Grote concerns vragen EU om snelle liberalisatie energiemarkt

BRUSSEL, 1 DEC. De acht grootste energie-intensieve ondernemingen in West-Europa, verenigd in de organisatie ENER-G8, hebben vanmorgen een dringend beroep gedaan op de Europese Commissie om haast te maken met vrijmaking van de energiemarkt.

Volgens de acht mammoetconcerns (Akzo Nobel, KNP BT, BASF, Dow, ICI, Mercedes, Pilkington Glass en Thyssen Stahl) kan door liberalising het enorme verschil in energieprijzen tussen West-Europa en de Verenigde Staten worden opgeheven. Door een gebrek aan concurrentie op de Europese markt en als gevolg van zware belastingen en heffingen zijn de energiekosten in de Europese Unie 30 tot 70 procent hoger. Gemiddeld maken de energiekosten voor de grote bedrijven (15 miljoen werknemers in de EU), 20 procent uit van hun produktiekosten. “Een faire en gezonde concurrentie zal een gigantische stimulans voor de hele economie zijn,” zei Yves Bobilier, president van Dow-Europa.

Op 14 december komen de energieministers van de EU-lidstaten in Brussel bijeen om een ontwerp-richtlijn van de Europese Commissie voor liberalisering van de elektriciteitsmarkt te bespreken. In die richtlijn wordt de concurrentie meer ruimte gegeven, maar een aantal lidstaten dat nog een grote invloed van staatsbedrijven op de energiesector kent, wil vasthouden aan beperkingen. Als de ministerraad het niet eens wordt over ruimhartige competitieregels, moet de Europese Commissie volgens ENER-G8 in elk geval haar bevoegdheden gebruiken om op basis van artikel 90 lid 3 van het Verdrag van Rome de gemeenschappelijke markt voor elektriciteit af te dwingen, zoals ze eerder heeft gedaan voor de sector telecommunicatie. Bij de liberalisering van de elektriciteitsmarkt gaat het onder meer om vrijheid voor ondernemers in alle lidstaten om stroom te produceren en vrij gebruik van transportnetten.