Sint koopt in in Nederland; Kinderen over speelgoed en reclame

Soms ben je interessanter dan je zelf denkt. Bijvoorbeeld rondom Sinterklaas. Dan worden ouders vaak veel nieuwsgieriger dan normaal. Alles willen ze weten. Of je nog meer verkeerde dingen hebt uitgevreten dan zij al dachten. Of je nog in Barbie's geïnteresseerd bent. Of je schaatsen nog passen. Of je die gameboy nou echt zo leuk vindt. Of je verder nog iets nodig hebt. En of je eigenlijk wel marsepein lust. Ze grinniken over verlanglijstjes en schoenen die moeten worden gezet. Allemaal namens Sinterklaas natuurlijk. Die moet dat op tijd weten.

Daarom zijn er ook nooit zóveel reclames over speelgoed op de televisie te zien als in de weken voor 5 december. Ook al gemaakt door mensen die de mening van kinderen even zeer belangrijk vinden. Nancy (10) weet precies hoe dat werkt: “Kijk, het gaat zo met die reclames. Dan heeft een speelgoedwinkel bijvoorbeeld een nieuw autootje bedacht. Dat zegt hij tegen een reclamebureau. En dan gaat dat reclamebureau oefenen met dat autootje en kinderen erbij. Net zolang tot die kinderen het autootje leuk vinden. Dan filmen ze dat, en dat komt als reclame op de televisie. En dan hopen ze dat alle kinderen die dat zien het autootje ook zo leuk vinden dat ze het willen hebben.”

De kinderen uit groep zes van de St. Aloysiusschool in de Amsterdamse buurt de Jordaan praten over Sinterklaas en televisiereclame. Dat alle cadeau's van Sinterklaas al per stoomboot zijn gearriveerd gelooft hier niemand meer. Doordat ouders opeens al die vragen stellen en er zoveel tv-reclames voor speelgoed zijn, is groep zes ervan overtuigd dat de Sint een groot deel van zijn inkopen in Nederland doet. Dit stukje is dus vooral voor Hem bedoeld, als voorproefje van de lijstjes die hij kan verwachten. Want over één ding is men het hier eens: Het Sinterklaasfeest is best gezellig en af en toe een pepernoot is ook lekker, maar het draait toch vooral om de cadeautjes. En de ideeën voor hun verlanglijstjes krijgen de meesten uit groep zes door naar televisiereclames te kijken. Ze zien er minstens twintig per dag.

Niet dat ze al die spotjes voor speelgoed leuk vinden. “Het zijn er teveel,” zegt Richard (9). Hij ziet er soms wel zestig op een dag. “Vooral als ik net naar een goeie film zit te kijken is dat dom.” Alleen reclames voor luiers kan hij wel waarderen. “Met babies die een salto maken of cool zeggen.” Brian (10) vindt dat er te weinig aandacht voor jongens op tv is:“Soms zie je wel drie keer achter elkaar een reclame voor meisjes. Ik word gek van al die Cindy's en Barbies! Ik wil meer racebanen zien.” Alle jongens in de klas beginnen door elkaar te schreeuwen. Berry heeft gelijk. Als ze zelf een speelgoedreclame zouden mogen verzinnen zouden ze er een avonturenverhaal in een oerwoud van maken. “En dat een nieuwe raceauto dan overhoop wordt geschoten en van een berg afvalt,” zegt Tomes (9).

Kawita (10) vindt het meeste speelgoed dat je op de televisie ziet te duur. “Stickerstudio kost al zestig gulden.” Nu gaan de meisjes sissen: “Sssticker-ssstudio!” Zeker de helft heeft dat apparaat, waarmee je zelf stickers maakt, op het verlanglijstje staan. Verder wordt genoemd: een tafeltennistafel, een cowboyhoed, een kinderbiljarttafeltje, een boksbal, lego en heel veel computerspelletjes. Bijna iedereen in de klas heeft een computer. John: “Met een computer kan je altijd spelen. Ik hou ook wel van vechten, maar dan loopt mijn vriend na een tijdje toch weg.” De computer is het enige speelgoed dat in groep zes écht serieus genomen wordt. De meeste spelletjes-reclames worden te kinderachtig gevonden. Emanuel (9): “Wij zijn eigenlijk te oud voor speelgoed.” Rick (10): “Speelgoed is voor kleine kinderen. Als ik dertien ben hou ik er echt mee op. Dan ben je niet meer klein.” Maar voorlopig zit iedereen nog met kasten vol. Want het oude speelgoed wordt wel bewaard. “Ik heb veel te veel,” zegt Kawita. “Ik kan bijna mijn kamer niet meer in terwijl ik er nooit mee speel.” Nancy: “Ik heb een keyboard waar ik niet op kan spelen, en computer die ik niet snap en een stapel Disneyboeken die ik niet lees. Ik ga liever buiten spelen.”