Justitie: Verdrag laat verhoor van Bouterse toe

DEN HAAG, 24 NOV. Een getuigenverhoor van de voormalige Surinaamse legerleider D. Bouterse past binnen het rechtshulpverdrag tussen Nederland en Suriname. Dat zegt een woordvoerder van minister Sorgdrager (justitie). De minister heeft nog niet gereageerd op de uitspraak van het gerechtshof in Den Haag van gisteren, waarin werd bepaald dat Bouterse als getuige moet worden gehoord in de strafzaak tegen de van drugshandel verdachte Rotterdammer Kobus L.

Sorgdrager moet nog een officieel verzoek voor het getuigenverhoor ontvangen van de rechter-commissaris. Daarna zal zij besluiten of zij het verzoek overbrengt aan haar Surinaamse ambtgenoot Girjasing. Volgens Justitie gaat het hierbij om een “standaardprocedure”. Een politieke afweging zal daar niet bij worden gemaakt, aldus de woordvoerder. Als Sorgdrager en Girjasing meewerken kunnen leden van de Nederlandse justitie volgend jaar naar Paramaribo reizen voor de getuigenverhoren. Het hof in Den Haag bepaalde gisteren dat het openbaar ministerie Bouterse, voorzitter van de NDP, en zijn partijgenoot Graanoogst alsnog als getuigen moet horen. Het gaat om cocaïnehandel tussen de bende van L., leden van het vroegere Junglecommando, het leger en het Surinaamse ministerie van natuurlijke hulpbronnen.

De rechtbank in Rotterdam weigerde eerder dit jaar een verzoek tot het horen van deze getuigen omdat het rechtshulpverdrag tussen Nederland en Suriname was opgeschort. Het verdrag is sinds oktober van dit jaar weer in werking. Daarom moet een strafrechtelijk onderzoek in Suriname alsnog mogelijk zijn, zo oordeelde het hof. Behalve Bouterse en Graanoogst zou de Nederlandse rechter-commissaris nog dertien personen in Suriname moeten horen in verband met de zaak.

De rechtbank veroordeelde Kobus 'de zigeuner' in juni van dit jaar tot twaalf jaar gevangenisstraf en een miljoen gulden boete wegens onder meer handel in verdovende middelen vanuit Suriname. De verdachte heeft altijd gezegd dat hij eerlijke handel dreef met Suriname. Volgens verklaringen van een later doodgeschoten getuige bleek dat ambtenaren van het ministerie van natuurlijke hulpbronnen, leden van het Junglecommando en het leger zouden hebben meegewerkt aan een cocaïnelijn.

In Suriname vindt men het verhoor van Bouterse en andere getuigen “verloren tijd en moeite”. Minister Girjasing was gisteren niet bereikbaar voor commentaar. Hij verklaarde onlangs wel dat Bouterse niet zal worden uitgeleverd. De Surinaamse wetgeving biedt daartoe volgens hem geen mogelijkheid.