Democratische normen

Kees Zwakman ageert in zijn artikel 'Formulecratie rond Schiphol holt democratie uit' (NRC Handelsblad, 20 november), tegen de lopende besluitvorming over de uitbreiding van Schiphol. Hij constateert dat de objectieve berekeningen weliswaar aangeven dat de geluidsbelasting terugloopt, maar dat het aantal klachten toeneemt.

De constatering van de toename van het aantal klagers is terecht. Er bestaat echter geen dosis-effectrelatie tussen (geluid)hinder en het aantal klachten. Een duidelijk gegeven is dat het aantal klachten toeneemt op het moment dat de klagers hopen dat dit als een politiek signaal wordt opgevat.

De overheid heeft via democratische spelregels normen vastgelegd voor de toelaatbaarheid van de geluidhinder door vliegtuigen. Vervolgens moet deze overheid deze normen ook handhaven. In dit geval gebeurt dit door de RLD. Het is dan ook niet terecht dat Zwakman de resultaten van de berekeningen in twijfel trekt. De milieu-effectrapporten zijn opgesteld door bij uitstek deskundige bureaus, en getoetst door de onafhankelijke Commissie voor de Milieu-effectrapportage. Het gaat dan niet aan te stellen dat in de milieurapporten uitsluitend de berekeningen en verwachtingen van de RLD en zijn adviseurs zijn opgenomen. De recente metingen met geavanceerde apparatuur waarnaar Zwakman verwijst, zijn na een onafhankelijke beoordeling naar de prullenmand verwezen.

Zijn oproep niet meer te vertrouwen op de uitkomsten van afgesproken onderzoek is uit democratisch oogpunt niet verantwoord. Op deze manier wordt elke normstelling onderuitgehaald op het moment dat ze politiek relevant wordt. Voor Schiphol zou dit betekenen dat ze uitgeleverd is aan de willekeur van de dag.