Frankrijk is tegen kandidaat Kooijmans

PARIJS/DEN HAAG, 23 NOV. De Franse regering is tegen de kandidatuur van oud-minister Kooijmans voor een plaats als rechter in het Internationaal Gerechtshof in Den Haag. Frankrijk heeft geen veto-recht, maar bemoeilijkt een eventuele benoeming daarmee aanzienlijk. De benoeming van Kooijmans is voor de Nederlandse regering een prestigezaak geworden na het echec met oud-premier Lubbers bij de NAVO.

Het is onduidelijk of de Franse opstelling mede is beïnvloed door de Nederlandse stem voor een anti-kernproefmotie in de Verenigde Naties. Parijs beklaagt zich in dat verband over 'een gebrek aan Europese solidariteit' en heeft voor gisteren en vandaag geplande ontmoetingen op het hoogste regeringsniveau met België en Italië afgezegd. Nederland, mede-oprichter van de Europese Gemeenschap, nu Unie, heeft zijn kritiek op de Franse kernproeven totnutoe discreet geuit, maar wel voor de motie gestemd.

Tijdens zijn speech voor de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties eind september in New York wees minister Van Mierlo (buitenlandse zaken) de kernproeven af zonder Frankrijk bij naam te noemen. In de Tweede Kamer heeft GroenLinks bij herhaling de regering verweten dat zij niet krachtig genoeg protesteert tegen de Franse kernproeven.

Volgens betrouwbare bronnen op het Franse ministerie van buitenlandse zaken steunt de Franse regering de kandidatuur van Kooijmans niet omdat Nederland een ongeschreven regel over het hoofd ziet: landen die een dergelijk belangrijk internationaal gerechtshof huisvesten hebben er niet ook nog eens rechters in. Parijs claimt met recht dat Nederland nog nooit een rechter heeft geleverd in het Internationaal Gerechtshof. Daar kan Den Haag alleen tegenover stellen dat in de voorloper van dit hof, het permanente Hof van Justitie, de Nederlandse volkenrechtgeleerde Loder tussen 1922 en 1930 zitting had.

Parijs is hogelijk verbaasd dat Nederland op grote schaal in buitenlandse hoofdsteden ijvert voor de benoeming van Kooijmans, zonder eerst te hebben getracht afschaffing van of een uitzondering op genoemde praktijkregel te bepleiten. Op het ministerie van buitenlandse zaken in Den Haag ontkent men op de hoogte te zijn van een regel die benoeming zou uitsluiten van rechters uit het 'thuisland' van een internationaal hof.