Ruime achterstand Ritsma op schaatsers van kernploeg

DEVENTER, 20 NOV. Met camera's stonden ze hem bij de kleedkamer op te wachten, meisjes van dertien, veertien jaar met lipstick en oogschaduw. Allemaal wilden ze op de foto met hun idool, de gebronsde Rintje Ritsma. Dat hij op z'n zachtst gezegd matig had gepresteerd bij de opening van het nationale schaatsseizoen in Deventer, interesseerde de fans niet. Zoals het ook de Europees en wereldkampioen zelf ogenschijnlijk niets deed dat hij op een vijfde plaats in het eindklassement was geëindigd, ruim achter winnaar Martin Hersman.

Ritsma had natuurlijk gelijk toen hij na afloop van de afsluitende 1.500 meter zei dat de gewestelijke wedstrijden om de IJsselcup “niet belangrijk” zijn. Maar in vergelijking met precies een jaar geleden is de Fries beduidend minder ver in zijn trainingsopbouw. Toen, aan de vooravond van het meest succesvolle seizoen uit zijn schaatscarrière, schreef hij de IJsselcup op overtuigende wijze op zijn naam.

Afgelopen zaterdag daarentegen kon Ritsma geen moment imponeren. Op de eerste 500 meter werd hij zevende in 39,79 seconden, precies dezelfde tijd die hij reed op de tweede 500 meter, maar die toen slechts goed was voor een tiende positie. Op de 1.500 meter bleef Ritsma de evenmin sterk rijdende Falko Zandstra ruim voor, maar hij moest met 2.02,97 meer dan drie seconden toegeven op winnaar Hersman.

Ritsma maakt dit seizoen geen deel uit van de kernploeg van bondscoach Henk Gemser. Afgelopen zomer besloot hij met oud-bondscoach Wopke de Vegt zijn eigen weg te gaan. Volgens De Vegt heeft Ritsma door alle perikelen met de bond een trainingsachterstand van drie weken opgelopen. “Maar het seizoen is nog maar net begonnen. Zo eind december, begin januari verwacht ik dat hij weer behoorlijk scherp zal zijn”, zei De Vegt zaterdag bij de wedstrijden om de IJsselcup, die zoals vrijwel ieder jaar ook deze keer werden overschaduwd door bestuurlijke en commerciële beslommeringen.

Zo keken De Vegt en Gemser al vooruit naar komende donderdag, wanneer in Utrecht het kort geding plaatsheeft dat de alternatieve ploeg van Ritsma tegen de schaatsbond heeft aangespannen. Omdat Gemser in september van dit jaar al had laten weten zich niet meer met de uit zijn kernploeg gestapte wereldkampioen te willen bemoeien, verzorgt De Vegt ook bij internationale wedstrijden de coaching van Ritsma. De KNSB vindt dat De Vegt daarbij net als zijn pupil de kleding van de schaatsbond moet dragen. De coach wil echter in het pak van een sponsor langs de baan staan.

De Vegt, die al heeft laten weten zich aan de uitspraak van de rechter te zullen conformeren, noemt de inzet van het kort geding “puur zakelijk”. “Ik ben alleen op papier partij.” In tegenstelling tot Gemser zal hij daarom niet bij de rechtszitting aanwezig zijn. De bondscoach wil wel zelf zijn zegje doen, omdat volgens hem de belangen van de KNSB op het spel staan. “En die dienen de hele schaatssport”, vindt Gemser, die het kort geding wel “een zeer storend element” noemde in de voorbereiding op de eerste Wereldbekerwedstrijd, komend weekeinde in Berlijn. Door zijn aanwezigheid in Utrecht vertrekt de bondstrainer later dan zijn schaatsers naar Duitsland.

Overigens zwakte Gemser zijn eerdere uitlatingen over de coaching van Ritsma dit weekeinde weer af. De bondscoach “wil best een bord met rondetijden” voor hem ophouden of de schaatser bijstaan in een eventueel conflict met een scheidsrechter. “Want ik ben toch teveel een vakman om hem te laten prutsen”, zei Gemser. Gemser oordeelde overigens dat de wereldkampioen in Deventer heel matig had gepresteerd. “Maar als het er straks echt om gaat, zal hij wel weer meedoen voor de eerste plaats.”

Ritsma zelf denkt er net zo over. “Ik ben later begonnen dan de andere jongens, maar het seizoen is nog lang. Deze wedstrijd telt niet, pas vanaf januari moet je hard rijden.”

De schaatsers uit de verschillende kernploegen trokken zich in Deventer weinig aan van alle onenigheid tussen Ritsma, De Vegt en de bond. Sprinter Gerard van Velde reed twee goede 500 meters. Net als Ids Postma, die in de eindstand om de IJsselcup Martin Hersman wegens een mindere 1.500 meter maar net voor moest laten gaan. Van Velde eindigde op de derde plaats. Na een ronduit slechte 1.500 meter (twaalfde in 2.04,81) moest Zandstra genoegen nemen met een vierde positie. Volgens Gemser presteerde de Friese oud-Europees en wereldkampioen beneden zijn niveau omdat hij “nog niet bij het toetsenbord kon komen”.

Bij de vrouwen schreef Sandra Zwolle de IJsselcup op haar naam. Op de beide 500 meters moest de Nederlands kampioene op de marathon van vorig seizoen alleen sprintster pur sang Christine Aaftink voor laten gaan. Op de afsluitende 1.500 meter was Zwolle in 2.14,46 minuten echter veruit de snelste. Tonny de Jong werd tweede in de eindrangschikking, Marianne Timmer derde en Aaftink vierde.

De winnares van vorig jaar, Annamarie Thomas, verscheen in Deventer niet aan de start. De schaatster, die vorig seizoen verraste met een tweede plaats op het EK en een derde op de wereldkampioenschappen, kampt al enige tijd met een rugblessure. Bondscoach Ab Krook van de vrouwen-kernploeg verwacht dat Thomas komend weekeinde bij de Wereldbekerwedstrijden in Berlijn weer van de partij zal zijn.