Playboy lezen om het interview

The Playboy Interview, Three Decades. IBM Multimedia Publishing Studio. Prijs ƒ 120,-

De digitale revolutie is voor een belangrijk deel een seksuele revolutie. Computernetwerken worden voor een groter deel in beslag genomen door porno, in tekst en beeld, dan de drukpers. Ook op cd-rom is veel bloot in omloop. Playboy heeft een druk bezocht loket met gratis naakt op Internet. Dus wat denk je als je hoort dat Playboy een cd-rom heeft uitgebracht? Ha!

De verrassing is dat op deze cd geen borst te zien is. Al diegenen die altijd volhielden dat ze het blad lazen om de interviews kunnen hier hun hart ophalen. De cd-rom is een bundeling van dertig jaar vraaggesprekken, van 1963 tot 1992. Vraaggesprekken die een stuk makkelijker te lezen zijn als je weet dat niet een paar pagina's verderop een mooie ontklede vrouw staat afgebeeld.

Het moet gezegd, de lijst groten der Aarde die voorbijtrekt is indrukwekkend. Politici, geleerden, captains of industry en kunstenaars - waarbij overigens de acteurs en regisseurs zijn oververtegenwoordigd. Alleen al de inmiddels overleden personen vormen een uiterst select gezelschap: bijvoorbeeld Salvador Dali, Frederico Fellini, Grace Kelly, Ferdinand Marcos, Groucho Marx, Bertrand Russell, Jean-Paul Sartre, Albert Schweitzer, Peter Sellers, Albert Speer.

De vraag is natuurlijk of de interviews boeiend zijn. Gauw de schijf in de cd-rom-speler en kijken. Maar 'gauw' is te optimistisch gedacht. Weliswaar is het installeren (waarbij een bestand van de cd naar de harde schijf wordt gekopieerd) zo gebeurd, maar tussen het klikken op het nieuwe ikoontje en het verschijnen van het eerste interview verstrijkt vier-en-een-halve minuut. Het vergroten van het tekstvenster kost vijftig seconden. En dat op een computer van het op de hoes 'aanbevolen' type met de 'minimum' hoeveelheid werkgeheugen (dat is iets minder dan 'aanbevolen'). Ook het oproepen van het volgende interview kost minuten. Een tekstverwerker haalt een vergelijkbare hoeveelheid tekst tevoorschijn in een paar seconden. Het verschil zal wel in de vormgeving zitten, maar die is niet zo opmerkelijk dat dat alle getreuzel verklaart, laat staan rechtvaardigt. Een achtergrondje, wat foto's, dat is alles. Een artikel printen, wat je wel moet als je niet vanaf het scherm wenst te lezen, gaat alleen via een ingewikkelde en zeer tijdrovende omweg.

De stukken die ten slotte op het scherm verschijnen zijn meestal leesbaar en soms meer dan dat. De conversaties met The Beatles (1965), Woody Allen ('67) en Groucho Marx ('74) zijn van een stuitende meligheid: zinloze uitwisselingen van gevatheden waarbij de interviewers hun gasten nog proberen te overtreffen. Prikkelend zijn de colleges van Milton Friedman en Edward Teller in de economie respectievelijk de fysica; beiden combineren ze wetenschap met omstreden politieke opvattingen. Erich von Däniken (Waren de goden kosmonauten?) blijkt in 1974 niet alleen een fantast, maar ook een halve crimineel.

Wie meer wil weten over O.J. Simpson moet maar eens lezen wat hij in 1976 allemaal tegen Playboy zei. Onder andere dit: “All my life, I'd always visualized myself as a father, with kids, but I never really thought about being a husband, and there are certain responsibilities you have as a husband. That's hard for a free spirit like me. But, fortunately, I've got a good lady (-) If I hadn't been married and had her to go home to, I think I could have been moving a little too fast for myself.” De vrouw over wie het hier gaat is zijn toenmalige echtgenote Marguerite.

Beklemmend is het portret van Gary Gilmore (1977), de ter dood veroordeelde moordenaar die zijn eigen executie eiste en zijn zin kreeg. De climax van dit stuk is het vuurpeloton; de laatste vragen aan Gilmore werden gesteld nog geen 24 uur voor het fatale moment. Ook interessant is James Earl Ray ('77), die tot 99 jaar was veroordeeld voor de moord op Martin Luther King maar ontkende de dader te zijn. Playboy neemt hem een soort kruisverhoor af, compleet met leugendetector. Na de eerste etappe van het interview weet Ray uit de gevangenis te ontsnappen, maar hij wordt gepakt en het gesprek wordt voortgezet.

Extra interessant zijn de interviews die op elkaar aansluiten. Hier biedt de cd mogelijkheden die in een tijdschrift ontbreken. The Beatles in '65, John en Yoko in '81 en na de dood van John nog eens Paul en Linda ('84). Het leest als een vervolgverhaal. Steven Jobs, de oprichter van Apple, in 1985 (in dat gesprek weet hij al dat 'networking' de komende tijd het belangrijkste thema zal worden in de computerwereld) en twee jaar later John Sculley, de man die door Jobs werd losgeweekt bij Pepsi en die hem vervolgens bij Apple de deur uit werkte. Muhammad Ali en Joe Frazier. Martin Luther King ('65) en James Earl Ray. En de grootsten der Aarde zijn natuurlijk zij die twee keer door Playboy aan de tand zijn gevoeld. De enigen die dat 'solo' is gelukt zijn Fidel Castro (in '67 en '85) en Cher (in '75 en in '88, na haar verbouwing).

Wat je node mist bij dit overwegend historische materiaal is de epiloog. Wat is er met Miles Davis allemaal gebeurd sinds het eerste Playboy-interview in 1963? Welke ups en downs heeft Woody Allen gekend? Hoe is het met Donald Trump gegaan na 1990? In wat voor toestand verkeert Muhammad Ali, of for that matter Joe Frazier? Waar had Teller ongelijk en waar loog hij domweg? Wat vond Friedman van de coup in Chili, een paar maanden na zijn gesprek met Playboy, die zijn economische volgelingen aan de macht bracht? Hoe is het nu met James Earl Ray? Bernadette Devlin?

Het is overdreven om deze cd-rom een 'Mirror of Contemporary Culture' te noemen, zoals de hoes doet. Het interview als vorm heeft daarvoor te veel beperkingen en de keus van de slachtoffers is lang niet veelzijdig genoeg: te Amerikaans, te veel film. Maar iedereen (m/v) zal hier wel een paar MegaByte van zijn gading vinden, en kan dan zeggen: “Ik lees 'm niet om de interviews, ik lees alleen de interviews.”