Junkies gebaat bij drugsverstrekking

DEN HAAG/ZÜRICH, 27 NOV. Door gecontroleerde verstrekking van heroïne verbetert de situatie van zwaar verslaafden. Dat is de belangrijkste conclusie van een eerste wetenschappelijk onderzoek naar de verstrekking van harddrugs dat op dit moment in Zwitserland wordt gehouden.

In een groot aantal steden wordt sinds 1994 geëxperimenteerd met de verstrekking van de harddrug onder strenge medische controle. Het onderzoek geeft nog geen antwoord op de vraag of de verstrekking van heroïne op den duur leidt tot een einde aan de verslaving.

In Nederland bestaat grote belangstelling voor het Zwitserse experiment. De ministers Sorgdrager (justitie) en Borst (volksgezondheid) willen binnenkort beginnen met een project voor enkele tientallen zwaar verslaafden.

De Tweede Kamer spreekt er begin volgend jaar over met het kabinet. Een deel van de Kamer wil dat het experiment wordt uitgebreid, op basis van de ervaringen in Zwitserland.

Tot eind 1996 worden in Zwitserland maximaal achthonderd heroïnegebruikers dagelijks voorzien van het middel. Begin deze maand waren er in het hele land 667 deelnemers. Het gaat om personen die al verscheidene vergeefse pogingen hebben gedaan om van hun verslaving af te komen. De gemiddelde leeftijd van de deelnemers ligt rond de dertig jaar.

Artsen en wetenschappers hebben geconstateerd dat de medische en sociale situatie voor de verslaafden gedurende de eerste zes maanden van de heroïneverstrekking duidelijk is verbeterd.

Aan het begin van het experiment had achttien procent van de deelnemers een inkomen. Na een half jaar was dat 46 procent. Het aantal daklozen onder de verslaafden daalde in die periode van vijftien tot drie procent.

Het aantal verslaafden dat tijdens de 'behandeling' geen contacten meer had in de drugsscene op straat steeg sterk: van dertien tot vierenveertig procent. Verslaafden ondernemen tijdens het experiment ook minder illegale activiteiten. Aan het begin was dat drieënvijftig procent, zes maanden later nog slechts dertien procent.

Die verbetering wordt mede veroorzaakt door het verminderde gebruik van cocaïne, dat in Zwitserland niet vrij mag worden verstrekt. Het percentage verslaafden dat naast heroïne ook cocaïne gebruikte, daalde in een half jaar tijd van eenendertig tot negen.

Ook de gezondheidstoestand van de verslaafden verbeterde tijdens het experiment. Het percentage verslaafden met problemen als gevolg van het injecteren van verdovende middelen daalde van 29 tot 17. Depressies en angsten verminderden.

Volgens de Zwitserse onderzoekers is het verder opvallend dat 82 procent van de verslaafden binnen de heroïneprojecten bleef en niet verviel in de oude levensstijl.

De wetenschappers van de universiteit van Zürich vinden het nog te vroeg om te concluderen dat de verbeteringen in de medische en sociale situatie van de verslaafden van blijvende aard zijn.

Wel vinden zij dat de eerste resultaten tot “voorzichtig optimisme” stemmen. In 1997 verschijnt het eindrapport met de resultaten van de heroïneprojecten. Als de Zwitserse overheid de gecontroleerde heroïneverstrekking wil legaliseren moet dat in een landelijk referendum worden bekrachtigd.