Lieuwe Visser samen met Jasperina de Jong in musical over opera

“In het begin liep ik al met een rood aangelopen kop, terwijl Jasperina er nog ontspannen bij stond,” zegt de operazanger Lieuwe Visser over zijn samenwerking met Jasperina de Jong in een nieuwe musical. 'Lang leve de opera!' gaat morgen in première.

Lang leve de opera! Vanavond voorpremière, 30/11 première, Stadssschouwburg Haarlem, 20.15u. Aldaar nog 1/12. Tournee t/m 13 april.

AMSTERDAM, 29 NOV. Een bekende klassieke zanger en een bekende cabaretière samen op het podium in een nieuwe Nederlandse musical. De produktie heet Lang leve de opera! en gaat morgen na een serie try-outs in première in de Stadsschouwburg in Haarlem. Hoofdrolspelers: Lieuwe Visser en Jasperina de Jong.

Het is niet voor het eerst dat Lieuwe Visser en Jasperina de Jong samen zingen. Het liedje Stroei-voei van Annie M.G. Schmidt, dat ze voor een cd opnamen, gaf de voorzet voor hun muzikale samenwerking. Hun stemmen bleken goed bij elkaar te kleuren. “Ik wilde graag nog iets samen met haar doen”, vertelt Visser, die behalve concert- en operazanger ook docent is aan het Maastrichts conservatorium. “Ik bewonderde haar tekstbehandeling. Ze brengt haar teksten met een natuurlijkheid, die gebed is in een grote vakkennis. Omdat ik een bewonderaar ben van de Oostenrijkse componist Hugo Wolf, die ik als de allergrootste liedcomponist beschouw, had ik het idee vanuit onze beide disciplines een soort Wolf-recital te geven. Maar dat bleek moeilijk te realiseren.”

Tekstschrijver Ivo de Wijs, die met Jasperina de Jong op een Wolf-avondje in huize Visser was uitgenodigd, kwam uiteindelijk met een heel ander idee: een musical. Joop Stokkermans zou de muziek doen, Lodewijk de Boer de regie.

Voor de bas-bariton Visser was het idee van een musical even slikken. Als opera- en concertzanger houdt hij zich vaak bezig met muziek waarin tekst en experimenten met de stem voorop staan. Zo treedt hij al enkele jaren 'zingzeggend' op met gedichten van de Markies de Canteclaer, de edelman-dichter uit de verhalen over Olivier B. Bommel en Tom Poes. Maar van musical of operette had hij zich altijd verre gehouden. “Van operette moet ik helemaal niets hebben en over musicals had ik ook altijd mijn twijfels. Maar de combinatie van een vakvrouw als Jasperina met deze tekstschrijver, componist en regisseur, plus het feit dat ik een operazanger speel, heeft mij over de streep getrokken.”

Lang leve de opera! speelt zich af achter de schermen van een opera-theater. Jasperina de Jong is de pinnige muziekrecensente Alma Stern, Lieuwe Visser de wat verwaten operazanger Charles Baldoni ('met een bordje van mahonie voor z'n eigenwijze tronie'). Alma Sterns laatste, vernietigende publikatie leidt ertoe dat Baldoni zijn baan bij de opera verliest en dat zij geen letter meer over opera mag schrijven, maar alleen nog stukjes mag maken voor de glossy Abraham en Saar voor 50-plussers. Zanger en recensente ruziën met elkaar in een afwisseling van komische en nostalgische liedjes, die gaan over de operawereld, maar ook over eenzaamheid, ouder worden en opnieuw beginnen.

Vooral de macht van de recensent wordt in het stuk op de korrel genomen. Visser: “Die is in de musical wat zwaar aangezet, maar ik heb me zelf ook wel eens geërgerd aan critici die niet op de inhoud ingaan, maar zelf zo leuk en zo gek mogelijk naar voren proberen te komen. Goede kritiek moet informatie geven, en mag wat mij betreft best hard zijn. Een recensent moet zich echter niet inwurmen tussen de produktie en de lezer van de krant.”

Hoewel de titel een programma met opera-aria's suggereert, mag Visser maar sporadisch een operastem opzetten. Lang leve de opera! bestaat uit een mengeling van cabaret en musical met slechts een vleugje klassieke zang. “Deze muziek doet een beroep op een ander soort emotie dan wanneer ik de Winterreise van Schubert zing of een modern stuk van Mauricio Kagel. Dit gaat meer over algemene dingen waarmee ieder mens in zijn leven te maken krijgt en die op de manier van een Frans chanson worden aangeroerd.”

Musical vereist een andere timing dan opera, heeft Visser ervaren. “Van dit soort timing had ik geen kaas gegeten. Bij hedendaagse klassieke muziek heb je wel te maken met moeilijke ritmes en lastige melodieën, maar je speelruimte als zanger blijft beperkt. Hier moet je je juist vrijheden permitteren, omdat het anders te regelmatig wordt. 'Je zingt te deftig', zegt Jasperina dan. Het verschil is ook dat we elektronisch worden versterkt, daar moest ik ontzettend aan wennen. In het begin ging ik keihard opera staan galmen, en werd dan door de geluidstechnicus weggedraaid. Ik liep al met een rood aangelopen kop, terwijl Jasperina er nog ontspannen bij stond. Je moet in zo'n produktie leren vertrouwen op de elektronica. Als je dat doet, kun je heel intiem zingen.”

Het duo De Wijs-Stokkermans heeft voor de musical een aantal mooie liedjes geschreven die een vaste plaats in het Nederlandse lichte-liedrepertoire verdienen. Een van de hoogtepunten is 'De Seizoenen', een nostalgisch duet over ouder worden. 'Als je jong bent valt de lente eeuwig samen met de lente', zingt Visser voor. 'Maar de seizoenen komen terug, de jaren niet. Er zal bloesem komen die je niet meer ziet.'

“Als dit in het Duits was geweest en je had gezegd dat het van Rilke was, had iedereen het geloofd. Maar het is van Ivo de Wijs, die prachtige teksten heeft geschreven.”

Visser verwacht straks vooral 'verstokte aanbidders van Jasperina' in de zaal. “Zij heeft een grote klantenkring. Anderen zullen worden aangetrokken door het element opera, of ze komen uit nieuwsgierigheid.” Een bloeiende carrière in de musical ziet hij voor zichzelf niet weggelegd. “Ik ben niet van plan om me als een nieuwe Johan Heesters te profileren. Ik zou het andere echt niet willen missen.”