Intelligentie

Is het mogelijk, vroeg iemand mij, een roman te schrijven waarin de hoofdpersoon intelligenter is dan de schrijver zelf?

Ik heb voor het antwoord een paar weken bedenktijd gevraagd, waarin de volgende ideeën bij me opkwamen. Kun je, vroeg ik me af, een roman schrijven waarin de hoofdpersoon een slechter mens is dan jijzelf? Ja, dat kan. Een beter mens dan jezelf? Kan ook. Een warmere persoonlijkheid dan de schrijver? Ik denk 't wel. Een koudere persoonlijkheid? Ook.

Als ik mezelf tot taak zou stellen deze karakters tot leven te brengen, hoef ik maar uit mezelf te putten. Ik heb voldoende goeds/slechts/warms/kils in mij om me zodanig in deze modellen in te leven, dat m'n verhaal geloofwaardig wordt - zo luidt mijn eerste conclusie.

Kun je ook iemand beschrijven die gevoeliger is dan jezelf? Wel als dat gevoel zich uit in daden, misschien niet als het zich in woorden uit. Kan ik liefde voor dieren beschrijven als ik zelf niet van dieren houd? Misschien via transpositie van het object. Misschien als ik mij voorstel dat die dierenvriend niet van mensen houdt. Ook de dichteres van gevoelige verzen verdient onze argwaan, waar zou blijken dat zij 'in het dagelijkse leven' een kreng is. Kan een kreng gevoelig zijn? Of is ze alleen gevoelig op papier?

Met deze vragen, en reeds de suggestie van een antwoord, komen we enigszins in de buurt van de uitstaande vraag.

Als ik beschrijf hoe iemand de dertiendemachts wortel trekt uit een getal van honderd cijfers in minder dan anderhalve minuut, wat Wim Klein kon, maar ik niet kan, heb ik dan iemand beschreven die intelligenter is dan ik? Of is zo'n prestatie meer een mentale vaardigheid, vergelijkbaar met een hardloper die de honderd meter in tien seconden loopt? In elk geval is zoiets gemakkelijk te beschrijven.

Als ik beschrijf hoe iemand het perpetuum mobile uitvindt (wat bij -273 graden misschien niet onmogelijk is), heb ik dan iemand beschreven die intelligenter is dan ik, die tot een dergelijke prestatie niet in staat ben?

Ik zou dan op z'n minst die uitvinding of constructie moeten begrijpen, ik zou de woorden ervoor moeten vinden waaruit niet alleen blijkt dat ik ze begrepen heb, maar die ook mijn lezers dat begrip kunnen bijbrengen. Iemand die de honderd meter in tien seconden loopt hoef je niet goed te kunnen begrijpen, de registrerende chronometer evenmin. Intelligentie daarentegen begrijp je en meet je door de registrerende woorden. Een warm voelend mens zal zijn warmte meedelen in woorden, maar misschien nog wel 't liefst zónder woorden. Iemand die intelligent is zal dat uiten door zijn daden en door zijn woorden, maar het liefst door zijn woorden.

Er is onder al deze kwaliteiten, die min of meer toenadering zoeken tot het woord, een limiet die met het woord samenvalt - dat zou je intelligentie kunnen noemen. Iemand die intelligent is, maar niet goed uit zijn woorden kan komen, is toch minder intelligent dan iemand die dat wel kan. Verbale onhandigheid wordt van iemands intelligentie afgetrokken.

Zo is de nog steeds uitstaande vraag teruggebracht tot bijna een tautologie, die bovendien een paradox is. Kan het woord van de een intelligenter zijn dan hetzelfde woord van de ander? Het antwoord lijkt voor de hand te liggen: neen, zo min als het mogelijk is je schaduw verder te laten springen dan jezelf.

Het zou dus, om intelligent te wezen, niet nodig zijn om te springen, en niet nodig om wat je al weet ook nog 's op papier te zetten. Dat er nochtans almaar geschreven wordt, en gesprongen, heeft zijn oorzaak in het feit dat sommige mensen intelligenter zijn met pen dan zonder.

De oude Grieken beoefenden de kunst van het verspringen met halters, in elke hand één, dan sprongen ze verder. De schrijver heeft als hij schrijft hetzelfde gevoel. Hij hoort tot de mensen die alleen kunnen nadenken met een pen in de hand, alleen dan komt hij verder. Alleen met een pen op papier is hij in staat uit te stijgen boven zijn normale, waarschijnlijk niet eens zo indrukwekkende intelligentie. Hij maakt indruk door de woorden die hij schrijft, maar de meeste indruk maakt hij als hij die woorden in de mond van een ander legt.