Tourbijbel

JEAN NELISSEN: La Bible du Tour de France/De Bijbel van de Tour de France

325 blz., geïll., WIN Publiciteit 1995, ƒ49,50

Het belang van een goed naslagwerk kan moeilijk onderschat worden. Op het gebied van de wielersport verschijnt dit soort boeken geregeld. Goed in zijn soort is het Wielerjaarboek, dat een compleet overzicht van de wedstrijden uit het afgelopen wielerjaar geeft. In La Bible du Tour de France beperkt de televisieverslaggever Jean Nelissen zich tot de belangrijkste wielerwedstrijd: de Tour de France.

Een bijbel wil volledig zijn, en La Bible komt een heel eind. Alle etappe-uitslagen, eindklassementen en de winnaars van de nevenklassementen staan erin maar er is ook informatie over etappeplaatsen, soloritten, incidenten, tijdrijders, en als klapstuk de erelijst van alle deelnemers sinds 1903. Een verantwoording ontbreekt. Dat gemis wordt begrijpelijk voor wie het boek vergelijkt met de helaas slechts driemaal (1986-1988) verschenen Guide Tour de France. Nelissen blijkt namelijk met La Bible du Tour de France ongemerkt een vierde editie van dit werk te hebben uitgebracht. Dat er niets verantwoord wordt, is niet netjes, maar wel zo makkelijk als je besluit zwaar te leunen op eerdere uitgaven. De ooit met veel moeite opgedolven gegevens uit de Guide heeft Nelissen overgenomen en geactualiseerd. Hetzelfde geldt voor het grootste gedeelte van de tekst. Die actualisatie is overigens een belangrijk pluspunt van dit boek - het is nu eenmaal wat een nieuw naslagwerk altijd op een oud zal voorhebben. Maar veel meer dan zijn naam geleend aan deze uitgave heeft Nelissen dus niet gedaan.

De uitgave is tweetalig (Nederlands en Frans) en dat bevordert de leesbaarheid allerminst. Het noodgedwongen kleine lettertype bezorgt het boek een gedrongen karakter. Gevolg van die tweetaligheid is verder dat een hoofdstuk als 'Nederlanders in de Tour' - in de Guide nog wel voorkomend - moest sneuvelen. Behalve veel cijfers geeft De Bijbel ook korte, lezenswaardige biografietjes van Tourhelden. Een klein aantal portretten is nieuw; ze zijn van de renners die de afgelopen zeven jaar hun sporen in de Tour verdiend hebben, zoals Indurain en Abdoezjaparov. De opname van de jonge Rus Evgeni Berzin in dit rijtje is bizar. Tot aan dit jaar was hij zelfs nog nooit gestart in de Tour! Pas deze zomer debuteerde hij - roemloos: opgave halverwege.

Wel naam maakte Abdel-Kader Zaaf, zij het niet zoals hij hoopte. In 1950 reed deze Algerijn ver voor het peloton uit. Het was 35 graden in de schaduw. Plotseling begon Zaaf te zigzaggen en viel. Toen hij minuten later bijkwam, vervolgde hij zijn weg in tegengestelde richting. Hij finishte niet. De oorzaak van zijn ineenstorting was onduidelijk. Pas tweeëndertig jaar na dato gaf Zaaf - even terug in Frankrijk - uitsluitsel. Hij kreeg in de bloedhitte een drinkbus aangereikt. “Ik dronk die bus leeg en plotseling begon de weg voor mijn ogen te draaien. Ik geloof dat er pure alcohol in die bus heeft gezeten.” Hij viel van zijn fiets. Met wijn probeerde men hem bij te brengen. Weer in het zadel viel Zaaf opnieuw, “en toen ben ik maar in een greppel langs de weg blijven liggen”. De Tour was weer een legende rijker.

    • Tim Duyff