EDWIN SCHIMSCHEIMER OVER Willeke

Theaterconcerten Willeke Alberti: 25/11 in de Schouwburg in Tilburg en 28, 29 en 30/11 in theater Carré in Amsterdam. Cd De brug: Red Bullet RB 66 112

“Van het Songfestival vorig jaar ben ik behoorlijk kapot geweest. Ik dacht dat ik langzamerhand een behoorlijk gevoel had opgebouwd voor de manier waarop je iets muzikaal het best over het voetlicht kunt krijgen, maar met Waar is de zon ging het helemaal verkeerd. Ik geloof dat Willeke het zelf niet eens zo erg vond, maar voor mij was het een dreun dat je dus zó de plank kunt mis slaan. Buitenlanders zagen een oudere mevrouw die ze niet kenden, een gedragen lied zingen in een taal die ze niet verstonden. En blijkbaar vonden ze mijn melodie ook niet zo interessant. Ik ben het daar niet mee eens, maar het zij zo. Ik weet eigenlijk nog steeds niet precies wat er mis is gegaan.”

Edwin Schimscheimer (35) is producer en componist van populair repertoire voor vedetten als Paul de Leeuw, Ruth Jacott en Willeke Alberti. Vorige week verscheen bovendien de cd De brug, waarop hij voor het eerst zelf zingend is te horen in nieuwe liedjes op teksten van Coot van Doesburgh. Samen met haar was hij ook betrokken bij de samenstelling van de theaterconcerten van Willeke Alberti, waarvan hij tevens de musical director is.

“In mijn ogen is Willeke altijd een waardige zangeres geweest. Ik heb haar, in tegenstelling tot veel andere mensen, nooit als volks gezien. Voor mij was ze nooit zomaar een Losse Groeven-zangeresje. Daarom vond ik het aanvankelijk een raar idee dat zij aan het Songfestival zou meedoen - dat platte paste niet bij haar. Je kunt haar ook niet zomaar alles laten zingen, het moest echt een maatkostuum worden. Ik heb geprobeerd aan te sluiten bij haar grootste succesliedjes en toch iets origineels te maken.

“Haar timing is onnavolgbaar. Probeer het maar eens heel precies na te zingen, dat lukt je niet. Het verschilt ook per avond. Ik heb wel eens tegen haar gezegd: Wil, ik speel hier aan de piano gewoon door hoor, ik wacht niet op je. Maar het wonder is dat het toch altijd weer exact goed uitkomt. En vraag haar niet hoe ze het doet, dan zou ze doodongelukkig worden. Het komt gewoon zoals ze het voelt. Dat is ook haar grote kracht, vind ik: als zij een nummer zingt, gelooft ze daar heilig in en maakt er háár belevingswereld van. Als de tekst luidt: je staat bij de voordeur - dan stáát er ook iemand bij die voordeur. Ze trekt het helemaal naar zich toe.

“De populaire muziek van nu is vaak vooral een sound-kwestie, met het ritme als bepalende factor. Maar bij Willeke hoort dat niet. Als ik voor haar arrangeer, neig ik veel meer naar iets klassiekers: strijkers, een hobo, een French horn. Die klank moet bij de concerten voornamelijk uit de keyboards komen, want om budgettaire redenen kunnen we niet verder gaan dan een vijftienmansorkest. Eigenlijk zou ze een orkest van vijftig man moeten hebben, dan is Willeke op haar mooist.

“Zelf vindt ze Waar is de zon nog steeds een van haar fijnste nummers. Ze zingt het ook tijdens de concerten. Eerst komt er een inleidend praatje waarin ze er een beetje lacherig over doet - en daarna zingt ze het, héél mooi.”