Sociaal-democratie mist jeugdig temperament

Op weg naar het SPD-congres vorige week in Mannheim hoorde oud-bondskanselier Helmut Schmidt dat niet Rudolf Scharping, maar Oskar Lafontaine verrassend tot nieuwe SPD-voorzitter was gekozen. Schmidt maakte rechtsomkeert. Hieronder fragmenten uit 'Eine ungehaltene Rede an die SPD', deze week afgedrukt in het weekblad Die Zeit. De titel verwijst ernaar dat de rede onuitgesproken bleef, maar duidt ook op boosheid.

Over de uitnodiging om op deze partijdag het woord te voeren heb ik me wel verbaasd. Want ik word over enkele weken 77 jaar. Maar het partijbestuur heeft de 60-plussers al in een eigen werkgemeenschap ondergebracht. U hebt echter ook bijna geen jongeren onder de veertig jaar meer. Het komt mij voor dat bijna alle leidende posities in de partij nu worden bekleed door de generatie van '68, toenmalige Jonge Socialisten en oud-leden van de sociaal-democratische studentenbond.

[..] Ik was nog geen vijfendertig toen ik voor de eerste keer naar de Bondsdag werd gestuurd, en nog geen veertig toen ik onder Willi Eichler mocht meewerken aan het Godesberger programma. Waar zijn tegenwoordig de jonge vrouwen en mannen in onze partij? Waarom zit er nauwelijks een in het partijbestuur of in de leiding van de fractie? [..]

De sociaal-economische toestand is tegenwoordig buitengewoon ernstig, en de werkloosheid - officieel vier miljoen, maar feitelijk eerder zes miljoen - zal nog toenemen. In deze situatie zou het eigenlijk een genot moeten zijn om in Bonn oppositie te voeren.

Maar daarvoor heb je de jongeren nodig! Jeugdig temperament is nodig om de ministers van deze fabelachtige regering-Kohl op energieke en geestrijke en bijtende en slagvaardige wijze in moeilijkheden te brengen. [..] Het is niet best met ons gesteld wanneer de effectiefste aanvallers en critici Gysi [fractieleider van de PDS, red.] of Joschka Fischer [idem van de Groenen, red.] heten.

Dat betekent geenszins dat ook de leiding in handen van de jongeren moet komen. De leiding van de oppositie moet bestaan uit ervaren en doorgewinterde vrouwen en mannen van de Bondsdagfractie. Franz Josef Strauss heeft destijds geprobeerd oppositie tegen mij te voeren uit de regionale hoofdstad München. Die poging mislukte. Netzomin kan iemand oppositie voeren uit de regionale hoofdsteden Saarbrücken [Lafontaine, red] of Hannover [Schröder, red.]. Ook een dergelijke poging is tot mislukken gedoemd. [..]

Een trojka, zoals zij misleidend wordt genoemd, die ook nog over het hele land is verspreid, kan onze Bondsdagfractie niet leiden, zeker niet wanneer de discussie tussen drie heren voornamelijk wordt gevoerd in interviews in de media, inclusief malicieuze uithalen naar elkaar.

Natuurlijk zijn er in onze 130-jarige partijgeschiedenis ook steeds weer rivaliteiten geweest. Dat wordt in de toekomst ook niet anders - parlementaire democratie leeft van concurrentie. [..] Natuurlijk spelen geldingsdrang en ambitie daarbij een belangrijke rol. Maar mijn ambitie behoort er niet op gericht te zijn carrière te maken, maar mijn werk beter te doen dan anderen het deden, vooral in de regering in Bonn.

De ambitie moet zich ook niet richten op het vervaardigen van nota's, maar men moet er op letten wat het volk beweegt. En: het volk de waarheid vertellen en klip en klaar duidelijk maken dàt we, en hòe we de crises te lijf gaan. En door het volk ook te vertellen wat onmogelijk is. Het volk is de illusies en utopieën hartstikke zat. Het weet allang dat Duitsland een ingrijpende sociaal-economische omwenteling doormaakt. Het wil geen nieuwe loze beloften zoals over de collectieve verzekering voor de bejaardenzorg of over de crêcheplaatsen voor ieder kind.

Deze waarheden vergen de deugd der dapperheid. En omdat men die niet alleen, maar in teamverband moet opbrengen, is ook de deugd der solidariteit nodig. Solidariteit is geen papieren waarde, solidariteit heeft niets te maken met het beginsel dat wil dat de ene hand de andere wast. Solidariteit moet voor allen wederzijds zijn. [..]

Tot de deugd der waarheid behoren de deugden van de bezonnenheid en het verstand. Op een volkspartij die onbezonnen beloften doet, wordt niet gestemd. We worden gekozen als we geloofwaardig zijn, als we vasthoudend en berekenbaar zijn. Als we aan onszelf trouw blijven, als men zich op ons kan verlaten! We mogen bijvoorbeeld niet gisteren 'Maastricht' ratificeren en vandaag de kern van dit Europese verdrag hevig in twijfel trekken.

Wanneer wijzelf de gemeenschappelijke munt laten mislukken leggen we de bijl aan de wortel van de Europese vredesordening van de 21ste eeuw. Want de vrede op ons kleine continent bestaat bij de gratie van de voortuitgang van de Europese integratie en haar aantrekkingskracht.

De vooruitgang van de Europese integratie is een elementair belang van het Duitse volk, dat wist Adenauer, dat wisten Brandt en Schmidt, dat weet Kohl. En ik zeg jullie, Rudolf [Scharping] en Gerhard Schröder: jullie behoren dat ook te weten en in de praktijk te brengen. Jullie kunnen alleen overeind blijven als je blijft staan op de schouders van degenen die voor jullie de Duitse werkelijkheid gevormd hebben! En schenk ook aandacht [..] aan de vriendschap met Frankrijk. Die is het kostbaarste bezit dat ons in de twintigste eeuw toeviel. En denk aan goed nabuurschap met Polen.

De SPD is altijd een internationalistische partij geweest, veel meer dan alle andere Duitse partijen. Sommige hedendaagse interviews zijn daarentegen slechts provinciaal en anti-Europees. [..] Je schaamt je af en toe als sociaaldemocraten zelf niet bereid zijn te doen wat ze van anderen vragen. [..]

Ook voor het corrigeren van eigen, foutieve opvattingen is moed nodig. Maar opportunisme, ijdelheid, egomanie zijn schadelijk - die kunnen zelfs tot doodzonden van een politicus worden. Als daarentegen iemands persoonlijke moed niet groot genoeg is, moet hij of zij tenminste toevlucht zoeken bij de Secudär-Tugend van de discipline. [Lafontaine verweet Schmidt ooit een man te zijn van oude Pruissische Secundär-Tugende als plichtsbewustzijn, trouw, discipline en gehoorzaamheid , red.] [..]

Terug naar het begin: na dertien jaren Kohl, [..] na zo'n lange periode van conservatief bewind, beleven we een erosie van ons economisch fundament. Wanneer onze economie echter niet weer helemaal gezond wordt, moeten we op nog grotere werkloosheid rekenen. Dan zou ook ons milieubeleid eraan gaan. Daarom mogen we met de grote vernieuwing niet nog eens wachten tot het water ons aan de lippen staat. Deze vernieuwing moet uit talloze concrete, begrijpelijke en heldere afzonderlijke initiatieven bestaan, niet uit eindeloze resoluties en documenten.

Onze eerste vraag moet nooit zijn: Wat heb ik eraan? Maar onze eerste vraag moet zijn: Hoe kunnen wij ons land van dienst zijn? En pas daarna komt de tweede vraag: Wat zeggen de partijfunctionarissen? En vervolgens komt pas de derde vraag: Hoe kan ik hen overtuigen?

De hedendaagse jeugd is niet minder kritisch dan de generatie van '68 vijfentwintig jaar geleden was. Maar zij gelooft nauwelijks in ideologieën en theorieën. Zij is zakelijk en nuchter en opgewassen tegen het leven van vandaag. Ze zal jullie alleen volgen als jullie laten zien dat wij Sozis werkelijk de moderne vernieuwers van Duitsland zijn.

© Die Zeit