Sampras noemt krampaanval 'een sensatie'

MOSKOU, 2 DEC. Als aangeschoten wild lag Pete Sampras te spartelen op het gravel. Hij was na de winnende smash juichend de lucht in gesprongen, maar zijn benen konden bij het neerkomen zijn gewicht niet meer dragen. De Amerikaan kreeg, wat hem nog nooit eerder was overkomen, kramp in al zijn spieren. De pijnscheuten trokken door zijn hele lichaam. Hij moest door twee fysiotherapeuten van de baan worden gedragen.

Sampras versloeg gistermiddag in Moskou de Rus Andrei Tjesnokov op de eerste dag van de finale van het toernooi om de Davis Cup, maar hij moest dieper in zijn reserves tasten dan ooit tevoren. “Het was zo'n emotionele en inspannende wedstrijd”, zei Sampras een uur na afloop van de partij, nog steeds met een verbaasde blik in zijn ogen. “Het was een voorbeeld van hoe bijzonder de Davis Cup kan zijn.”

Met zijn heldhaftige overwinning zette Sampras de Verenigde Staten op een 1-0 voorsprong. Onder toeziend oog van de geblesseerde Andre Agassi versloeg hij de veteraan Tjesnokov in drie uur en veertig minuten met 3-6, 6-4, 6-3, 6-7 en 6-4. Daarna bracht de jonge Jevgeni Kafelnikov de Russen op gelijke hoogte door verrassend eenvoudig te winnen van Jim Courier: 7-6, 7-5 en 6-3. Vandaag wordt het dubbel gespeeld, morgen de laatste twee enkelspelen.

Sampras, 24 jaar oud en de nummer één van de wereld, werd tot het uiterste gedreven door de 29-jarige Tjesnokov, de nummer 91 op de ranglijst. De Amerikaan, die toch drie keer op rij Wimbledon heeft gewonnen, moet overweldigd zijn geweest door de omstandigheden. Buiten vroor het vijf graden, maar in het immense Olimpyskii Sportcomplex, gebouwd voor de Olympische Spelen van 1980, steeg de temperatuur tot grote hoogten.

Het stadion is net zo groot als de Rotterdamse Kuip en geheel overdekt. In een van de vier hoeken was de tennisbaan neergelegd, met er omheen tribunes voor twaalfduizend toeschouwers, op stoelen met prijskaartjes van tien tot honderd gulden. Het gejuich en ritmische geklap van het chauvinistische publiek moet bij Sampras herinneringen hebben opgeroepen aan de eerste Davis-Cupfinale die hij speelde. In 1991 verloor hij in Lyon zowel van Henri Leconte als van Guy Forget. Bovendien stond Sampras op gravel, een baansoort waar hij van gruwt. Dit jaar verloor hij bij vier van de vijf toernooien die hij er op speelde al in de eerste ronde. De zuigkracht van het gemalen baksteen trekt de angel uit zijn service en forehand. Op gravel duren de rally's altijd een paar slagen langer dan op snellere baansoorten.

Die ondergrond is Tjesnokov juist op het lijf geschreven. Hij is een counter-puncher, hij slaat alles terug en wacht op de fouten van zijn tegenstander. Dat kan hij zo goed dat hij in de halve finale tegen Duitsland Michael Stich tot wanhoop dreef en ook gisteren Sampras voortdurend verleidde tot overhaast spel. Wanneer de lijzige, uiterlijk onverstoorbare Tjesnokov zich opmaakte voor een eindeloze rally, probeerde Sampras er dan een einde aan te maken met een verwoestende klap. Maar die viel vaker buiten dan binnen de lijnen.

Toch leek Sampras de wedstrijd, na een slappe eerste set, overtuigend te winnen. In de vierde set stond de Amerikaan met 4-2 voor en had hij, op eigen service, twee kansen om 5-2 te maken. Nadat Tjesnokov zich terug had gevochten, verspeelde Sampras vervolgens de tie-break door op het eerste setpunt een dubbele fout te slaan.

In de vijfde set kreeg Sampras bij 3-3 voor het eerst last van kramp. “Wat moet ik doen”, vroeg hij de coach. “Houdt de punten kort. Neem meer risico”, luidde het advies van Tom Gullikson. Dat deed Sampras. Hij won vervolgens tien punten achter elkaar. Op het eerste matchpoint verdween zijn volley nog onderin het net. Op het tweede matchpoint sloeg zijn smash een gat in het gravel en beet vervolgens het zuur in zijn spieren.

“Ik weet niet of ik in staat was geweest om door te spelen”, zei Sampras, die in de kleedkamer direct met ijs was behandeld. “Ik weet wel dat ik het niet graag zou hebben geprobeerd. Het deed aardig wat pijn, een sensatie die ik nog nooit zo had gevoeld. Ik heb de afgelopen weken veel gespeeld, de baan was traag en de ballen waren zwaar. Maar ik voel me nu al weer veel beter. Morgen heb ik rust. Als ik de juiste sappen en happen tot me neem, moet ik volledig kunnen herstellen.”

De nederlaag van Tjesnokov leek een domper te zetten op het tweede achtereenvolgende finale-weekeinde van de Russen. Vorig jaar verloren Kafelnikov en Volkov in hetzelfde stadion tamelijk kansloos van Zweden. Destijds kreeg de Russische president Boris Jeltsin een deel van de schuld. Met zijn binnenkomst, bij 5-5 in de vijfde set, bracht hij toen Volkov zo van slag dat de Rus een matchpoint verspeelde en snel verloor van Edberg. Het Russische team wist die achterstand niet meer weg te werken en leed een 4-1 nederlaag.

Gisteren kwam Jeltsin niet opdagen. Hij is herstellende van een lichte hartaanval. Ondanks een “groot verlangen” bij Jeltsin om de tenniswedstrijden bij te wonen, mocht hij van zijn dokters niet naar het stadion. De president was wel te bewonderen in de portretten-galerij in het VIP-dorp. Op een wand met actiefoto's van John McEnroe en andere grote spelers uit de geschiedenis van het toernooi, hingen ook opnamen van een tennissende Jeltsin, in korte broek, pal naast die van Agassi.

Anders dan in Nederland, waar de successen van Ajax geen ruimte voor discussie laten, is tennis in Rusland op dit moment verreweg de meest 'hippe' sport. De nieuwe Russen houden van het Trendy Tennis. Het spelletje is voor de rijken, met president Jeltsin als grote voorganger. Hij begon pas zes jaar geleden, op zijn 57ste, maar werd een fanaat speler en groot fan. Op privé-scholen in Moskou leren inmiddels honderden kinderen serveren en volleren als hun helden Kafelnikov en Tjesnokov. Het tekort aan faciliteiten - 200 indoorbanen in heel Rusland - zorgt voorlopig voor de gewenste exclusiviteit. De baanhuur is per uur vijftig tot honderd gulden.

Buiten Moskou begint in het voorjaar de bouw van een mega-tenniscentrum, een Russisch Wimbledon. Het complex, dat voor tachtig procent door het bedrijfsleven wordt gefinancierd, gaat naar verwachting meer dan tweehonderd miljoen gulden kosten. Er komt een centre-court met plaats voor 8.000 toeschouwers, tientallen andere banen, een hotel en een winkelcentrum.

Mocht Rusland er dit weekeinde uitgerekend tegen de Verenigde Staten, die de Davis Cup al dertig keer binnenhaalden, in slagen voor het eerst het landentoernooi te winnen, dan zullen ook deze banen snel overbelast raken. Zonder presidentiële onderbreking hield Kafelnikov gisteravond zijn land in de race. Hij speelde vlekkeloos. Hij toonde Courier hoe het tempo dient te worden gevariëerd op gravel, hoe er dient te worden gewacht met het uitdelen van een beslissende klap. Naast zijn souplesse en katachtige manier van bewegen, verbleekte Courier tot een stoffig, lomp nijlpaard. “Om de Davis Cup te winnen moeten we tien stappen vooruit”, zei Kafelnikov na afloop. “Dit was pas de eerste stap.”

Door de 1-1 tussenstand komt het scenario dat tien weken geleden in de halve finale tegen Duitsland voor een historische Davis-Cupontmoeting zorgde, steeds dichterbij. Toen won Tjesnokov de beslissende vijfde wedstrijd in de vijfde set met 14-12 van Michael Stich, nadat hij negen matchpoints had overleefd. Dit keer speelt Tjesnokov - als het Russische dubbel Kafelnikov/Olhovsky vandaag wint en Kafelnikov verliest van Sampras, of andersom - morgenmiddag de beslissende partij tegen Courier.

Het zou voor Tjesnokov een kans op onsterfelijke roem zijn, zo beseft hij terdege. Hij werd voor zijn zege op Stich door Jeltsin geëerd met de Orde voor Moed. Een medaille, zo had Tjesnokov begrepen, eigenlijk bedoeld voor overleden soldaten tijdens een oorlog. “Als we deze keer winnen, zouden ze een monument voor ons moeten bouwen”, zei Tjesnokov eerder. “Ik wil dat van mij naast Lenin's graftombe.”