelersgroep en technische staf geleidelijk uit elkaar dreigden te groeien. Bunnik lijkt het slachtoffer. “Maar is het niet een beetje zot om iemand uit de tweede rij te offeren? Ik sta nooit als een bierdrinkmaatje tussen de spelers. Dat kan mijns inziens domweg niet, om de simpele reden dat ik in dat geval niet meer in staat ben om nuchter en objectief te analyseren. En dat is mijn taak als assistent-coach.”

Wás zijn taak. Om aan alle speculaties een einde te maken, kondigde Bunnik gisteren resoluut zijn afscheid aan bij de hockeybond. “Ik stop als assistent.

Uit eigen beweging, nu het nog kan. Dan hou ik de eer, voor zover daar nog sprake van kan zijn, ten minste aan mezelf. Morgen is het officieel, maar bij deze'', aldus de oud-bondscoach van Spanje, bezig aan zijn vijfde seizoen bij Pinoké.

Zijn opvolger bij Oranje staat al klaar: Maurits Hendriks (34), eerstejaars coach van HGC. De oud-assistent van Amsterdam presteert dit seizoen boven verwachting in Wassenaar en vergezelt volgende week woensdag op voorspraak van Oltmans de 26 man sterke nationale selectie op de oefentrip naar de Canarische eilanden. Met hem Kees Koppelaar, bondscoach van Ierland die als looptrainer fungeert en Harry Delmee, die de keeperstrainingen zal verzorgen.

Van Bunnik geen kwaad woord over Hendriks. Maar toch: “Misschien is het toeval, misschien ook niet.” Hij doelt op het feit dat HGC de club van aanvoerder Marc Delissen is. Bunnik rest een bittere ervaring. “Je kan blijkbaar niemand vertrouwen. Dat maakt het werken in de topsport, het werken met een team wel heel erg gecompliceerd. Een team valt of staat immers met vertrouwen.” Enige genoegdoening putte de geplaagde coach gisteren uit het feit dat internationals van Amsterdam als Van den Honert en Brinkman hem voor de wedstrijd de hand drukten en bemoedigend toespraken. “Dat sterkt mij.”

Van den Honert: “Ik ben verrast en begrijp er eerlijk gezegd weinig van. Ik heb de hele kwestie van horen zeggen en ben net als de andere internationals niet persoonlijk ingelicht. Dat is op z'n minst vreemd te noemen. Ik ken Bert als een gedreven vakman, iemand die z'n zaken altijd keurig voor elkaar heeft. Ik zou niet weten wat er op hem tegen is”, aldus de international. Van den Honert werd in de jeugd bij Laren door Bunnik getraind.

Bert Bunnik tot slot met enig gevoel voor dramatiek: “Ach, dat is topsport. Vandaag ben jij het, morgen is een ander aan de beurt.”