'Verdorie, onze kerk mag niet dicht'

BREDA, 22 NOV. “Voor parochianen is er niets zo erg als wanneer hun kerk wordt gesloten. Dat roept een gevoel van opstandigheid op. 'Mijn ouders zijn vanuit de kerk begraven; wij zijn er getrouwd', hoor je dan.” Dat zegt deken J. Aarts van Middelburg onder wiens jurisdictie het roomskatholieke deel van de provincie Zeeland valt. Toch zal in het diocees Breda, dat West-Brabant en Zeeland omvat, in de komende jaren ongeveer de helft van de 168 kerken worden gesloten en mogelijk worden afgebroken. Daarmee zal het silhouet van menige plaats ingrijpend veranderen.

De diocesane pastorale raad heeft van het bisdom het verzoek gekregen daarover een advies uit te brengen. Dat zal waarschijnlijk over een half jaar klaar zijn. Het gaat om kerken die goeddeels leegstaan door een nog altijd verder teruglopen van het aantal kerkgangers waardoor de inkomsten ook minder worden. “Parochies moeten estafettes organiseren om een lekkende goot te kunnen repareren. Kerkbesturen moeten zich in ieder geval zo veel materiële inspanningen getroosten dat de pastorale zorg er wel eens onder te lijden heeft”, zegt de woordvoerder van het Bredase bisdom.

De kerkelijkheid, gemeten aan het misbezoek in de weekeinden, ligt in het Bredase diocees op 12,1 procent tegen landelijk 13 procent. Vijfentwintig jaar geleden gingen er van de 2 miljoen ingeschreven katholieken nog 700.000 naar de kerk; nu zijn er dat nog maar 52.000. Veel van de kerken bereiken daardoor niet de bezettingsgraad die nodig is om rendabel te kunnen functioneren. Al in 1964 had het Kaski (Katholiek sociaal-kerkelijk instituut) erop gewezen dat een kerkgebouw alleen in stand kan worden gehouden als de bezettingsgraad 70 tot 85 procent is. In de meeste parochies in het bisdom Breda worden per weekeinde drie missen gevierd. Daar is de bezettingsgraad van het aantal zitplaatsen slechts 20 procent. Bij twee missen per weekeinde is 30 procent van de stoelen bezet. Waar slechts één eucharistieviering is, is de bezettingsgraad 60 procent.

Omdat gebleken is dat het probleem niet meer per parochie kan worden opgelost is er, aldus de bisdomwoordvoerder, een aanpak nodig op diocesaan niveau; vandaar de adviesaanvraag bij de raad. “Veel parochiebesturen zien er tegen op om zelf het besluit te nemen en roepen daarom steeds vaker de hulp in van de bisschop”, aldus de woordvoerder. Voor Midden-Zeeuws Vlaanderen, de streek rond Terneuzen, heeft het Kaski al aanbevolen om van de zeven hoofdkerken en twee bijkerken, er uiteindelijk drie over te houden - in Terneuzen, Axel en Sas van Gent. Een werkgroep bekijkt nu of en hoe men die aanbeveling zal opvolgen. “De uiterste behoedzaamheid”, aldus deken Aarts, “is vereist want de problematiek ligt uiterst gevoelig.”

Bisschop M. Muskens ziet er ook een 'uitdaging' in. “Als er efficiënter wordt bestuurd, parochies worden samengevoegd en er minder zorgen over de financiële lasten zijn, komt er meer energie vrij voor het werken aan vrede en gerechtigheid. We moeten voorkomen dat we straks wèl nog kerkgebouwen maar geen beminde gelovigen meer hebben”, aldus de bisschop.

Sluiting en sloop van kerken leidt vaak tot hevige emoties. Deken Aarts verwacht in dorpen meer problemen dan in steden. Hij was gisteren nog in het plaatsje Eede in het zuidwesten van Zeeuws Vlaanderen waar naar alle waarschijnlijkheid de parochiekerk zal verdwijnen. De parochianen zullen dan naar Aardenburg moeten. “De weerstand in Eede is erg groot. De mensen zeggen: verdorie, onze kerk mag niet weg”, aldus de deken. Het bisdom kan zich nog maar al te goed het juridisch getouwtrek herinneren dat het gevolg was van een besluit tien jaar geleden om de Bredase H. Hartkerk te sluiten. Deze kerk is uiteindelijk in bezit genomen door een krakerscollectief. In een andere Bredase parochie daarentegen, te weten de Samen op Wegkerk in de Haagse Beemden, kregen de katholieken, zoals de woordvoerder het uitdrukt, een hoekje bij de protestanten. Wat volgens hem nog goed voor de oecumene is ook, “want die protestanten schrikken niet eens meer van het Mariabeeld”.