Tomeloos en onstuimig jaar voor Wall Street

AMSTERDAM, 22 NOV. Gemiddeld elke vier dagen een nieuw record. De effectenbeurs van Wall Street is dit jaar tomeloos en onstuimig. In februari nam de Dow Jones beursindex, de meest gebruikte barometer van de Amerikaanse aandelenmarkt, al de horde van 4000 en gisteravond sloot de Dow voor het eerst in de geschiedenis boven de 5000-grens.

Wat gaat er schuil achter de fenomenale opmars van de Amerikaanse aandelenkoersen, terwijl de belangrijke andere effectenbeurzen, zoals die in Tokio, op verre afstand blijven? Is het de Amerikaanse rentedaling van de laatste maanden? De overnamegolf in het bedrijfsleven? Of zijn Amerikaanse beleggers bevangen door een vlaag van massa hysterie?

Volgens prof.dr. J. van Duijn, lid van het beleidscomité van Robeco (70 miljard gulden beleggingen), zijn de lage rente en de sterke winstgroei in de eerste twee kwartalen van de bedrijven de drijvende kracht. Deze winststijging neemt volgens hem nu duidelijk af en zal volgend jaar maximaal nog 5 à 10 procent bedragen. “Dat baart zorgen”, aldus Van Duijn. “Hoewel het echt gissen is, zou een correctie op Wall Street de komende maanden heel begrijpelijk zijn”.

De verklaring ligt in het rentescenario van de Amerikaanse centrale bank (de Federal Reserve Board) zegt mr. P.S. Zwart directievoorzitter van GIM, een Nederlandse beheerder van zo'n 4 miljard gulden vermogen van particuliere en professionele beleggers. Daarvan is een derde in aandelen belegd.

Het hosanna in het mekka van het kapitalisme vindt op andere financiële markten in de wereld een verdeeld onthaal. De Amsterdamse beurs, die traditioneel in het kielzog van Wall Street op en neer gaat, verroerde zich vanochtend nauwelijks. De beursindex, die overigens vlak onder zijn eigen recordniveau schommelt, stond vanmiddag op een schamel verlies op 461, twee procent onder zijn recordstand. In Japan is het daarentegen kommer en kwel. Wantrouwen in het financiële bestel typeert de stemming. In Tokio staan de koersen op de helft van de toppen die zij aan het eind van de jaren tachtig bereikten.

De Amerikaanse aandelenmarkt is volgens Van Duijn momenteel knap duur. “Het dividendrendement ligt met 2,3 procent op een historisch laagtepunt. En het aantal aandelen dat de stijging van de beursindex draagt wordt steeds kleiner. Onder de oppervlakte is er geen duidelijk leiderschap. Dat geeft een onrustig beeld. Als de beleggers stug blijven kopen kan het gevaarlijk worden. Dan krijg je een hype, raakt de beurs zwaar overgewaardeerd en dreigt hetzelfde als in 1987. Maar voor hetzelfde geld gaat het goed.”

Ook GIM-directeur Zwart is voorzichtig. “Het is zeer goed mogelijk dat we de komende maanden een correctie krijgen, ik schat van zo'n procent of tien. Daarna zal de markt weer aantrekken”. De laatste grote koersval op de aandelenmarkt op een dag is al weer zes jaar geleden, toen de Dow Jones index zeven procent daalde. De laatste echte beurskrach was twee jaar eerder, op 19 oktober 1987, toen de Dow Jones met 22 procent daalde. In een felle flits zagen banken en beleggers het einde van vijf jaar onafgebroken stijging van de aandelenkoersen. Zo heftig als toen is het niet meer geweest, al spraken beurshandelaren ruim anderhalf jaar geleden van een uitgesmeerde beurskrach toen de renteverhogingen van de Federal Reserve de financiële markten dag na dag omlaag trokken.

Pag.18: Lage rente hand in hand met fusiegolf

Zwart verwacht ingrijpen van de Amerikaanse centrale bank om dit sombere scenario te weerstaan. De economische groei in de VS is inmiddels zover afgezwakt, dat er een lichte recessie kan ontstaan als de Federal Reserve niet de rente verlaagt. Toen de Dow negen maanden geleden de magische 4.000-grens doorbrak, kon voorzitter Alan Greenspan van de Federal Reserve vergenoegd in zijn handen knipjpen. Niet vanwege het beursrecord, maar omdat de voortdravende economische groei tot rust kwam.

De renteverhogingen in 1994 van de Federal Reserve hadden effect gesorteerd. De economische groei zwakte af, het inflatiegevaar was beteugeld. De Amerikaanse economie belandde in rustig vaarwater met een gematigde groei van zo'n 2 procent à 2,5 procent en nauwelijks inflatie. De gewenste “zachte landing” van de economie was een feit. De kapitaalmarktrente is sinds februari gedaald van 7,7 procent naar 5,9 procent nu. Dat lijkt op het oog niet zoveel, maar komt wel overeen met een procentuele daling van de prijs van geleend geld met bijna 25 procent. Rentedalingen stimuleren de obligatiemarkt, stimuleren investeringen en stimuleren de winstgevendheid van het bedrijfsleven. Zwart voorziet dat de Federal Reserve op korte termijn de rente zal verlagen om een recessie in de kiem te smoren. Volgende maand vergadert het beleiedsbepalende comité van de centrale bank, de Federal Open Market Committee.

De uiterst gunstige trend in de rentestand gaat gepaard met een spetterende fusie- en overnamemarkt. De Amerikaanse zakenbank Morgan Stanley verwacht dit jaar voor enebedrag van 439 miljard dollar aan fusies en overnames, bijna 100 miljard meer dan in 1988, toen de 'wilde jaren tachtig' hun piek hadden. Lokken de stijgende beurskoersen overnames uit of speculeren beleggers op nieuwe overnames en drijven zij daarmee de beurskoersen op? Duidelijk is in elk geval dat de fusie activiteiten onstuimig zijn: in de media, in de bankwereld, in de geneesmiddelen en - vorige week nog - in de luchtvaartindustrie tussen Boeing en McDonnell Douglas.

Omdat overnames voor een aanzienlijk deel in geld worden betaald, moeten de particuliere aandeelhouders en de professionele vermogensbeheerder elke keer weer een nieuwe belegging zoeken. En tot nu toe blijven zij allebei in aandelen beleggen en daarmee de koersen opstuwen. Particulieren hebben hun aandelenbeleggingen als percentage van hun totale bezittingen de afgelopen vijf jaar verdubbeld tot 32 procent. Sinds de jaren zestig, de voorlaatste periode van een aandelenhausse, was dat niet zo hoog. Zolang de overname manie voorduurt, krijgen beleggers voldoende geld om de hausse te laten voortduren, denkt Byron Wien van Morgan Stanley.“Het geld lijkt aanwezig voor de euforische finale die deze uitzonderlijke periode verdient.”