Veel schildklierkanker onder kinderen

GENÈVE, 25 NOV. Bijna 600 kinderen in de leeftijd van 0 tot 14 jaar hebben door het ongeluk met de kernreactor van Tsjernobyl (april 1986) in de Oekraïne schildklierkanker opgelopen. De meeste slachtoffers (333) komen uit Wit-Rusland. In de Oekraïne werden 208 kinderen getroffen, in Rusland 24.

Deze cijfers zijn deze week in Genève bekendgemaakt op een conferentie van de gezondheidsorganisatie WHO. De conferentie is gewijd aan de gezondheidseffecten van 'Tsjernobyl' en andere radiologische ongelukken en er spraken vooral medici en onderzoekers uit de voormalige Sovjet-Unie.

Afgezien van de dramatische stijging van het aantal gevallen van schildklierkanker onder kinderen - een aandoening die voor 1986 uiterst zeldzaam was - hebben zich onder de miljoenen die door de fall-out van Tsjernobyl zijn getroffen geen ziekten ontwikkeld die onweerlegbaar aan het ongeluk zijn toe te schrijven. Langlopende geruchten dat het reactorongeluk duizenden levens zou hebben geëist worden niet door epidemiologisch onderzoek gesteund.

In het vóórkomen van leukemie - een van de stralingsziekten die zich het vroegst openbaren - doen zich geen bijzondere ontwikkelingen voor en die zijn ook niet meer te verwachten. Andere aandoeningen (aantasting van bloedvormend weefsel, vormen van kanker en geboorte-afwijkingen) vertonen lokaal een lichte stijging maar deze is (nog) niet statistisch betrouwbaar aan 'Tsjernobyl' toe te schrijven. Soms was die stijging al voor 1986 op gang gekomen en meestal is de medische statistiek van vóór 1986 onbetrouwbaar.

Onder de vele tienduizenden arbeiders die ambtshalve enige weken tot vele maanden in de zwaar besmette, geëvacueerde zones rond de centrale doorbrachten is wél een significante stijging in de frequentie van leukemie en andere kankers waargenomen. De verwachting is dat de mortaliteit onder deze arbeiders (schoonmaakploegen, bewakers) later hoog zal oplopen. Nu hebben zich nog geen sterfgevallen voorgedaan, anders dan de 30 die zich tijdens en kort na het ongeluk voordeden.

Op de stijging in het vóórkomen van schildklierkanker heeft de Europese Commissie als eerste in 1992 gewezen. Eind 1991 kwamen de geregistreerde aantallen net beduidend boven de natuurlijke variabiliteit uit. Inmiddels zijn er veel meer zieke kinderen geregistreerd en de aantallen stijgen nog steeds. Over het aanwijzen van 'Tsjernobyl' als oorzaak bestaat eenstemmigheid, vooral ook omdat het radio-actieve jodium-131 dat de aandoening veroorzaakt, vaak nog in de schildklier is aan te tonen. Het radio-actieve jodium werd snel ingebouwd omdat de lokale voeding jodiumarm was en beschermende jodiumtabletten (zonder jodium-131) vaak te laat werden uitgedeeld. Schildklierkanker is een zeer agressieve vorm van kanker die makkelijk uitzaait. Niet alle patiënten zijn ten dode opgeschreven: in het westen worden 60 van de 100 schildklierkankers genezen.

De WHO-conferentie bespreekt ook de gezondheidseffecten van andere radiologische 'ongelukken', zoals de aanval met atoombommen op Japan, een explosie van een plutoniumfabriek in de Oeral (1957) en een ongeluk met een cesiumbron in Brazilië (1987).