Hockeyploeg in problemen na wanvertoning tegen China

ROTTERDAM, 21 NOV. Hockeybondscoach Tom van 't Hek is gisteren in woede ontstoken na de teleurstellende 2-2 van zijn ploeg tegen China. Hij sprak in Kaapstad over “een wanvertoning”. De derde al in vier wedstrijden, zo stelde Van 't Hek keihard vast. “Als we zo hockeyen hebben we bij de Olympische Spelen helemaal niets te zoeken.”

Nederland moet tijdens het olympisch kwalificatietoernooi, waaraan acht landen meedoen, bij de eerste vijf eindigen om Atlanta te halen. Oranje neemt nu de vierde plaats in. Nummer vijf Korea heeft een punt minder, maar met een wedstrijd minder gespeeld. Ook China en Zuid-Afrika staan slechts een punt op Nederland achter. Alleen Canada is na het verlies tegen het thuisland uitgeschakeld. “We zitten dus in een moeizame positie”, concludeerde Van 't Hek. De bondscoach leek radeloos. “Dat ben ik misschien ook wel.”

Nederland moet nog tegen het zwakke Canada spelen, tegen Duitsland en morgen tegen Groot-Brittannië. “We hebben nog minstens drie punten nodig”, rekende Van 't Hek uit. “Ik denk overigens wel dat we het zullen halen”, bekende de bondscoach later. “Maar als we zo hockeyen verdienen we het niet. We horen gezien onze kwaliteiten bij de betere hockeylanden van de wereld. Alleen laten we dat hier niet zien. Dat kunnen we blijkbaar niet opbrengen. Dit is heel wat anders dan thuis in de hoofdklasse spelen.”

Van 't Hek zal zijn functie ter beschikking stellen als Nederland zich niet voor Atlanta kwalificeert. “Dat zou de grootste teleurstelling in mijn loopbaan betekenen.” Het zag er allemaal zo rooskleurig uit toen de ploeg in juli Europees kampioen werd. “We rekenen ons bij de top, maar in werkelijkheid zijn we daar ver van verwijderd”, sprak Van 't Hek.

Oranje speelde gisteren in het winderige Kaapstad slap tegen China. De technisch veel betere Oranje-ploeg had weliswaar een veldoverwicht, maar de combinaties stokten omdat de tegenstanders in de beslissende duels feller waren. De boze Van 't Hek: “Een wedstrijd heet niet voor niets een wedstrijd. Een wedstrijd tegen China is een gevecht per linie om de bal verder te krijgen.”

China kwam twee keer op voorsprong. In beide gevallen stuntelde de Nederlandse defensie. Bij de eerste goal gaf Marlies Vossen spits Huiping Yang veel te veel vrijheid. In de tweede situatie lieten drie verdedigsters de bal over hun stick glijden, kwam de bal op de paal en kreeg China een strafbal omdat Willemijn Duijster in de baan van het schot viel. Yang, weer zij, benutte de strafbal.

De bondscoach was na afloop vooral ontstemd over Vossen. “Ze waande zich in pretpark Walibi”, zei de coach over de voorstopper. Vossen werd in de 24ste minuut vervangen. Van den Boogaard kwam voor haar in de basis. Inclusief de twee Chinese treffers heeft Oranje dit toernooi in vier wedstrijden al negen tegendoelpunten geïncasseerd. Van 't Hek: “Het is niet alleen de schuld van de verdediging, maar van het hele team. Verdedigen begint bij de aanvalsters. Voorin verliezen we alle duels.” Tegen China was Noor Holsboer de enige speelster die goed hockeyde. Zij toonde zich als vanouds een rots in de branding.

Nederland maakte twee keer snel de achterstand goed. Ellen Kuipers zorgde met een tip-in voor 1-1 en aanvoerster Wietske de Ruiter voor 2-2. Ze benutte een strafcorner. Oranje kreeg er in totaal liefst dertien, maar maakte niet voldoende gebruik van deze mogelijkheden. De Ruiter pushte in de slotfase nog wel een keer op de lat.