Doebinin chef van centrale bank Rusland

MOSKOU, 22 NOV. Het Russische parlement heeft vanmorgen de benoeming goedgekeurd van voormalig waarnemend minister van financiën Sergej Doebinin tot president van de Centrale Bank.

Hiermee heeft Rusland voor het eerste sinds de roebelcrisis van oktober 1994 weer een bankpresident die niet alleen 'waarnemend' is.

Doebinin, die was voorgedragen door president Jeltsin, kreeg de steun van 338 van de 450 parlementariërs. Slechts één afgevaardigde stemde tegen. De nieuwe bankpresident, die voor vier jaar is benoemd, had vantevoren aangekondigd het huidige beleid voort te zetten maar ook opgeroepen tot meer 'openheid' bij de Centrale Bank.

De 44-jarige Doebinin staat bekend als een hervormingsgezinde technocraat. Het grootste deel van zijn werkende leven heeft hij doorgebracht aan de economische faculteit van de Moskouse universiteit. In maart 1993 werd hij onderminister van financiën onder Boris Fjodorov. Een jaar later werd hij waarnemend minister van financiën, nadat Fjodorov samen met Jegor Gajdar was afgetreden na de nederlaag van de hervormingsgezinde partijen bij de parlementsverkiezingen van december 1993.

Het werd destijds als typerend voor de positie van Doebinin beschouwd dat president Jeltsin en premier Tsjernomyrdin hem nooit van waarnemend tot volwaardig minister hebben gemaakt. In oktober 1994, toen de roebel op een dag bijna een kwart van zijn waarde verloor, werd de waarnemend bewindsman samen met de toenmalige president van de Centrale Bank , Viktor Gerasjtsjenko, ontslagen. Doebinin heeft sindsdien gewerkt bij de commerciële bank Imperial, alwaar hij de financiële zaken behartigde van Gazprom, 's wereld grootste gasproducent. Gazprom is grootaandeelhouder van Imperial en was jarenlang werkgever van Tsjernomyrdin. Sinds september van dit jaar zit Doebinin in de raad van bestuur van Gazprom.

Doebinin, op de televisie en foto's te herkennen aan zijn baard, volgt Tatjana Paramonova op, de vrouw die sinds de roebelcrisis van 1994 waarnemend president van de Centrale Bank was. Zij werd eerder deze maand door Jeltsin opgegeven nadat haar kandidatuur twee keer door het parlement was verworpen. Paramonova heeft het afgelopen jaar mede vorm gegeven aan het relatief strenge financiële beleid van de regering-Tsjernomyrdin, hetgeen haar lof opleverde van het Internationale Monetaire Fonds. Zij had in het parlement echter vijanden gemaakt met haar even strenge beleid jegens Ruslands meer dan 2000 commerciële banken, die zij in tegenstelling tot haar voorganger Gerasjtsjenko weigerde met soepele kredieten te hulp te komen. Verscheidene afgevaardigden zijn voor hun herverkiezingscampagne afhankelijk van steun van banken.

De vervanging van Paramonova door Doebinin komt op een moment dat de Russische regering het minder nauw lijkt te nemen met haar eigen financiële doelstellingen. In oktober nam het maandelijkse tekort op de begroting ineens toe tot 8,3 procent van het bruto nationaal produkt, terwijl het de maanden daarvoor steeds rondom de 3,5 procent zweefde. Sommige waarnemers brengen de extra uitgaven in verband met de naderende parlementsverkiezingen van 17 december.

Premier Tsjernomyrdin, lijsttrekker van de door hemzelf opgerichte beweging Ons Huis is Rusland, heeft de afgelopen dagen openlijk omvangrijke hulp beloofd aan de strijdmachten, de media en aan de tienduizenden Russen die geld hebben verloren door waardepapieren te kopen van dubieuze investeringsfondsen. Volgens de onafhankelijke televisiezender NTV had zelfs “niemand Rusland in de afgelopen vijf jaar meer beloofd dan Viktor Tsjernomyrdin in de afgelopen week”. ORT, de nationale zender die voor 51 procent in handen is van de overheid, vond dat “volgens deskundigen, de premier enkele zeer sterke zetten heeft gedaan met betrekking tot het aantrekken van kiezers”.

De begroting voor 1996 is vorige week door het parlement in eerste lezing aangenomen ( er volgen er nog twee) maar pas nadat de regering ook weer extra uitgaven had toegezegd voor de landbouw, sociale uitkeringen en het leger.