Gevaarlijke blokkades

DE STAKINGEN IN Frankrijk richten zich niet alleen tegen de bezuinigingsplannen van de regering-Juppé, maar ook rechtstreeks tegen Europa. Frankrijk moet eind 1997 aan de criteria van het Verdrag van Maastricht voldoen, wil het zich kwalificeren voor deelname aan de gemeenschappelijke Europese munt. Zonder drastische ingrepen in de sociale uitgaven en snelle vermindering van het begrotingstekort haalt Frankrijk die streep niet.

Deze zomer dreigde het al mis te gaan. Na de verkiezing van de neo-gaullist Chirac waren de Europese aspiraties van Frankrijk onduidelijk. Frankrijk leek niet van plan om de criteria van Maastricht te halen en daarmee kwam het perspectief van de gemeenschappelijke munt op losse schroeven te staan. Want zonder de deelname van Frankrijk beperkt een Europese munt zich tot een vergroot D-markblok. Dat is strikt economisch gezien nauwelijks een vooruitgang en ruimer politiek beschouwd uitgesloten.

NA EEN HALF JAAR dralen en verwaarloosde verkiezingsbeloften kwamen president Chirac en premier Juppé tot de slotsom dat de Economische en Monetaire Unie (EMU) toch prioriteit verdiende. Dat maakte een sanering van de collectieve financiën urgent. Deze plotselinge ommezwaai in het Franse beleid vertaalt zich nu in protesterende postbodes, boze buschauffeurs, stakend spoorwegpersoneel en actievoerende studenten. De inzet is hoog. Want bij de matige economische groei die voor het komende jaar wordt verwacht, zal Frankrijk alle zeilen moeten bijzetten om de beoogde ombuigingen, die het financieringstekort in 1997 binnen de marge van Maastricht brengt, te halen. Onder gunstige omstandigheden zou dat al een enorme opgave zijn.

En dit is nog slechts het begin. De sociale zekerheid, de pensioenen, de gezondheidszorg, de verliesgevende staatsbedrijven en de Franse economische cultuur staan ter discussie. De benodigde ombuigingen zijn enorm en het verzet zal dus navenant zijn. De regering wordt nu al geconfronteerd met de ernstigste sociale onrust sinds 1968. Hoewel de politieke populariteit van de regering tot een ongekend dieptepunt is gedaald, houden Juppé en Chirac vooralsnog manmoedig vast aan de uitgezette bezuinigingskoers.

ALS DE PROTESTACTIES in intensiteit toenemen, zal de regering waarschijnlijk vroeg of laat het herstel van de sociale rust afkopen met concessies. Dan haalt Frankrijk eind 1997 de eindstreep van het oordeel over de naleving van de criteria uit het Verdrag van Maastricht niet. Tenzij Duitsland bereid is verwatering van de criteria toe te staan, kwalificeert Frankrijk zich dan niet voor de kerngroep van landen voor de slotfase van de monetaire unie in 1999. Dan gaat de EMU niet door en volgt een speculatieve aanval op de franc. Ten slotte raakt de Europese Unie in een politieke crisis van onvoorspelbare afmeting.

Dát staat op het spel bij de acties in de straten van Frankrijk.