Verhuurders van kranen beboet voor kartelvorm

BRUSSEL, 30 NOV. De Federatie van Nederlandse Kraanverhuurbedrijven (FNK) moet de Europese Commissie een boete betalen van ruim 24 miljoen gulden wegens ongeoorloofde kartelvorming.

Bovendien krijgt de Stichting Certificatie Kraanverhuurbedrijf (SCK) een boete van 630.000 gulden voor het belemmeren van het huren van kranen bij niet-gecertificeerde ondernemingen. Beide organisaties gaan in beroep en zullen ook om opschorting van de boete vragen. “Anders zijn we meteen failliet”, aldus R. de Blank, algemeen secretaris van de FNK.

Volgens Europees commissaris Karel van Miert (concurrentiezaken) heeft de FNK zich meer dan twaalf jaar - van eind 1979 tot april 1992 - schuldig gemaakt aan ongeoorloofde prijsopdrijving. Doordat de organisatie ongeveer 75 procent van de markt beheerste, konden de adviesprijzen 10 procent boven de normale marktwaarde worden vastgesteld. Volgens de woordvoerder van Van Miert heeft deze praktijk de FNK over de bedoelde periode naar schatting 420 miljoen gulden extra winst opgeleverd. In 1992 behaalden de tweehonderd leden van de FNK een totale omzet van ruim 480 miljoen gulden.

Volgens De Blank zijn de beschuldigingen “volkomen uit de lucht gegrepen. Zij zijn gebaseerd op onwaarheden en procedurefouten”. Hij had ook geen goed woord over voor de lange duur van het onderzoek door de Commissie, dat ongeveer vier jaar in beslag heeft genomen. Het uiteindelijke besluit is volgens de organisaties onnodig gerekt. De FNK en de SCK zijn daarom maandag naar het Europese Hof van Justitie gestapt om de Commissie aansprakelijk te stellen voor geleden schade. Hoe groot de schade is kunnen de bedrijven niet zeggen.

Van Miert benadrukt overigens dat de Europese Commissie een systeem van certificatie van kranen niet ter discussie wil stellen. In dit geval leverden de activiteiten van de SCK in de praktijk echter geen toegevoegde waarde op ten aanzien van de kwaliteit van produkten, de distributie of de produktie. De stichting beantwoordde bovendien niet aan de voorwaarden met betrekking tot openheid en transparantie en de stichting accepteerde evenmin gelijkwaardige waarborgen van andere systemen. Daardoor werd de toegang tot de Nederlandse markt in het bijzonder belemmerd voor buitenlandse bedrijven.

Van Miert herinnert in zijn oordeel tevens aan een uitspraak van de Utrechtse rechtbank in februari 1992, waarin de FNK werd gelast het systeem van adviesprijzen in te trekken, en aan een uitspraak van de Amsterdamse rechter uit oktober 1993. Toen werd de SCK gelast haar verbod op het huren van kranen van niet-gecertificeerde ondernemingen te schrappen. (ANP)