Kabinet Griekenland bijeen over toestand Papandreou

ATHENE, 29 NOV. Het Griekse kabinet heeft vanmorgen een spoedzitting gehouden om de snel verslechterde gezondheid van premier Andreas Papandreou (76) te bespreken. De bijeenkomst stond onder leiding van de minister van binnenlandse zaken Akis Tsóchatzopoulos, die de hoogste minister in rang is.

De doodzieke premier, die negen dagen geleden met longontsteking werd opgenomen in de Atheense Onassis-hartkliniek, wordt kunstmatig beademd. Hij heeft bovendien de laatste twee dagen al twee nierdialyses ondergaan. Buiten de kliniek hebben zich honderden, van heinde en ver gekomen, Grieken verzameld. Sommigen zeggen bloed of zelfs een nier te willen afstaan. De eerste dagen riepen zij nijdige dingen naar kopstukken van Papandreous partij, de PASOK, die er tevoren voor hadden gepleit dat er eens enige aandacht moet worden geschonken aan de opvolging, liefst door Andreas zelf.

Er zijn geruchten dat Andreas zijn echtgenote Dimitra - steeds aan zijn bed - een 'politiek testament' heeft nagelaten over de opvolging, maar het waarschijnlijkste is dat hij zelfs op dit kritieke ziekbed niets van dit woord wil weten. Ook zeven jaar geleden, toen hij zich in Londen aan een gevaarlijke hartoperatie moest onderwerpen, werd daar geen woord gezegd over opvolging of zelfs plaatsvervanging.

De rechtse oppositie stelt steeds de vroegere Amerikaanse president Reagan ten voorbeeld die, toen hij een operatie van een uur moest ondergaan, vice-president Bush liet beëdigen als waarnemer. In Griekenland is bij deze gelegenheid de in rang hoogste minister, Tsóchatzopoulos van binnenlandse zaken, belast met de 'fysieke vervanging' van de premier, maar steeds weer wordt onderstreept dat hij geen plaatsvervanger is en dat Andreas nog steeds premier is.

De rechtse oppositie spreekt van een machtsvacuüm. De Spaanse premier Gonzales die als voorzitter van de Europese raad van staatshoofden en regeringsleiders alle EU-hoofdsteden langs zou gaan, heeft Athene afgezegd bij gebrek aan een premier. Het was ook onduidelijk wie Griekenland op de EU-topconferentie van Madrid op 15 december moet vertegenwoordigen: Tsóchatzopoulos of president Stefanopoulos.

Volgens de grondwet moet in geval van aftreden of uitschakeling (dus ook dood) van de premier binnen drie dagen een opvolger worden gekozen door de parlementsvoorzitter van de regerende partij. Het is onwaarschijnlijk dat dit Tsóchatzopoulos zal zijn. Deze wordt gezien als een 'trouwe hond'-figuur, drijvend op het partijapparaat en wordt als zodanig niet helemaal aux sérieus genomen.

Er zijn zeker drie gegadigden voor het opvolgerschap - minister van defensie Arsenis en de dissidenten Simitis en mevrouw Vaso Papandreou (geen familie). Maar het onderwerp is tijdens de ziekteperiode taboe. Wel hebben bijna alle kopstukken van de partij zich dag in dag uit bij het ziekenhuis vervoegd, sommigen wel tweemaal per dag. Officieel was het “om zich te laten informeren” maar in werkelijkheid om op het televisiecircuit te verschijnen dat al het komen en gaan tot in den treure vastlegt. De enige die niet verscheen was de altijd excentrieke oud-minister van EU-zaken Pangalos. “Ziekenbezoek breng ik alleen als ik met de zieke kan praten”, lichtte hij toe.