Toonkunst (1)

Een verduidelijking bij het artikel 'Componisten af van meerjarige beloning' van Paul Luttikhuis (NRC Handelsblad, 18 november) is op zijn plaats.

Alle toekenningen van het Fonds voor de Scheppende Toonkunst worden verleend op basis van adviezen van twee onafhankelijke, jaarlijks van samenstelling wisselende adviescommissies. Daarbij wordt in de eerste plaats gelet op de kwaliteit. Bij een aanvraag voor een meerjarige honorering wordt daarnaast de omvang van het werkplan beoordeeld en de beschikbare tijd die aan het componeren kan worden besteed. Deze drie aspecten vormen tevens het criterium voor de hoogte van de toekenning, die op dit moment gemiddeld (bruto) 44.000 gulden per jaar bedraagt. Vier componisten ontvangen het maximumbedrag van 64.000 gulden.

Alvorens tot een nieuwe driejaarlijkse toekenning te kunnen overgaan worden de resultaten getoetst aan de kwaliteit en de produktiviteit in relatie tot de toegekende gelden, terwijl jaarlijks verslag moet worden uitgebracht over de voortgang van de compositorische werkzaamheden.

Onder de (thans 25) gehonoreerden bevinden zich de meest vooraanstaande componisten van Nederland. Zelfs zij blijven gedurende hun hele produktieve leven afhankelijk van steun van het Fonds.