Officier mag geen euthanasiezaken meer doen

De Groningse officier van justitie R. Drenth mag geen euthanasiezaken meer doen van minister Sorgdrager. Reden is diens opstelling in de zaak tegen huisarts Kadijk.

GRONINGEN, 30 NOV. Toen de Groningse officier van justitie R. Drenth werd gevraagd de zaak-Kadijk te doen, had hij gezegd: “Als ik van tevoren het requisitoir moet overleggen, moeten jullie het iemand anders maar laten doen.” De procureur-generaal had volgens hem toen met instemming van de minister van justitie bevestigd dat hij 'vrijheid van requisitoir' had en daarmee mocht handelen zoals hij goed achtte. “Dat heb ik op papier”, zegt Drenth.

Officier van justitie Drenth mag naar aanleiding van zijn handelen in de zaak tegen huisarts G. Kadijk, die in april 1994 het leven heeft beëindigd van een zwaar gehandicapte baby, geen euthanasiezaken meer doen. Dat heeft minister Sorgdrager (justitie) geantwoord op vragen van het Tweede-Kamerlid V. van de Burg (CDA). Drenth noemt deze maatregel “een logisch gevolg van de gang van zaken”. Hij maakt zich er niet zo druk om. “Euthanasie komt niet vaak voor de rechter.”

In de zaak tegen huisarts Kadijk stelde het openbaar ministerie vervolging in op aanwijzing van minister Sorgdrager. Ze vroeg om vervolging om tot regels te komen voor het levensbeëindigend medisch handelen bij 'wilsonbekwamen'.

Officier van justitie Drenth vorderde tijdens de zitting, eind oktober, echter niet-ontvankelijkheid van het openbaar ministerie. Hij voerde aan dat de meldingsplicht die artsen hebben bij levensbeëindigend handelen in strijd is met het principe dat niemand hoeft mee te werken aan zijn eigen veroordeling. Hij hekelde ook de onmacht van de politiek bij euthanasievraagstukken.

Sorgdrager heeft nu laten weten dat ze de handelwijze van Drenth “in hoge mate” betreurt. Ze onderschrijft de visie van de procureur-generaal D. Steenhuis en de Groningse hoofdofficier, R. Daverschot, dat Drenth de grenzen van “de aanwijzing heeft overschreden”. Met het verzwijgen van zijn voornemen om niet-ontvankelijkheid te vorderen heeft Drenth in zijn verantwoordingsplicht tegenover de hoofdofficier tekortgeschoten, aldus Sorgdrager.

Omdat Drenth volhoudt juist te hebben gehandeld is besloten hem geen euthanasiezaken meer te laten doen, zo schrijft Sorgdrager. Daarnaast wordt voortaan bij politiek gevoelige zaken afgewogen of deze geschikt zijn om door hem te worden behandeld. Er wordt nog onderzocht of hij disciplinair kan worden gestraft. Daarbij behoren ontslag, overplaatsing of berisping tot de mogelijkheden.

Niet bekend

Het openbaar ministerie in Groningen doet geen mededelingen omdat de “zaak intern nog niet is afgerond”. “Drenth zegt ook niets”, aldus de woordvoerster gisteren. De officier van justitie voelt er echter niets voor zijn mond te houden. “Nu de minister zo expliciet over mij spreekt, mag ik daar toch op reageren.” Bovendien heeft het hem “bevreemd” dat het openbaar ministerie zelf heeft meegedeeld dat hij op het matje werd geroepen, op het moment dat de zaak nog onder de rechter was.

Drenth vindt dat hij aan de wens van minister Sorgdrager om tot jurisprudentie te komen heeft voldaan. “Men wil kennelijk de ene soort jurisprudentie wel en de andere niet.” In de zaak tegen psychiater B. Chabot, die in 1991 hulp bij zelfdoding verleende aan een zwaar depressieve vrouw, had hij als officier van justitie de meldingsplicht ook al eens aangekaart maar toen niet om niet-ontvankelijkheid gevraagd. “Toen is daar niet op gereageerd. Ik wilde dat dat nu wel zou gebeuren.”

De rechter kwam evenwel in de zaak-Kadijk niet tot toetsing van de meldingsplicht omdat de nieuwe procedure hiervoor pas per 1 juni 1994 een wettelijke basis heeft en het leven van de baby in april 1994 werd beëindigd. “Dat was een foutje van mijn kant”, erkent Drenth. “Maar stel je voor dat ik geen fout had gemaakt en ik gelijk had gekregen. Dan was de commotie nog groter geweest. Dan had het probleem weer gelegen waar het thuishoort. Bij het parlement.” Hij is van mening dat een rechter nog een keer zijn oordeel over de meldingsplicht moet geven om tot volledige jurisprudentie te komen. Kadijk werd overigens ontslagen van rechtsvervolging. Sorgdrager wil deze zaak en de vergelijkbare zaak-Prins door de Hoge Raad laten beoordelen.