VN-conferentie erkent moeizaam; Aarde warmer door menselijk handelen

ROTTERDAM, 30 NOV. De klimaatverandering op de aarde is mede het gevolg van menselijk handelen. Klimaatonderzoekers en regeringsdelegaties uit 96 landen hebben op een speciale conferentie in Madrid vastgesteld dat het “bewijsmateriaal” over de klimaatverandering “wijst op waarneembare menselijke invloed op het mondiale klimaat”. “Naar verwachting zal de opwarming van het klimaat in de komende eeuw versneld doorzetten”.

Over deze behoedzame formulering is gisteravond na uren durende onderhandelingen op het Intergouvernementele Forum over Klimaatverandering (IPCC) in de Spaanse hoofdstad uiteindelijk overeenstemming bereikt. Niet eerder heeft men zich in internationaal overleg zo stellig over een menselijke invloed op het kimaat uitgelaten.

De formulering, waarover de conferentie het ten langen leste eens werd, luidt letterlijk: “het bewijsmateriaal wijst op een waarneembare” ('suggests a discernible') menselijke invloed op het mondiale klimaat”. Aanvankelijk was gekozen voor het verdergaande begrip “merkbare” ('appreciable') invloed. Maar tegen deze minder behoedzame formulering rees fel verzet van de delegaties uit Saoedi-Arabië en Koeweit en vertegenwoordigers van de kolenindustrie in de Verenigde Staten. Zij waren bang voor een passage waarin een al te direct verband tussen temperatuurstijging en verbruik van fossiele brandstoffen zou worden gelegd. Op de valreep werd vannacht daarom het Engelse begrip 'appreciable', dat behalve 'merkbaar' ook 'aanzienlijk' kan betekenen, vervangen door 'discernible'.

In Madrid is de afgelopen drie dagen vergaderd over de samenvatting van het nieuwe wetenschappelijke rapport van het IPCC dat de samenhang tussen klimaatverandering en een versterkt broeikaseffect door de uitstoot van kooldioxyde en andere gassen behandelt. Het IPCC is een in 1988 opgerichte VN-organisatie van wetenschappers, die op gezette tijden resultaten van onderzoek aan broeikaseffect en klimaatverandering evalueert. Het eerste IPCC-rapport verscheen in 1990, het tweede verschijnt over een maand.

Een tussenrapport voor de klimaatconferentie in Rio de Janeiro (1992) stelde dat er nog geen onweerlegbaar bewijs was voor een menselijke invloed op het klimaat en dat zo'n bewijs nog wel meer dan tien jaar kon uitblijven. Het nieuwe rapport is veel stelliger en noemt het onwaarschijnlijk dat de gesignaleerde temperatuurstijging uitsluitend een natuurlijke oorzaak heeft. Maar helemaal uitsluiten dat er ook een natuurlijke oorzaak is durfde men toch niet.

Pagina 5: Rekenmodellen CO2 nu verbeterd

Over de tekst van het tweede lijvige kk IPCC-rapport, waarop alleen wetenschappers invloed hebben, is al eerder dit jaar overeenstemming bereikt. In de loop van de zomer lekten delen van het rapport uit, ook via Internet. In Madrid moesten de wetenschappelijke samenstellers van het rapport met de talrijke overheidsdelegaties tot overeenstemming zien te komen over de formulering van een samenvatting voor beleidsmakers ('policy makers summary') en een ingekorte 'executive summary'. Het touwtrekken over de juiste formulering kostte zoveel tijd dat alleen de executive summary kon worden goedgekeurd.

Het toegenomen vertrouwen waarmee het kk IPCC de waargenomen temperatuurstijging en begeleidende klimaatveranderingen, zoals regionaal toegenomen neerslag of bewolking, ten dele aan menselijk invloed durft toe te schrijven is volgens kk KNMI-onderzoeker Fons Baede gebaseerd op drie ontwikkelingen.

In de eerdere kk IPCC-rapporten kon de invloed van aerosolen - in de lucht zwevende stofdeeltjes en druppeltjes, overwegend van industriële herkomst maar ook van vulkanen - op de warmtehuishouding van de atmosfeer nog niet worden verwerkt. Inmiddels staat vast dat aerosolen een belangrijk koelend effect hebben en dat zij ook kunnen verklaren waarom de mondiale temperatuur de afgelopen eeuw minder steeg dan de rekenmodellen voorspelden. Het vertrouwen in die modellen is daardoor sterk toegenomen.

De computermodellen zelf, de zogeheten General Circulation Models, zijn sinds 1990 belangrijk verbeterd, vooral sinds een koppeling tussen atmosfeer en oceanen werd aangebracht. De gezaghebbende modellen van het Amerikaanse Lawrence Livermore National Laboratory, van het Duitse Max Planck-instituut voor meteorologie en het Britse Hadley Centre hebben aangetoond dat de huidige klimaatveranderingen niet uitsluitend een natuurlijke oorzaak hebben.

Dat was mede te danken aan het toegenomen inzicht in de grootte van de natuurlijke variabiliteit van het klimaat zodat het mogelijk werd de menselijke invloed op het klimaat daarvan te onderscheiden. Het besef dat elk klimaat voortdurend verandert onder invloed van wisselende zonne-activiteit, vulkaanuitbarstingen en veranderende oceaanstromingen is nu algemeen.