Nieuw hoofdstuk in droevig, Haags bezuinigingsboek

De Haagse kunstwereld is ontsteld over de maatregelen die de gemeentelijke dienst kunst en cultuur heeft voorgesteld om een tekort op de eigen begroting van 2 miljoen gulden weg te werken. De dienst heeft vorige week zes gemeentelijke culturele instellingen een vertrouwelijke notitie gestuurd met mogelijke bezuinigingen. Het gaat om de Koninklijke Schouwburg, het Gemeentemuseum inclusief het Paleis aan het Lange Voorhout, het Museon, het Haagse Historisch Museum, het Gemeentearchief en het centrum voor kunstzinnige vorming annex muziekschool Het Koorenhuis.

De plannen vormen een nieuw hoofdstuk in het droevige bezuinigingsboek van de gemeente Den Haag, die met een tekort van in totaal 180 miljoen gulden kampt en de artikel 12-status heeft aangevraagd. Vorig jaar al werd in de zogeheten Winternota besloten tot een bezuiniging van 1,5 miljoen gulden in de subsidies aan de niet-gemeentelijke kunstinstellingen, waarvan vooral het Nederlands Dans Theater, het dansgezelschap Djazzex en het World Wide Video Centre het slachtoffer werden. In totaal werd voor 8,7 miljoen gulden in gemeentelijke subsidies gesneden, op een totaal van 122 miljoen gulden. De bezuinigingen gaan komend jaar in. Daar bovenop komt binnenkort een nieuwe bezuiniging van 8,9 miljoen gulden voor 1997. Hoeveel de kunstinstellingen daarvan voor hun rekening zullen nemen, is nog niet bekend. Wel is afgesproken dat de instellingen die al eerder getroffen werden, in de nieuwe Winternota buiten schot zullen blijven.

De huidige ambtelijke voorstellen - niets staat nog vast - liegen er niet om. Alle instellingen moeten fors inleveren, alleen het Paleis aan het Voorhout blijft gespaard. “Het Paleis heeft voor het cultuurtoerisme in Den Haag reeds een fraaie plaats ingenomen”, aldus de notitie. Als het meest schokkend wordt het voorstel ervaren om de Sebastiaansdoelen aan de Hofvijver te sluiten als behuizing voor het Haags Historisch Museum. Het museum zou voortaan tijdelijke tentoonstellingen in andere musea, stadsdeelkantoren of wijkgebouwen moeten houden. Volgens de notitie is het vrij besteedbare budget van 100.000 gulden te laag voor het museum om te kunnen uitgroeien tot een gezond en volwassen museum. “De mogelijkheden die dit museum heeft op de prachtige plek zullen nooit worden benut omdat het geld ontbreekt”, zo heet het. Extra geld voor tentoonstellingen heeft de armlastige gemeente echter niet.

Ook gerenommeerde instellingen als de Koninklijke Schouwburg en het HaagseGemeentemuseum moeten een veer laten. In de schouwburg zou de functie van adjunct-directeur kunnen vervallen, de openstelling van de kassa kan gehalveerd worden en het aantal toneeltechnici kan met twee arbeidsplaatsen worden teruggebracht, zo schrijven de ambtenaren. De voorgenomen opknapbeurt van de schouwburg, die ruim 30 miljoen gulden gaat kosten, staat wat de gemeente betreft niet ter discussie. Wel stelt de gemeente als voorwaarde dat het rijk 17 miljoen gulden bijdraagt.

Het Gemeentemuseum krijgt te maken met een bezuiniging op het wetenschappelijk onderzoek in de muziekafdeling (“De muziekafdeling moet spannender worden gemaakt”). Ook zou het museum diensten aan derden in rekening moeten gaan brengen, bijvoorbeeld advisering van conservatoren. Als een vooralsnog niet geadviseerde mogelijkheid wordt verder genoemd het afstoten van de collectie moderne kunst, dat wil zeggen Mondriaan en Haagse School.

Waar leidt dit alles toe? Het tentoonstellingsbeleid van het Gemeentemuseum staat sinds vorig jaar al noodgedwongen op een laag pitje, doordat een onder de vorige directeur Fuchs opgelopen tekort van bijna 2,8 miljoen gulden in vijf jaar moet worden ingelopen. Alle aandacht lijkt voorlopig uit te gaan naar het gebouw van architect Berlage. Onlangs is begonnen met een grondige restauratie die drie jaar in beslag neemt en waarvan de totale kosten 51 miljoen gulden bedragen. Het museum blijft de komende drie jaar wel gewoon open. Na de opknapbeurt van het uit 1935 daterende gebouw en de nu voorgestelde bezuinigingen zou het museum weer goed kunnen draaien, zo verwacht de gemeente.

De directeuren van de getroffen instellingen reageerden deze week als door een wesp gestoken. Niet alleen de bezuinigingen hebben tot woedende reacties geleid, ook het voornemen van de dienst kunst en cultuur om zichzelf 240.000 gulden extra toe te schuiven voor de aanstelling van een boekhouder en een plaatsvervangend directeur heeft kwaad bloed gezet. De directeuren zijn van mening dat de ondersteunende dienst kunst en cultuur niet zozeer uitgebreid als wel ingekrompen zou moeten worden.

In Den Haag wordt de komende jaren voor miljoenen guldens verspijkerd aan de huisvesting van de kunstinstellingen. Dat is nodig, en valt bij alle financiële ellende in Den Haag toe te juichen. Wel steken de miljoenen voor conservering en restauratie schril af tegen de voortgaande bezuinigingen op de gezelschappen zelf. Het valt te hopen dat de instellingen zelf, wellicht buiten de gemeente om, middelen weten te vinden om voldoende aantrekkelijke voorstellingen en tentoonstellingen te kunnen brengen.